Speeltuin

Al die ondergesneeuwde herinneringen, die dan toch weer opborrelen als je zintuigen het juiste signaal krijgen en het één en ander triggeren.

Ik heb genoten van mijn museumbezoek. Op twee koppels na was ik de enige bezoeker. Ik heb me eerst in de cafetaria tegoed gedaan aan een koele chocolademelk bij mijn broodjes en ben vervolgens rond beginnen snuisteren. Nostalgie, herkenning en gemis. Een wirwar aan emoties. Blij en dankbaar om de rust en stilte.

Ik wou al heel lang opnieuw het speelgoedmuseum bezoeken. Had enkele kandidaat-compagnons waaronder mijn dochters gepeild naar hun zin om mee te gaan maar ben uiteindelijk dus alleen gegaan.

En daar ben ik blij om.
Mijn kunstenaarsafspraakje van vandaag.
Verwonderwandeling met in mijn hart het kleine kind in mij.

De spreuk die ik onderweg vond was:
‘We zijn niet gestopt met spelen omdat we ouder zijn geworden.
We zijn ouder geworden omdat we gestopt zijn met spelen.’

Mijn motto luidt: ‘Als waarden mogen leven, wordt ‘werken’ spelen.’
Dat prijkt op mijn CV. Daarom creëerde ik ook mijn waardenprofiel via Twegos.com, om mezelf alvast in kaart te brengen op vlak van waarden. Als dit blog al niet genoeg duidelijk maakt.

En wat hoort bij spelen? Proberen, mislukken, eruit leren, vallen, opstaan, opnieuw proberen, kleine succesjes, winnen, next level, verliezen…alles kwijt, risico´s nemen, uitreiken, samenwerken…
De spelregels volgen. Er nieuwe schrijven. Alleen of samen. Leiden en volgen. Lijden en verwonderen.
Een plek om te mokken of uit te huilen als de verlieservaring te groot is.

Het is grappig hoe tegenwoordig boeken in de rekken liggen of in online catalogi prijken over falen en ondernemerschap.

Vlaanderen gaat voor Failing forward

Ik ben het daar allemaal mee eens en vind het goed dat mensen op die manier ruimte krijgen om hun weg te vinden. Ik vrees echter dat het allemaal mooier klinkt op papier dan dat het in realiteit is. Want de geruchtenmolen maait luider en sneller dan de verlieservaring kan verwerkt worden. En het spel wordt allang niet meer eerlijk gespeeld. Valsspelers eisen je successen op en zetten desnoods je Joker voor joker.

Misschien moet ‘In den hoek’ terug worden uitgevonden.
Hoekje van bezinning.
Hoekje om wat spelletjes ‘van ego naar eco’ te spelen.
‘Wat hebben mijn klas/werkgenootjes nodig?’

‘Hier leren wij samen omdat we verder reiken dan onze eigen neus lang is’.
Dat zou ook een mooie zijn om op een bedrijfsmuur te zetten.
Of op een verkiezingspamflet. Waarom moeten partijen eigenlijk een coalitie trachten te vormen na de verkiezingen? Wat als we dat proces zouden omkeren? ‘Hier gaan wij samen voor, elk vanuit onze expertise die we belangeloos inzetten voor een fijne toekomst samen.’

Kiezer, bent u akkoord? Nuances? Meewerken?

Een speeltuin,…de definitie van dat woord vind ik eigenlijk te eng…

Potentie

De ochtenden gaan al een aantal dagen erg moeizaam. Dus houd ik me als eerste dagactiviteiten aan mijn mentale hygiëne van drie pagina´s schrijven en een pagina in mijn dankbaarheidsschriftje vullen.
Bij het slurpen van mijn ochtendkoffie met Monin siroop.
Heb recent de vanille ontdekt en die kan mijn smaakzin wel bekoren.

Dan merk ik dat langzaamaan het potentieel van de ochtend zich aandient. En vraag ik me af welke van de drie bezigheden de doorslag gaf. Of misschien is het gewoon het feit dat ik uit bed stap en beslis de dag te beginnen. Heb overigens in bed ook eerst een geleide meditatie gedaan, om mijn bewustzijn wat te verruimen. In de hoop de fysieke en mentale pijn naar de achtergrond te laten bewegen.
Proper meiske, al zeg ik het zelf. Zal maar niet schrijven dat ik nog in nachtjapon zit. Toch maar even nakijken of de bode van dat tweedehandsboek uit Nederland niet net vandaag, dixit vanochtend, aan mijn deur zal aanbellen…dan sta ik daar schoon in mijn gewaad…of toch maar snel provisoir wat toonbare kleding aantrekken…dilemma…

Ach, ik neem het risico. Al wil ik wel ten laatste binnen een dik half uur onder de douche stappen en me klaarmaken voor mijn voorleesmomentje in het park deze namiddag.
Heb de verzamelde prentenboeken zonet ook al doorgenomen, om niet voor verrassingen te komen staan. Zoals wanneer ik onderstel dat het laatste gelezen blad het laatste blad niet is en mijn intonatie samen met het boek de mist in draait.

Gisteren ben ik de nieuwe voorleesplek gaan verkennen. Ze kan me niet helemaal bekoren. Allemaal strobalen in een kring onder een boom. De balen van de voorlezers tegen de boomstam en net iets hoger gestapeld dan die van het publiek. Waar is dat magische plekje onder die andere boom in het park waarvan de takken de grond kusten? Met kleine boomstammetjes en dekens om op te zitten. Hoe we als kabouters samen het verhaal in ons magisch stekje tot leven brachten. Sommige dappere kinderen tijdens het luisteren in de boom klommen.
Dat was de eerste zomer dat het parklezen werd georganiseerd. Een zomer waar ik vier zondagen paraat stond voor de parkbezoekertjes en hun ouders. Voor twee uur lezen als ik me goed herinner.
Vier jaar geleden intussen.

Een voorleesplek is op zijn mooist als ze niet gekunsteld is. Als de fantasie aan de slag mag om de magie in het leven te roepen die nodig is om verhalen te laten leven. Elk jaar verliest de nieuw gekozen plek in het park wat aan magie. Jammer.
Maar ik zal me er niet minder voor inzetten. Zelfs al voorzien ze dit jaar nog slechts een uurtje.

Ik heb gisteren in het park nog iets anders gedaan. Mijn voornemen om mijn radslag zonder handen te oefenen in de praktijk gezet. Ik vond er ´s avonds nog een Nederlands instructiefilmpje over. Daar heet het de ‘losse radslag’. Ik ken de technieken nog. Ik voel ze nog in mijn lijf zitten. Maar het gaat toch wat moeizamer. Heb mijn handen nog niet durven wegtrekken. Dat hoeft zeker nog niet de eerste keer. Ik heb wel ondervonden dat mijn gewone radslag en handstand nog vers in dat lichaamsgeheugen zitten. Net als die lenigheid. Al voel ik vandaag wel mijn rug wat zeuren.

Naargelang hoeveel volk er in het park is ga ik straks opnieuw een halfuurtje aan de slag. De kleren die ik voorzien heb lenen zich daartoe. Ik had trouwens wel beziens gisteren. Een jong koppel dat zich naar me toe draaide, enkele jongeren aan het andere eind van het terrein. En toen kwam ineens die herinnering aan de zomermomenten als kind waar een oudere turnster op het grasveld bij haar appartement een lange mat uitrolde en we onze zomer door turnden.

Of hoe herhaling het potentieel in beweging zet.

Potentiële energie

gustavo-quepon-129114-unsplash

Photo by Gustavo Quepón on Unsplash

Ik heb nood aan iets fijns.
Iets subtiel, dat die uitputting in mijn lichaam een nieuwe wending kan geven.
Een herinnering aan iets fijns is ook al goed. Want ook dat is iets fijns.

De onverwachte mail van de échte dichter was zeer fijn. In een persoonlijke boodschap aangevuld met de woorden die wellicht ook anderen kregen, werd ik uitgenodigd voor de voorstelling van zijn nieuwe dichtbundel. En ik glimlachte. Om die zalige taalvirtuositeit. Om de herinnering aan de ontmoeting. Om zijn voorstel mij met een ‘dichtersbriefje’ te verontschuldigen op het werk om aanwezig te kunnen zijn.
Wellicht lukt het. Ik kijk er naar uit te mogen toe-schouweren en mee-leven.

De mail van de schrijver was ook fijn. Hoewel zijn automatische antwoord me net had aangegeven dat hij niet vaak zijn mails checkt in deze voor hem zeer drukke dagen.
Maar klaarblijkelijk op dat eigenste moment wel. En hij was blij en dankbaar dat ik binnenkort naar de theatervoorstelling van zijn boek kom kijken.

Twee fijne mensen die me op dit eigenste moment weer een warm gevoel geven. Dankbaar hen te mogen kennen. Dankbaar dat ze mij willen kennen.

Wat licht me nog op? De wetenschap van de ontmoeting met mijn beste vriendin straks. Na de cursus die ik geef maar waar ik op dit moment niet veel zin – lees energie – in heb. Al zal ik me tegen dan ook wel weer helemaal geven. Leeg-geven maar dankbaar ont-vangen ook. (Wat een vreemd woord is dat eigenlijk…).
Die cursisten kunnen er niet aan doen dat mijn energie op een laag pitje staat.

Maar dat ik dit weekend mijn agenda en engagementen eens onder de loep ga nemen, dat weet ik ook. Om er maandag over in gesprek te gaan.
En dat ik verder ga brainstormen over wat ik in dat ene traject allemaal tegenkwam, dat voel ik ook aan mijn goesting. Daar liggen ook van die ‘fijne’ dingen klaar die de potentie hebben heel mijn systeem in een andere energie te brengen.

De bezorgdheid van een dame die een project co-leidt waaraan ik meewerk ontroerde me. Ik, de kwetsbare. En of het wel ok was met me na de bijeenkomst. Het voelde niet betuttelend. En ik versta haar conclusie na wat er gezegd en getoond was. Maar het vreemde is dat de bijeenkomst waar zij over sprak me net voedde. Want op de trein naar huis had ik een heel fijne en intense beleving. Van ‘heelheid’. Van een systeem dat zich helemaal opende en blij en dankbaar was om de ervaring.
Hoewel ik die ochtend ook helemaal uitgeput aan mijn dag was begonnen. Ik heb zelfs nog door mijn huis gedanst die avond.

Ja, ja…het werkt. Het schrijvende schrijvertje vindt haar licht. Ik voel stilaan een kriebelende energie zich van me meester maken om ook deze dag door te komen. Vorm te geven zelfs.

Vanavond komt mijn oudste thuis. En ik denk dat ik haar lievelingsgerecht ga maken.
En zondag komt mijn jongste weer thuis voor een paar weken.
Iemand om voor te zorgen. Naar te kijken. Te beleven. Te koesteren. Een aria voor te zingen in mijn beste ‘vals’. Tot ze met haar ogen rolt en ‘mama’ zegt, op een toon die alleen ontgroeide pubers kunnen produceren.

Leven. Het is ´t een en ´t ander.