Speeltuin

Het voelt vreemd.
Het lijkt zo lang geleden dat ik een blogbericht schreef. Ik merk dat ik er op dit moment niet helemaal zin in heb maar soms is het gewoon een kwestie van DOEN. Twee mensen gaven me aan dat ze stiekem op de blog kwamen kijken of ik toch niet het één of ander had geplaatst. Grappig. Maar tijdens mijn cursusweek had ik amper internetverbinding en ook amper GSM bereik. Dat wende overigens wel snel. We hebben ook keihard gewerkt. Los van de strakke uren die voorzien waren voor het ontbijt, lunch of avondeten, werd de rest van de uren voornamelijk ingevuld met script schrijven en bijschaven, opnemen en monteren. Verslavend…vermoeiend ook. Maar ik heb heb het er vrij goed vanaf gebracht. Best tevreden over mijn creatie en meer dan tevreden met hoe ik me doorheen de week heb gevoeld.

Toegegeven, ik ging niet zoals mijn twee kamergenoten of de meeste andere cursisten nog tot een stuk in de nacht iets drinken, dansen of …vuile praat uitwisselen. Vuile praat waar ik de restanten van mocht oppikken de dag erna. Mijn vocabularium is alvast een stukje uitgebreid, maar daar zwijg ik hier maar stil over 😉

Op de twee laatste dagen na heb ik niets van de les geskipt om tijd te nemen voor rust of om eens goed verdriet of woede weg te leiden. Dat laatste hebben mijn matras en hoofdkussen wel stiekem geweten en mijn gebit dat ik stevig op elkaar hield om het niet alsnog uit te schreeuwen.
Een mens zou denken dat ik niet normaal ben. Dat zou ik pas lastig vinden 🙂
Mijn lichaam schreeuwde om ‘loslaten’. Ik heb het de ruimte gegund die het nodig had.
Morgen weer lichaamstherapeut. Ben benieuwd wat zich aandient…of wat er afscheid neemt.

En mijn creatie…ga ik op deze stek niet delen. Niet elke lezer zou ze begrijpen of kunnen appreciëren denk ik.
Het script ligt volgens mij trouwens veel dichter op mijn huid dan ik me van bewust ben…
Getuige de pijn, verdriet en woede-opstoot, die paar uren waar ik ruimte nam. Maar genoeg daarover.
Ik weet zelfs niet of mijn hypothese klopt…of mijn lichaam en creatie inderdaad ‘onbewust weten’ spreken.

Nu eens denken hoe ik het geleerde ga onderhouden. Met creaties die ik hier tussen blogs zou kunnen plaatsen als losse stukken. Net zoals ik af en toe gedichten plaats…dan nu af en toe een audiodrama´tje. Of op een aparte stek. Wil ik veel speeltuinen? Mmh…of hou ik mijn audiocreaties privé? Time will tell.
Ik ga me wel wat informeren over (de huur van) goed opnamemateriaal om de straat mee op te gaan. Heb al wel een ideetje voor een script…Het zal ook niet voor elke dag zijn. Misschien moet ik me een voornemen maken. Bijvoorbeeld elke maand een creatie van een paar minuten. Dat moet wel lukken denk ik.
En dan nog mijn cursus tekenen en die andere cursussen die nog staan te wachten.

Verdorie toch…waarom ben ik toch zo´n nieuwsgierige speelvogel?
Ik weet het eigenlijk wel, om de glimlach die om mijn mond krult als antwoord op die vraag 🙂

Wow…dat was fijn. Ik hoorde net geklop en keek richting koertje. Alles blijkt avondrood te kleuren. Zo mooi. Ik wou me voor deze schrijfsessie aan een tafeltje met uitzicht op mijn koertje zetten maar blijkbaar heb ik daar geen internet. Ik ben al een aantal weken een noodoplossing aan het gebruiken bij gebrek aan goed functionerend eigen materiaal. Ik zou niet liever dan louter huur betalen voor internetverbinding, in plaats van eigen materiaal aan te kopen waar je dan zelf moet zorgen voor de kwaliteit. Nu ja…Het geklop kwam trouwens van de buren. Het kijken deed me lokaliseren 🙂

Misschien mag de dag zich afronden.
Met een gedichtje bijvoorbeeld.

de avond bloost naar morgen
hij rondt zich af in rode gloed

een nacht die wat verkoeling geeft
mag de nieuwe ochtend borgen

Woordenwissel

En ja, ik ben weer terug. En ik heb net tegen mezelf gezegd dat ik weer iets te snel uit de startblokken schiet. Ik voel het aan de spanning in mijn nek. Dus neem ik nu rustig de tijd om het handvol attente mensen dat me een berichtje stuurde in de dagen dat ik me weer helemaal onzichtbaar waande hier te eren.  Ziek en plat…het lijkt alweer ver weg.

Mijn jongste dochter, die haar agenda erbij nam om tijd te maken voor mama, die op een afgesproken avond zal koken voor haar volgende week. En daar nu al naar uitkijkt. Voor de foto met vitaminerijk fruit. Die ik echt wel grappig vond en goed aansloot bij mijn virale noden. Meer nog, ik heb de reflex weer te pakken om naar fruit te grijpen doorheen de dag. Pakken en grijpen, hoor mij. Gulzig taalgebruik. Dankjewel X 🙂

Het herstel’genot’ dat Y me wenste via sms. En de welverdiende nachtrust. Die nachtrust was geen probleem, dat herstelgenot was meer ‘wervelgesnot’ :-).  Die me nu net ook een fijn berichtje stuurde waar ik zo meteen op reageer met verwijzing zodra mijn nieuwe creatie annex dit blogbericht klaar is.

Mijn co-begeleidster van de cursus herstelschrijverij, die ik alleen het bos in heb gestuurd, maar die heeft ongetwijfeld de koekjes en thee zorgzaam bij oma gebracht. Ik ben zeker dat ze op het paadje bleef ook, behalve om bloemetjes te plukken dan. Het woord ‘liefde’ stond in haar bericht. En het voelde compleet en helemaal juist en zacht aan.  Ik stuurde al een berichtje. Hopelijk attent genoeg.

Mijn lieve mama, die zich niet wil opdringen en dus het initiatief aan mij overlaat om contact op te nemen en/of hulp te vragen. Mijn beste vriendin die heel geduldig wacht tot ik weer klaar ben om af te spreken. Morgenvroeg dus. Z, met wie ik een afspraak moest annuleren. En O, omdat hij zo geduldig en attent is. En helemaal in mij gelooft en in het proces dat ik doorloop…kruip…worstel. Overwin dus, straks.

Mijn collegaatjes die even naar me uitreikten met lieve woorden. Ik zal maar geen kus geven dinsdag zeker 😉 Omdat kussen op het werk wel niet in het arbeidsreglement zal staan als toegelaten activiteit…

Ik ben ook de stad in gegaan vandaag. Omdat ik nog wasmiddel nodig had dat ik eigenlijk zelf zou maken en ik weer op de lange baan schuif. Bang voor de waskracht. Wat me eraan herinnert dat de wasmachine klaar is met haar eerste lading voor dit weekend. Wow, 21u al zie ik…

Ik heb dus in de stad ook twee kaartjes gekocht. Nu ja, eigenlijk vier, maar twee om mijn kinderen een ruggensteuntje aan woorden te geven in aanloop naar hun examens. Die envelopjes staan al klaar. Dan eentje voor mezelf, omdat ik dat ook wel fijn vind, mijn eigen woorden. En één onbestemd. Voorlopig.

En ik ben ook een terrasje gaan doen. Met mijn winterjas aan. Kringloopwinkel bezocht, wat gekocht en iets gaan afprinten in de bibliotheek. Niet noodzakelijk in die volgorde trouwens.

Misschien moet ik het hier maar bij laten voor nu. Was te drogen hangen. Dag afsluiten. Streepje inlezen en bijtunen. Dit was negentien mei.

 

 

 

En…daar gaat ze weer

Verdorie toch.

Zijn we weer vrijdag, net een week nadat ik al een behoorlijke klop van de hamer opmerkte en vastzittend slijm zich aandiende.
Ik las het in het einde van mijn blogbericht over Tata Tovertante. Heb ik er dus een week over gedaan om weer wat opening te vinden in adem en gemoed.

Zo ziek heb ik me al lang niet meer gevoeld. Mijn gebruikte papieren zakdoeken waren echte kunstwerkjes.
En mijn gemoed…
Nu ja, ik ging wellicht, na zo´n lange ‘vlotte periode’, een klein beetje hopen dat de grootste somberheid nu wel door is. Dat ik het ergste leed op de therapietafel heb achtergelaten. In een hopeloze bui heb ik mijn therapeut laten weten dat ik even pauze wil. Mijn afspraak van volgende donderdag afgezegd.
En dan te weten dat hier en op het werk een hoop ligt te wachten. Het lucht niet bepaald op. Maar de zon schijnt en ik schrijf.

Het stemt me hoopvol dat ik weer aan het schrijven ben.

Wat nu? Een verlengd weekend.
Mijn jongste is daarstraks langsgekomen om samen met mij haar belastingen in te vullen op tax-on-web. Zoals ik verwachtte gaf ze aan dat ze van nu tot na de examens bij papa zal studeren. Ruimte en een huis voor haar alleen. Ik dacht het en toch raakt het me. Extra omdat ik verzwakt ben. Voor haar en zus doe ik mijn best, kook ik, zorg ik dat de wasmand leeg blijft en er genoeg borden zijn.
Niet mijn favoriete bezigheden, daar niet van. Maar het lijkt of ik mezelf de moeite niet vind om voor te zorgen.
Deze week is mijn ma één keer de afwas komen doen. En ik heb de tussentijd op deze blog opgevuld met oude toepasselijke gedichtjes. Geen audio, het zou er toch maar met horten en stoten en super-hees uitkomen. Dadelijk ga ik wel een poging doen. En meteen ook vorige berichtjes van wat stem voorzien. Als het te doen is tenminste. Zou je kunnen filteren op een verstopte neus?
Ziedaar. Zowaar een vleugje humor.
Zucht…wat kom ik van ver. Van bed naar zetel naar medicatie. Hoestend en huilend. Oh kijk, ook die pijn in mijn rug lijkt opgelost.

Er zit nog wel verdriet. Het zit te duwen. En er zat woede ook. En in plaats van ze te uiten keerde ik ze naar binnen. Dat is niet ok en dat besef ik.

Oh ja, daar gaan we weer. Maar misschien zijn het tranen van opluchting. Dat het ergste weer door is. Dat ik nog leef. Dat ik zonet soep gemaakt heb voor mezelf en mijn kinderen gelukkig zijn.

Dat de zon schijnt.
Maar het beeld dat ik van mezelf heb…daar is nog werk aan, in de diepste duisternis.

Onderstroom

robert-collins-334404-unsplash

Photo by Robert Collins on Unsplash

Hoe het één en ander verzacht.

Het patroon herhaalde zich ook deze ochtend. Draaien en keren. Die negatieve energie zit behoorlijk vast. Me douchen helpt. Ik weet dat en toch stel ik het altijd een paar uur uit op een vrije dag omdat het zich aandient als een grote inspanning, zeker als ik ook fysieke pijn heb.

Een dankbare en enthousiaste mail krijgen van een jonge twintiger die mijn suggesties ter harte nam om van zijn verhaal een echt herstelverhaal te maken helpt ook. En tranen in de ogen krijgen omdat wat je leest helemaal klopt. Dankbaar ben ik dan. Dat geef ik dan ook met een portie zachtheid terug.

Tijdens het moeizame freewriting een berichtje sturen om een collega te benadrukken dat ook voor haar de lucht zal opklaren. En er dan bijdenken ‘en geloof je dat nu ook voor jezelf?’. Dat voelde ook juist. Omdat ik het meende en het oprecht hoop voor haar. En ergens ook wel weet voor mezelf. De enige constante is verandering.

Twee gedichtjes schrijven naar aanleiding van de geboorte van twee jongetjes, eentje van een collega-mama, een ander van een schrijfgenoot-mama. Wellicht hielp dat me nog het meest. Is het poëzie die me milder maakt. Stel u voor. Waarom schrijf ik niet eens een gedicht voor mezelf? Eentje om mij op te kikkeren als mijn energie vastzit. Eentje dat zeer subtiel port en prikt, zodat er beweging ontstaat in wat vastzit. Mijn eigen blogberichten herlezen helpt trouwens ook vaak, heb ik al gemerkt. Schrijven op voorschrift. Herlezen als onderhoudsbehandeling. Stilstaan om vooruit te gaan.

Gisterenavond heb ik wel goed gelachen met het in grappige bewoordingen gehulde gedichtje dat ik toegestuurd kreeg. En ook nu nog doet het me glimlachen. Daarnet dacht ik er zelfs niet aan om het even te herlezen.
Een automatisch bericht telkens ik even vastzit.
Ping…’herinner je je die woorden nog?’…
Ping…’kijk eens terug naar’…
Ping…’herwonder je’…

De zon staat inmiddels vol aan de hemel. Dadelijk nog even buiten staan op mijn koer. Voelen en doorleven wat ‘buiten’ met me doet. Na de lunch een lange wandeling met een vriendin annex schrijfgenote. En kijk, ik merk nu ineens op dat waarover ik me al een aantal dagen zorgen maak, al enkele uren uit mijn gedachten is.

Ik heb wel een wens. Een verzoek.
Ik zou het fijn vinden om bij twijfel aan mezelf en mijn waarde, een subtiel signaal op te vangen dat me even een ander perspectief doet innemen.

Misschien moet ik daarvoor gewoon overschakelen op een ander niveau van luisteren. De wereld zit vol signalen om te vangen.
Hoe kan ik het incorporeren?
Training. Herhaling. Bevestiging.

Verzoek aan mezelf: sensoren aanzetten.
Wens: laat los wat je niet meer kan gebruiken.
Potentieel: onderzoek wat zich aandient.

Zo. Het gaat alweer.

Spelenderwijs

nathaniel-tetteh-300252-unsplash

Photo by Nathaniel Tetteh on Unsplash

Wat wil door mij geschreven worden vandaag?

Stel je voor dat er helemaal niets wil geschreven worden, dan zit ik hier schoon iets te beginnen zonder opbrengst straks. Waar moeten al die letters dan naartoe?
Technisch werkloos.

Gisteren kreeg ik een sms van mijn baas met één woord: ‘visionair’.
Dit nadat ik hem de link naar een oud blogbericht over Eerste Hulp bij Psychisch Ongemak had ge-smst om na ons auto-gesprek van vrijdag aan te tonen dat ik het was die ooit ergens dat idee had gelanceerd waar hij nu blijkbaar mee aan de slag gaat.
(Heet dat dan ook delegeren als het in de omgekeerde richting is zonder dat je het uitspreekt? Haha…)
En dat ik me eindelijk verder wil verdiepen in ‘luisteren’ vertelde ik ook vrijdag, wat me in 2015 blijkbaar al bezighield, getuige datzelfde blogbericht.

En ik beantwoordde zijn sms met ‘Vis on air’, omdat ik dat een grappige woordspeling vond en ik anders niet zou weten hoe ik moest reageren op dit compliment.
Zeg je dan ‘dank je?’
Eén bericht verder rondde ik af dat ik mijn blik op mijn afwas ging werpen.
Om te zien wat er opborrelde naast vieze geurtjes, maar dat schreef ik er niet bij. Dat is hier en nu dichterlijke vrijheid. Je bent een frisdenker of je bent het niet hé.
De beste ideeën vinden mij trouwens vaak aan de afwas. Papier en pen ernaast, handen afvegen en neerpennen zodat het niet verloren gaat. Dus neen dochter, je doet mama geen plezier met haar een afwasmachine voor te schrijven.

Een kunstenaarsafspraakje zoals beschreven in het boek van Julia Cameron, ‘The artist´s way’ is ook een mooie oefening. Dat is een afspraak die je met jezelf aangaat om elke week minimaal een uur eropuit te trekken in je eentje. In de luistermodus ‘wat valt hier te ontdekken’. Om verwonderd te kunnen worden. Niet meteen om op zoek te gaan naar inspiratie, want zo werkt dat niet. Geen zoekende houding dus maar eerder een open en ontvankelijke houding.
En je na de uitstap neerzetten en verstillen. Die laatste actie voeg ik er zelf aan toe. Omdat het zo nog beter werkt voor mij. De prikkels die binnenkwamen laten bezinken en doorvoelen of er iets geraakt wordt vanbinnen. Iets zich vaag manifesteert als een ‘goestingske’ of ‘hoop’ dat zich naar de oppervlakte wurmt.

Vandaag ben ik zeker voldoende geprikkeld.
En dat ventje dat meerdere keren opzij viel van de slaap tussen de wriemelende massa, muziek en roezemoezende mensen, dat beeld hangt vast op mijn netvlies.
En daar ben ik dankbaar voor.
En ik ben ook dankbaar voor de bewustwording dat ik tussen deze bende mensen in de drukte veel beter kan aarden dan enkele jaren geleden. Me veel meer ontspannen voel ook, zodat ik kan genieten van wat zich aandient.
Meer nog, dat ik mezelf zelfs gooi in een dansje op de toeschouwersbank als ik er zin in heb. En dat ik me dan niet afvraag of ik me belachelijk maak. Daar ben ik ook dankbaar om. Mijn nicht durfde niet meedoen.

Aha! Werk aan de winkel. Kom op dan, werkloze letters!

Moed

nordwood-themes-179255

Photo by NordWood Themes on Unsplash

Bleef ik dit weekend gespaard van somberheid ondanks de waarschuwing, roert ze zich op een moment dat ik het niet verwacht. Of neen, het is geen somberheid, het is zuiver verdriet dat opborrelt.
Bij het lezen van de zin ‘Courage resides in the trust that we are not alone’…
Baf, tranen. Zo gaat dat soms bij mij.

Mijn pseudoniem is niet voor niets Fiducia. Het Italiaanse woord voor ‘Vertrouwen’. Ik had dat woord nodig om me doorheen de pijnlijkste fase in mijn leven te schrijven. Nu ja, naar ik me kan herinneren toch. Kiezen voor onzekerheid, de kracht van mijn eigen woorden gebruiken om me erdoorheen te navigeren naar ietwat houvast.
Nu ben ik blij dat ik hier online een spoor achterliet. Ik lees mezelf best graag terug. Noem me een ego als je het niet kan laten.

Ik riep ook Lyssna in het leven. Het Zweedse woord voor ‘Luisteren’. Om aan mijn voorleesstem te geven. En Fiducia kreeg de achternaam ‘Caro’, wat ‘Waardevol’ betekent. Al blijkt het een mannelijk woord te zijn en had ik om juist te zijn ‘Cara’ moeten kiezen. Maar aangezien ik niet van perfectie houd ben ik blij dat ik in impulsieve onwetendheid deze keuze maakte.

Fiducia Caro. Lyssna. Maar wie ben ik eigenlijk en wat heb ik hier te betekenen?
‘Courage resides in the trust that we are not alone.’

Er staan een paar projecten op stapel waar ik mijn energie aan wil geven. Omdat ze de toekomst vormgeven op een manier waar ik in geloof. Omdat ze uitreiken. Verbinden. Stilte gebruiken als bron van wijsheid. In plaats van het ego de leiding te geven en achter te laten wie nu eenmaal niet snel mee kan. Omdat ze over de sectorgrenzen heen denken en ik nu eenmaal graag werk met mensen van allerlei pluimage. Omdat velerlei pluimage anders denkt dan ik en ik dus kan bijleren. En ik gelukkig word als ik kan bijleren. Omdat ik dan stapsgeWIJS van ego naar Eco evolueer. En als ik dat niet alleen doe, we misschien nog iets kunnen redden op deze aardkloot.
‘…in the trust that we are not alone.’

Het is wellicht geen hoogstaand bericht, dit. Maar het is wel een allegaartje van woorden dat zich nu wil manifesteren. Bij deze. Het is wat het is.

Groeit er moed onder moedeloos?

 

 

imPerfectie

Behoorlijk - draagtas

Vandaag dacht ik dat de dag voorbij zou gaan zonder dat ik iets bijzonders had meegemaakt. Maar dat was buiten mijn ‘goestingske’ in een Latte Macchiato met karamel gerekend.

Ik was net op mijn vrijwilligersstek geweest. Mijn collega was er dus kon ik hem mijn nieuwjaarsbrief in zelf-versierde envelop persoonlijk overhandigen.
Hij was er dankbaar om. Ook om de linnen tas met mijn ‘Behoorlijk’ gedicht die ik hem cadeau deed. Ik had ze hem gegeven met de boodschap dat hij de tas alleen mocht houden als hij ze daadwerkelijk zou gebruiken. Ikzelf gebruik ze niet vanwege niet waterdicht en wat onhandig, maar het laatste exemplaar ga ik toch maar koesteren.
Mijn vrouwelijke collega´s waren er deze week ook allemaal enthousiast over.
‘Wel jammer van die grote logo´s’.
Tja.
Krijg je al eens een gratis draagtas, moet hij nog voldoen aan strenge kwaliteitseisen.

En dat allemaal omdat ik na een tip van een vriendin impulsief mijn (oude) schrijfseltje doorstuurde voor een schrijfwedstrijd over het thema ‘imPerfectie’, een initiatief van Creatief Schrijven, VFG en Curieus. En ik op een dag de vraag kreeg of ik naar de speeddate met andere schrijvers kon komen in kunstencentrum De Vooruit in Gent, tijdens het Festival van de Gelijkheid. Omdat dat een voorwaarde was om in aanmerking te komen voor de ‘prijs’: een speeddate en je werk gedrukt op een linnen tas.

Ik voorzag die ruimte in mijn agenda en enige tijd later wenste een andere vriendin me via een enthousiaste mail proficiat met de selectie van mijn werk. Ik kon eerst niet volgen. Maar toen besefte ik dat ik bij de gelukkigen was. Uit de 130 inzendingen werd mijn schrijfsel samen met vier andere werken uitverkoren om ‘op de tas’ gedrukt te worden. Fijn juryverslag ook overigens.

Op de dag van de speeddate werd ons verteld dat de linnen tassen op een verkeerd adres geleverd waren en op dat eigenste moment ergens in Brussel rondhingen. Ook dat er voor elk van  de vijf geselecteerde werkjes 1000 tassen gefabriceerd waren. Maar we zouden een aantal exemplaren thuisgestuurd krijgen. En dat is inmiddels gebeurd.
Vreemd mezelf voor te stellen dat er in Vlaanderen honderden mensen rondlopen met mijn gedicht om hun schouder.

Dat brengt me op het moment waar mijn collega huiswaarts keerde met nieuwjaarsbrief en linnen tas en ik een uurtje te overbruggen had tot mijn voice-over afspraak. Maar met een goestingske voor een Latte Macchiato met karamel dus.

De stek waar ik mijn zinnen op had gezet was gesloten.
De zaak vlakbij die ik ook wel kan waarderen stapte ik binnen om vast te stellen dat alle tafeltjes ingenomen waren. Maar een blik op de tafel bij de deur, het ontmoeten van een vriendelijke glimlach van een mevrouw, deden me vragen of ik bij haar aan tafel mocht aanschuiven. ‘Graag’, zei ze, ‘ik wou het net voorstellen’. Ze verdeelde haar liefdevolle aandacht over haar zoon, die in een rolstoel op de kop van de tafel zat en mijn verwelkoming.

Een overheerlijke brownie en latte later, maar vooral een open, zorgzaam en diepmenselijk gesprek rijker, nam ik afscheid. Wilde mijn deel gaan betalen. Maar ze vroeg me of ze alstublieft mijn deel mocht mee betalen. Omdat ze genoten had van het gesprek en we elkaar misschien opnieuw zouden tegenkomen.
Dat het niet evident was om in een zaak welkom te zijn met een rolstoel. En dat ze het fijn gevonden had dat ik bij hen was komen zitten.
Hoewel ik repliceerde dat ik vooral dankbaar was dat ik bij hen had mogen aansluiten, bleef ze aandringen.

Stilaan leer ik te ontvangen.
Ik vroeg nog haar naam. En die van haar zoon.
En vertelde hen de mijne. Hij glimlachte.

Er is nog liefde op de wereld. Ze houdt zich soms schuil om niet gekwetst te worden.
Maar als je er tijd voor maakt…komt het zoet binnen als een extra scheutje karamel.

Dankbaar.

Tijd schrijven

uros-jovicic-322314

Photo by Uroš Jovičić on Unsplash

Zonet heb ik het boek ‘Actieve hoop’ van Joanna Macy en Chris Johnstone weer eens vastgenomen. Om her en der wat stukken te herlezen. Zo spreekt ze over het hanteren van een ruimer begrip van tijd. En raad de lezer aan eens een brief te schrijven vanuit de positie van een aardbewoner in de toekomst, pakweg 200 jaar van hier. Waarbij die schrijver jou bedankt voor de acties die je nu onderneemt om zijn toekomst mooier te maken.
Evengoed gaat het in de andere richting en kunnen voorouders je nu in een brief vertellen waarom ze bepaalde keuzes hebben gemaakt.

Op zijn minst werken dit soort oefeningen inspirerend en geestesverruimend.

Zelf heb ik de daad bij het woord gevoegd (zie mijn blog Liefdesbrieven) en al mijn nieuwjaarswensen in briefvorm verzonden. De ingevulde enveloppen bleven even liggen omdat ik er wat tegenop zag alle brieven met de hand te schrijven. Maar ik heb een tussenoplossing gevonden. De brief heb ik op de computer getypt en de outprints heb ik met de hand een persoonlijke toets gegeven.
Drie versies. Omdat ik aan alle volwassenen schreef maar ook alle kinderen apart een brief wou bezorgen. Hoe vaak krijgen kinderen post?
En krijgen zij graag persoonlijke post?

De inhoud diende voor de jongeren wat aangepast te worden alsook de layout.
Versie drie gaat naar een eerste leerjaar lezer.
Best spannend. Want mijn boodschap voor de volwassenen is er eentje van tijd maken, luisteren en verwonderen…zoals ik in mijn laatste blog schreef.
En ik denk dat dat op zijn zachtst gezegd geen alledaagse boodschap is.
Maar nu ik Joanna Macy net weer heb mogen proeven, koester ik vertrouwen.

Overigens heb ik gisteren mijn fiets, mijn enige persoonlijke vervoermiddel, naar de fietsenmaker gebracht. Er scheelde al een aantal dagen iets met de voorste naafremmen. Met wat afwezigheden tijdens de feestdagen kon de uitbater maar beloven dat de fiets volgende dinsdag zou hersteld zijn.
Aangezien ik nu verlof heb, waagde ik het er op.

Zonder fiets en fietstassen inkopen doen voor een etentje morgen zal niet evident zijn.
Maar overgave aan de eenvoud leidt misschien tot verwondering.

Het is met eenvoud als met tijd.
Hoe meer je erin leeft, hoe rijker je je waant.

Fijne jaaromslag!

Liefdesbrieven

danijela-froki-391486

Photo by Danijela Froki on Unsplash

Yep. Ik ben ingeschreven. Dus ga ik binnenkort liefdesbrieven schrijven. Hoe vreemd is dat?! Wellicht ben ik de enige zonder lief daar. But so what?!
Misschien schrijf ik wel de mooiste liefdesbrief omdat ik mijn fantasie de vrije loop kan laten en ik me kan overgeven aan een ideaalbeeld. En wat is er mooier dan je fantasie de vrije loop laten? De liefde? Met al zijn ups en downs?

Ik denk dat ik het met eindejaar anders aanpak. Dat ik inderdaad brieven ga schrijven in plaats van zelfgemaakte nieuwjaarskaartjes. Dan hoef ik me alleen in te beelden dat ik in die envelop zit en vertel wat ik echt wil vertellen als de ander me openmaakt. Hier en nu. Als dat geen liefde is. Authentiek kunnen zijn bij je vrienden, familie en kennissen. Vanuit je hart spreken. Wat is dat ook, een liefdesbrief? Een verklaring van iets dat de ander nog niet weet? Of een bevestiging in woorden van wat de ander ziet en ervaart?

Ik verbind liefde niet louter aan een geliefde. Ik voel heel veel liefde voor mijn vrienden, mijn kinderen ook. Dus zal ik behoorlijk wat brieven mogen gaan schrijven. Misschien moet ik al maar beginnen oefenen.

Eerst misschien weer wat inspiratie halen bij Rilke, die zijn correspondent louter uit geschriften kende, maar heel open en authentiek was in zijn replieken.

Straks ga ik met liefde een potje koken voor mijn jongste dochter. Die dat wellicht niet zal beseffen en al lang blij zal zijn met een warme maaltijd na een lange dag. We vinden dat evident. Maar dat is het niet. Elke avond koken ontelbare vrouwen en mannen een potje voor hun dierbaren. En dat wordt verorberd met meer of minder smaak. Met of zonder de smartphone in de buurt om de aandacht af te leiden van de welgekozen kruiden. En dan volgt een avond in gezelschap. Naast elkaar. Of met elkaar. Samen aan de afwas. Wie doet dat nog? Ik doe hem bijna altijd alleen. Al vind ik het eigenlijk fijner in gezelschap.

Misschien moet ik in gedachten mijn afwas een liefdesbrief schrijven. Hoe ik alles liefdevol schoon poets en weer een plekje geef in de kast.

Lieve vaat,
Ik was je graag een plekje in de kast
Heb lief op maat
Je ik

 

 

 

Een bladzijde

larry-chen-45705Photo by Larry Chen on Unsplash

Misschien is dit een zalige dag om te schrijven. Of om naar buiten te gaan. Mensen te kijken, te beluisteren. De zondag te lezen in de ogen van kinderen.
Neen, schrijven lonkt me.

Gisteren schreef ik me bijna in voor een workshop ‘liefdesbrieven schrijven’.
En ik heb niet eens een lief. Maar ik vond de idee om eens in volle aandacht aan iemand een heel persoonlijke brief te schrijven wel fijn.
Al denk ik dat ik het inschrijvingsformulier uiteindelijk niet verstuurd heb.
Ik zal wel zien of mijn persoonlijke bevestigingsbrief volgt.

Misschien speelt ‘brieven aan een jonge dichter’ van Rainer Maria Rilke bij deze oprisping wel een rol. Een werk om te savoureren. In kleine porties, met volle aandacht. Elk woord proevend. De tijd overbruggend.

Misschien wil ik u wel een brief schrijven.
Ja u, lezer.

Omdat ik dankbaar ben dat u mij leest. Af en toe terugkomt om te kijken of er iets nieuws staat.
Wel vreemd anders om u te schrijven zonder dat ik u ken. Niet te weten wat u fijn vindt. Misschien houdt u ook van brieven. Of misschien vindt u ze gênant en weet dan vooral niet wat terug te schrijven.
U hoeft niets terug te schrijven. Althans niet aan mij. Geniet maar gewoon van de woorden die ik hier aan elkaar rijg. Tot zinnen. Alinea´s. Een brief. Speciaal voor u.

Misschien lijkt u een beetje op mezelf en herkent u zich in mijn schrijfsels. Dat idee vind ik wel fijn. Dan ben ik een beetje minder ‘allenig’.
Of bent u één van de lezers die wel geïnspireerd geraakt door wat ik schrijf. Zo heb je er naar het schijnt ook. Dan zou ik wel willen weten wat u ermee doet. Stiekem…
Ja, ik ben best wel nieuwsgierig.

Een uur geleden had ik een heel andere tekst geschreven. Eentje waarvan ik twijfel of ik hem alsnog zal delen op dit blog. Hij zit nog veilig opgeborgen nu. Past wel bij de foto die ik eerder uitkoos. Maar ik ga voor dit blogbericht dadelijk een andere foto kiezen.

Wel fijn om zo in stilte, de blik op mijn tuintje, aan u te schrijven.
Waarom moeten persoonlijke brieven altijd gericht zijn aan mensen die je kent? Het zou nog mooier geweest zijn als ik deze brief met de hand schreef en met de post aan u bezorgde. Misschien doe ik dat nog wel eens. Met kerst of zo.

Ik hoop vooral dat u geniet van een fijne zondag. Schrijvend. Of observerend.
Of wat u ook aan het doen bent.
Lezend, op dit eigenste moment blijkbaar.
Het was fijn me even tot u te richten.
Dankuwel voor het lezen!