Ethisch reizen

maarten-van-den-heuvel-400616

Photo by Maarten van den Heuvel on Unsplash

Tijdens mijn middagpauze ben ik gericht op zoek gegaan naar een zandloper. Ik kwam steltlopers, hardlopers en uitlopers tegen, maar die konden me niet doen overlopen van enthousiasme.

De zandlopers die ik eerder had zien staan waren wel heel erg glazig. Een lelijke kleur glazig ook. En de kleinste had een doorlooptijd van drie minuten. Dat is nog te lang voor de doeleinden die ik voor ogen heb. Anderhalve minuut. Dat is wat ik wil. En een beetje robuuster dan alleen glas. Maar geen plastic. En niet zo duur als deze exemplaren.

Zo. Seffens op enter drukken en morgen zit dat in mijn brievenbus.
Ik heb het gevoel dat dit een blogbericht met wat fantasie-uitlopers wordt.
Maar ik geef me eraan over. U ook?

Vanochtend verliep mijn treinrit niet geheel emotieloos. Ik had me in rijrichting genesteld op een zitje aan het raam. De man achter me was schijnbaar aan het bellen, al ben ik daar niet helemaal zeker van aangezien zijn stem zo gedempt klonk. Zijn taal klonk me vreemd in de oren. Af en toe neuriede hij. Wat me een glimlach bracht terwijl ik het landschap aftuurde in het kabbelend verlangen verwonderd te worden.

Maar toen hij ergens van heel ver slijmen begon op te rochelen om er vervolgens met een luid grommende ‘snirf’ uit de diepste krochten van zijn…slijmvliesstelsel en wellicht een flinke draai van zijn tong mijn jas mee te bekogelen (in mijn gedachten), kreeg ik heel sterk de neiging om met enige walging mijn spullen bij elkaar te rapen en een andere plek op te zoeken. Oppassend voor de slijmerige vlek op mijn jas.

Kon je die zin niet splitsen, veel te lang!

Het bleef niet bij één keer.

Ik keek even naar de overkant van het gangpad toen het weer gebeurde. Twee jonge snaken keken zijn richting uit met een ietwat verbouwereerde uitdrukking op hun gezicht. Alleen al om dat beeld plooide ik terug op mezelf en voelde een glimlach mijn gezicht vervormen (net plasticine, waar zit Pingu?) en mijn keel samenknijpen om een grinnik te onderdrukken.

Hoe moet dat dan?
Die man was zich wellicht niet bewust dat dit een ‘beetje’ ongepast was.
Andere cultuur, weet je wel. Moet je dan de tijd nemen om dat te zeggen?
‘Mevrouw, meneer, in Belgische treinen is zoiets ongepast.’
‘Waarom dan?’
En daar zit je dan, met je mond vol … zandlopers…

Wat gaat voor? Je eigen gewoontes of de ethiek van het treinreizen?

Is dat nu geen vreemde laatste zin? Ik zal hem maar stil wegvegen voor iemand erover valt…vuilblik op, hup, de vuilnisbak in.

Vorige week zat ik op een treintraject waar geregeld bedelaars passeren.
Die delen dan een kaartje uit met de uitleg waarom ze passeren. In de hoop dat je hen geld geeft om o.a. hun elektriciteitsrekening en voeding mee te betalen.
De conductrice kwam de bedelaar die net voorbijliep achterna. Verzamelde alle kaartjes en vroeg wie ‘lastiggevallen’ was. Een man sprak haar aan. Dat ze niet achter hem aan moest gaan. Dat het ok was en we zijn situatie moeten begrijpen. Dat deze man zich niet opdrong.
Wat zegt de ethiek van het treinreizen hier?

En om meteen een thema uit een eerder blogbericht mee te nemen, wie zijn hier de graaiers en wie de gevers? En wie luistert naar wie en in welk niveau?

En wat is de definitie van een landloper? En hoe verandert die als hij de trein opstapt en zijn eerste L door een Z vervangt?

Zomaar wat vragen op een doordeweekse dag.