Zelf gemaakt

Photo by Randi Wilson on Unsplash

We hadden het erover of we vroeger iets tekortkwamen. Zij heeft vier zussen en alleen de papa werkte. Ze had nooit het gevoel gehad dat ze iets tekortkwam, ook al kenden ze geen excessen.

‘We gingen wel geen kleding kopen in die chique winkel waar jullie gingen.’ Ik was het al vergeten. Maar inderdaad, voor onze kleding weigerde mijn ma confectie. Omdat we dan hetzelfde droegen als zoveel andere mensen. We gingen voor mijn kleding en die van mijn broer vaak kijken in een kinderkledingwinkel in een galerij die er nu niet meer is. Een enkele keer vond mijn ma de kleding toch te duur. Zoals toen ik een pull had gezien die ik mooi vond. We zijn ervoor in de winkel geweest, hebben onthouden hoe het in elkaar zat, groen vooraan, donkerpaars op de rug en blauwe strepen op de mouwen. Alleszins heb ik op elfjarige leeftijd die pull zelf gebreid. Mijn ma heeft hem in elkaar gezet en ik heb er toch enkele jaren van kunnen genieten. Met trots, toch wel.

Toen we jonger waren kwam het geregeld voor dat ik thuiskwam van school en er een nieuw kledingstuk voor me klaar hing, Aan een kapstok die over de staanlamp in de living gehaakt was. Goed in het zicht zodra ik de living binnenkwam.
Een rokje, een jurk, een blouse…fijn was dat wel.

Nu vind ik het jammer dat mijn ma die kennis niet heeft doorgegeven aan mij. Ik heb ooit een tweedehands naaimachine gekocht, maar ik gebruik haar het meest voor het verkorten van broeken. Toen ik zwanger was heb ik ook een aantal babyspullen gemaakt voor elke dochter die op komst was. Met goede raad her en der van mijn ma. Zo had het kruippakje dat ik voor mijn oudste maakte een print. Die moest van mijn ma uitkomen aan de naden. Dat hoeft voor mij eigenlijk allemaal niet. Een slaapzak heb ik ook gestikt en een mini-vestje met knoopjes heb ik gebreid.

Fijn vond ik dat, om met mijn gedachten bij dat kleine groeiende ukje in mijn buik alvast iets persoonlijks te creëren.
Vandaag zijn het mijn dochters die hun ‘bonneke’ raadplegen om kragen te veranderen, mouwen om te vormen en een eigen ontwerp een realistische uitwerking te geven.
Co-creaties over generatiegrenzen heen.

Ik vind het best fijn dat mijn dochters die kriebel voor naaiwerkjes hebben overgeërfd. Zoals ook het koken niet meer systematisch van generatie op generatie wordt doorgegeven, geldt dat over het algemeen ook voor handwerk heb ik de indruk. Een uitdovende ambacht, of herleeft ze dezer dagen??

Ooit was ik jaloers op een klasgenootje die heel mooi kon breien. Dat moet in het vierde studiejaar of zo geweest zijn. Zij had het van haar oma geleerd. Ik had de truuk nog niet ontdekt om de draad langs mijn pink te laten glijden bij het breien, waardoor mijn breiwerkje heel erg rommelig uitdraaide. Dan weer strak, dan weer los. Terwijl dat van mijn klasgenootje mooi egaal gebreid was. Maar de jaloezie heeft me doen bijleren en ze is een goede vriendin nu dus…iedereen content.

Ik heb trouwens nog altijd de breitas die ik in het eerste studiejaar mee naar school nam. Er zitten iets meer breipriemen in dan toen…

Vandaag kan je van handwerk veel terugvinden op het Internet. Zo heb ik een jongste dochter die vooraf altijd eerst het Internet raadpleegt alvorens aan de slag te gaan, terwijl mijn oudste dochter gewoon begint en aan alle knoppen van de naaimachine begint te draaien tot ze heeft wat ze wil hebben. Of tot er hulp ingeroepen moet worden omdat de hele boel ontregeld is…

Laatst wilde ik een broek verkorten en vond de steek wel erg rommelig.
Een hendeltje waar ik nooit eerder op gelet had stond in een andere stand. Tja…
Vloeken doe ik daarop niet meer.

Soms leidt de eigenwijze manier van werken van mijn oudste me naar een nieuwe manier van kijken. Dan staan er spullen in de kast op een andere manier en denk ik ‘ja inderdaad, zo kan het ook.
Morgen wordt ze 25 jaar. De helft van mijn leeftijd…

Tijd om onze talenten in kaart te brengen…en te blijven leren van elkaar.

Ver-ant-woord

Photo by Mike Perrotta on Unsplash

Ze stonden aan de overkant van de straat. Klaprozen en wat leek op een grotere vorm van madeliefjes. Even overwoog ik om een foto te nemen met mijn smartphone, maar ik besloot het zo te laten. Het rood opgelichte fietsje aan mijn oversteekplaats stond immers al een tijdje alert zodat het prutsen met smartphone wellicht zou interveniëren met het groene fietsertje dat weldra kwam aandraven. De afstand was wellicht ook te groot om een degelijke foto te krijgen.

Ik kon natuurlijk ook het mooie bloemenveldje van naderbij gaan bekijken, van mijn route afwijken. Maar heb ook dat niet gedaan. De verwondering bleef in het moment. Zoals de meeste ervaringen, die her of der wel een opkikker krijgen via een associatie op een onbewaakt moment. Als vanuit het niets komt een beeld weer voor het geestesoog verschijnen. Eventueel vergezeld van een emotie.

Daarstraks heb ik wel een foto genomen van kleine paarse bloemetjes die zich uit een muur leken te murwen. Mijn zus vertelde me dat er een app bestaat die je zegt over welk bloemetje het gaat als je er de foto aan geeft. Ik weet niet hoe die app heet. En ik zoek het ook niet op. Niet alles hoeft een naam. Het bloemetje was niet symmetrisch. Het leek op een bepaalde manier op een konijntje met dikke wangen met de twee oortjes ferm de lucht in. Misschien heet het wel ‘konijnenkruid’.

Hoe zou het zijn om dingen opnieuw te gaan benoemen, los van de naam die ze al hebben? Eventueel om als pseudoniem te gebruiken tijdens het gevecht om weer de overhand te krijgen als natuur…Rainbow-Warrior-kruid, ik zeg maar wat.

Vergeet-me-nietjes. Wie heeft ooit dat bloemetje zo genoemd? Omdat ze in de schaduw te vinden/vergeten zijn? Laatst ging ik wandelen met een vriend en toen ik hem wees op vergeet-me-nietjes trok hij er prompt eentje uit en gaf het me. Ik pruttelde tegen. Dat is niet de bedoeling natuurlijk. Dat die bloempjes maar mooi blijven staan waar ze staan. Ze zijn nog zo schoon.
Van mij mogen ze ‘zie-me-hier-staantjes’ heten. Of ‘wij-wagen-ons-hier-stilletjes’.

Welaan, ziedaar komt ineens een associatie op mijn pad. Hoe ik als kind met mijn grootouders naar hun caravan in de Ardennen trok en samen met mijn grootmoeder in het bos op zoek ging naar meiklokjes. Ze bracht er ook geregeld mee na hun weekendjes Ardennen. Ze geuren zo lekker, …
Een bosje op tafel. En dan van de meiklokjes associeer ik naar de meikevers die langs het terras zoemden van het appartement waar ik als kind woonde. Ik zie ze niet meer.

Mijn pa had trouwens zowel als kind als op oudere leeftijd de gewoonte om insecten en kevers die hij ving in luciferdoosjes te stoppen. Waar mijn grootmoeder dan geregeld bijna een aanval kreeg als ze een lucifer wou nemen. Ik heb ooit een spreekbeurt gemaakt over spinnen. En mijn pa had een dikke huisspin voor me gevangen als didactisch materiaal. Ze zat in een plastic doosje, goed vastgeplakt om geen ongelukken te krijgen in mijn boekentas.

Ik ben na wat uitgestelde lessen aan mijn leerkracht Nederlands gaan vragen of ik ‘alsjeblieft nu’ mijn spreekbeurt mocht houden, ‘anders is mijn spin dood.’ Het mocht. Onverantwoord wat het beestje betreft, achteraf beschouwd. Ik heb wel goed gescoord. Zowel bij de medeleerlingen als in punten.

Wat is ver-ant-woord?

Versluiering

Photo by David Kiriakidis on Unsplash

Het is opmerkelijk hoe de kleur van een bericht een donkere sluier krijgt als ik in een sombere bui ben.

Dan geeft meteen herlezen geen andere interpretatie dan deze die net binnenkwam als waarheid en pijn deed. Dan lijkt het of er maar één betekenis aan de andere kant wordt ingelegd. Eén die me neer wil sabelen. Dan kan je verstandelijk wel zeggen: ‘een uitspraak zegt meer over de zender dan over de ontvanger.’ Maar aan hoe de woorden binnenkomen en pijn triggeren, kan ik niets veranderen op dat moment. Dan wordt het voor dat moment de opdracht om gewoon de lading te doorvoelen, trachten te verteren en iets anders te gaan doen.

Maar als ik de volgende dag een beter humeur heb en ik bij wijze van dubbele check het betreffende bericht herlees met een nieuwe bril, dan klinkt het ineens frisser.
Niet meer als een persoonlijke aanval. Zelfs warmhartig, in uitzonderlijke gevallen.
Zo vreemd vind ik dat. Hoe mijn eigen gemoed mijn waarnemingen kleurt.

Ik weet hoe dat komt.
En dit schrijven gaat op dit moment weer vergezeld van tranen. Een inzicht, welaan.
Ik weet dat het komt doordat ik in se nog steeds niet op een duurzame manier geloof dat ik van waarde ben. Dat ik vind dat ik ‘iets moet betekenen’ of ‘ondernemen’ om menswaardig te zijn.
Elke boodschap die dan neigt mijn eigen overtuiging kracht bij te zetten, komt dan stevig binnen.

Als ik me goed voel, waan ik me waardig en onderneem ik ook allerlei acties.
Zit ik als het ware in een virtuose opwaartse spiraal.
Als ik me klein en kwetsbaar voel, vertoef ik vaak in een ‘lege ruimte’. En gedachten kronkelen zich in een vicieuze cirkel. Wat op zich wel maakt dat nederigheid gevoed wordt. Dat is dan weer een goede zaak voor intermenselijke contacten.

Ik merk het bij het schrijven van affirmaties in het kader van mijn traject met het  boek van Julia Cameron, ‘The Artist´s Way’. Dan schrijf ik zelfbevestigende uitspraken als ‘ik mag mijn creativiteit voeden’ een aantal keer onder elkaar en komt er doorheen het geschrijf een censor die soms de wreedste verwensingen naar mijn kop gooit. Het boek adviseert die zogenaamde ‘censoruitbarstingen’ ook op te schrijven, om ze nadien te transformeren tot uitspraken die als affirmatie kunnen dienen.

Waar de voorbeelden van affirmatieve zinnen in het boek over creativiteit gaan, zijn de nieuwe affirmaties die op bovenstaande manier gecreëerd worden nog belangrijker om te herhalen.
In het kader van je algehele welbevinden als mens. Om gaandeweg de weerstand voor de weg die je bewandelt en waard bent wat minder groot te maken. Jezelf wat liever te gaan zien. Stel u voor…

Ik weet niet waar die wrede uitspraken vandaan komen. Ik herinner me geen dergelijke uitvallen verbonden aan een persoon uit mijn jeugd. Ik heb er alleszins geen levendige herinneringen aan, hoewel ik wel een vermoeden heb waar ze vandaan komen.

Bij andere mensen merk ik die sluier ook op.
Ik durf al eens complimenten geven aan mensen en niet zelden geven die emotie of zelfs tranen bij de ander. Omdat ze iets raken waar kwetsbaarheid op zit.
Soms omdat er ongeloof bij de ander zit dat wat hij of zij hoort wel eens zou kunnen kloppen.

Ondertussen heb ik een idee voor een nieuw projectje.
Een kunstig experiment dat ik nog wat moet uitwerken. Kleinschalig maar denkelijk wel amusant.
Iets met toevallige ontmoetingen, luisteren en katalyserend vermogen.

Dit schrijven heeft me alvast deugd gedaan.
Mmmh. Voelt fijn.

Kantelpunt

Photo by Vitolda Klein on Unsplash

op wandel met de moed der wanhoop

zag ik hoe je stremde, stopte
niet geheel op je gemak
en vroeg of ik kon helpen

je knikte heel gedwee

voor jouw traject naar huis
was het verschil dat wij met twee
je fiets weer vleugels gaven

die ‘dank je’-mompel neem ik mee

Een tint-eling

Photo by Al Yeacha Irfan on Unsplash

De douche heeft me deugd gedaan. De droge kleren ook. Normaal gesproken zou ik op dat uur van de dag gewoon gekozen hebben om mijn spullen een beetje nonchalant weg te leggen en aan het eten te beginnen, maar niet nu. Heb geluisterd naar wat ik nodig had. Vorige fase bewust afronden, volgende fase als herboren instappen.

Het is me nooit eerder overkomen. Het boek was trouwens ook bijna uit. En niet eens zo goed. Maar ik werd dus emotioneel bij een stuk dat ik inlas. Ik voelde mijn stem overslaan. De voorlaatste pagina. Waardoor ik moest stoppen, terugspoelen en opnieuw inhaken met dezelfde woorden, hopend dat de emotie bij deze herkansing niet te fel doorschemerde in de stem die ik activeerde om de woorden vleugels te geven.

Ik zou het immers de luisteraars niet aan willen doen, dat ze zich gaan afvragen of alles wel ok is met die inlezer…
Alhoewel, extra laagje op de ‘beleving’
Empathie trainen via een omweg…

Neen. Ik heb me herpakt en het boek is dus uit, of beter: ‘helemaal ingelezen’ nu. Klaar voor de Luisterpuntbibliotheek…misschien na nog een screening door de studiomeester. Volgende week vat ik een nieuw boek aan.
Ik was allang blij dat er deze week een exemplaar tussen de ‘voorraad’ lag dat ik wel zag zitten. Voor mij liever geen fantasy of thrillers. En graag zo nu en dan eens een pareltje dat één of andere prijs won of waardig is…

Misschien was het gewoon wat veel ineens vandaag…
De afgelopen dagen…weken…?!

Eerst een afspraak in het ziekenhuis voor een babbel met hoog ‘spuigatvermogen’ en nadien nog een tocht, een wacht en een onderdanig overgeven aan een prikje voor nader bloedonderzoek. En dan de uitgang niet meer vinden, en moeten vragen en me intussen bedenken dat ik niet graag rondloop in ziekenhuizen dezer dagen.
Fiets op en weer verder.

Maar dan thuisgekomen een tevreden huisgenoot aantreffen die nu helemaal overtuigd is dat een Waardevol cadeau anders binnenkomt bij een ontvanger dan wat centjes…
Omdat hij er zelf een voorbeeldje van toonde, inclusief verhaal bij vertelde.
Beetje voldoening toch.
Waar een ui als metafoor al niet goed voor is…

Dus…mijn doucheke…
Spoelde ik met de waterstraaltjes van de douche het laagje dat bleef plakken en zo fluïditeit afremde van me af, zeepte ik me in met mijn favoriete zeepke en liet verse watertintelingen me een streepje lichter toewerken naar het avondmaal.

En ja, dat is dus zo een truukje dat ik soms over het hoofd zie in mijn arsenaal truukjes: neem nu gewoon eens een goed doucheke…

Voilà. Bij deze even her-varen.
Heeft ook te maken met (W)aardigheid, toch? Cadeautje voor jezelf.

Jezelf een tinteling geborgenheid gunnen.

Koesteren

Photo by Banjo Emerson Mathew on Unsplash

De afgelopen dagen, weken misschien, ontving ik van vooral organisaties wensen voor het nieuwe jaar. Woorden die eerst steevast terugblikken op het vorige jaar…“en dat het zo afschuwelijk toch niet opnieuw moet worden of zo niet moet blijven duren.”
Of met andere woorden van deze strekking.

Bij mezelf merk ik dat ik helemaal niet op een ‘never-again‘ manier naar vorig jaar kijk.
Naar gebeurtenissen tout-court.

Vorig jaar is niet meer dan een verzameling dagen waar inderdaad Corona energie opeiste, wat mezelf betreft was er ook een maandenlange opname in een psychiatrisch ziekenhuis maar veel belangrijker dan dat, door de ruimte en tijd in een ‘nieuwe werkelijkheid’, dienden nieuwe sporen zich aan. Ik ging ze exploreren, op mijn tempo, op mijn manier ook…en ik vond pareltjes die mijn leven vandaag verrijken. Ik vond die pareltjes dus in 2020.

En die pareltjes werden wellicht gevormd door ambetante zandkorreltjes nog veel vroeger dan dat de pareltjes kans zagen zich er mooi rond te ontwikkelen. Zo gaat dat met pareltjes.

Ik ontmoette ook vorig jaar bijzondere mensen die ik in mijn hart sloot, er wervelden nieuwe inzichten binnen die ik het doorleven waard vond. En ik doorleefde ook ‘mij-initieel-enorm-uit-evenwicht-brengende-Zink-Innen’ die tenslotte mijn intuïtief aanvoelen bevestigden en loslaten vergemakkelijken.

Er was veel ‘vertrouwd’ dat ik intussen losliet, op zijn minst al energetisch. Concrete stappen moeten voor een aantal aspecten nog genomen worden.
Maar dat komt, als het pad dat ik bewandel zich wat duidelijker aftekent.
Of als mijn ware verlangens en behoeftes zich nog duidelijker aftekenen zodat wat zich wil manifesteren in mijn leven concreter wordt.

Vandaag was mijn energie fijn. Mijn dag knisperde zachtjes om me heen.
En ik bedenk me dat het wel eens zou kunnen dat die ommeslag tegenover de vorige dagen er kwam doordat ik voor mezelf besloot om de audiobestanden die ik gisteren voor mezelf creëerde met mijn eigen stem, audiobestanden die me ‘leiden’ doorheen oefeningen die mijn relatie met mijn eigen lichaam en haar/onze grenzen verbetert en dieper maakt…
veel te lange zin merk ik…maar…
Ik besloot dus deze rauwe en onbehandelde audiobestanden door te sturen naar een aantal mensen in mijn netwerk waarvan ik weet dat ze met lichaamsgerichte therapie bezig zijn. Mensen die in de kracht van lichaamsgerichte therapie geloven op een manier van ‘dit-zijn-oefeningen-en-ik-reik-ze-je-aan-zodat-je-er-zelf-mee-aan-de-slag-kan‘.

Alleszins voelt het voor mij heel veilig om op deze manier de gefragmenteerde energie in mijn eigen lichaam te ontdekken. Zonder dat handelingen van anderen de subtiele verschuivingen kunnen ‘bezoedelen’. Doordat ze een eigen agenda hebben eventueel.
Niet zuiver ‘luisteren’ misschien.

Mijn eigen stem te horen doet me ook deugd.

Zo zie je maar.
Gisteren heb ik trouwens een prentenboek gekocht dat ik gisterenavond ook even doorgelezen heb: ‘De voelsprieten van Neel’ van Steven Gielis en Carolien Westermann. Over hoogsensitiviteit.

Ik denk dat ik toch eerst maar dit boek inlees. Het prentenboek dat ik gisteren vermeldde, over geheimen die beter geen geheimen zijn, laat ik nog maar even rusten. Voor dat boek is het immers noodzakelijk dat de kleine luisteraars er niet alleen naar kijken en luisteren…dat er een vertrouwenspersoon in de buurt is die hun vragen en emoties op een gezonde manier kan opvangen. Zodat mijn relaas geen brokken maakt, zeg maar.

Nog een regeltje poëzie om af te ronden:

ik koester mezelf het duister uit

rupi kaur

Voorwaar een evidentie

Photo by Denise van der Heide on Unsplash

Hij zei het expliciet.
Ik had net gedaan met eten en wilde me terugtrekken in mijn eigen vertrek.
Hij zei dat hij dankbaar is dat ik hier in huis bij hem woon.
Dat dit maakt dat hij zich goed voelt.

Ik heb hem bedankt voor zijn uitspraak. En het voelde best fijn om hem dit te horen zeggen. Zelf heb ik ook al vaak aangegeven dat ik voordeel haal om hier bij hem in huis te wonen, gewoon omdat het mijn doen en laten vertraagt.

We eten op hetzelfde tijdstip. Hij eet warm onder de middag. Eén van de maaltijden die de huishoudhulp voor hem heeft klaargemaakt. Ik eet warm ´s avonds. Tenzij ik geen zin heb om te koken. Of tenzij ik gewoon meer zin heb in een boterham of zoals recent in de kast beschikbaar, omdat ik een gezellig kommetje havermoutpap uit wil lepelen.

Hij eet weinig en kauwt grondig.
Ik moet opletten dat ik niet schrok.
Af en toe vraagt hij of ik ook zin heb in een glaasje wijn.
En dan drinken we beide één glas, en toosten op een zaak die we het toosten waard vinden.
En we houden het op dat ene glas, omdat dat is wat fijnproeven heet.
Zo scherp ik mijn smaakpapillen aan.
Net als bij het degusteren van aangereikte spietjes zelf geraapte of geplukte appels.
Al dan niet aangeleverd door zijn kroost. Zorgvuldig geschild en in partjes verdeeld.

Ik vraag me af hoeveel mensen die pakweg op dit moment, met deze coronamaatregelen, niet alleen wonen, … hoeveel van hen al eens tegen (één van de) huisgenoot/huisgenoten zegt dat hij of zij dankbaar is met … laat ons zeggen…die extra kinetische energie in huis.
Hoe potentieel die ook mag aanvoelen. Of omgekeerd natuurlijk. Hoe kinetisch het potentieel aan energie kan aanvoelen.
Hoe zalig het huisgerief door hem of haar vibreert, zeg maar.

Om het even in energetische termen uit te drukken.

Zelf denk ik niet dat ik in eerdere woonsituaties tegen de ene of andere huisgenoot ooit soortgelijke woorden van dankbaarheid heb geuit.
Neen, dat klopt niet helemaal naar mijn gevoel. Ik voel dat ik dit zeker wel heb gedaan naar mijn kinderen toe, misschien niet met dezelfde woorden.
Maar naar een partner toe vrees ik dat ik het gezelschap al snel als ‘evidentie’ beschouwde.
Net zoals het buitenzetten van de vuilzakken, wat onuitgesproken zijn taak was.
Net zoals het strijken van (zijn) kleding een evidentie was in mijn takenpakket.

Of het niet-te-warm-wassen van wollen truien…oepsie…

Het is pas sedert enkele jaren dat niet één van de stoelen aan tafel dienst doet als strijkoppas. En nu ik zelf moet in de gaten houden wanneer het vuilnis de straat op moet, ervaar ik hoe ‘tijdloos’ ik omga met die al snel ietwat noodzakelijke handeling.

Nu heb ik veel minder kleren in mijn kast hangen. Dat scheelt in noodzaak van snel was en strijk wegwerken.
Of beter, de wasmand is nog zelden langer dan een week vol.
De wasmand, die nu trouwens klein is, stroomt zelden over.
Misschien moet ik me dus opnieuw maar een beetje vaker wassen en propere kleding aandoen, hoor ik u mompelen. Dat zou inderdaad ook een uitleg kunnen zijn.
Wat ruik ik hier nu?!

Neen, vandaag is alles in mijn leven kleiner, minder druk, waardoor ik ruimte krijg om tijd te maken. Tijd maak om ruimte te creëren. En meer creëer omdat tijd en ruimte me beter passen. En net daar kan ik dan dankbaar om zijn.

Maar wat ik toch nog extra uit bovenstaande woorden wil plukken, ter inspiratie zeg maar. Mogelijk ook ter pre-transpiratie…het idee alleen al?!

“Wat als we af en toe wat vaker stilstaan en onze dankbaarheid uiten
aan mensen en hun handelen
die of dat we vandaag als evidenties beschouwen.”

Bedankt om me tot hier te lezen.
En succes ermee hé…
Fiduciaanse groet.

Tegen-Woordig

Photo by Toa Heftiba on Unsplash

De ene dag meer dan de andere, maar ik ben er heel gevoelig voor.
Voor aandacht die niet onverdeeld gegeven kan of wil worden. Aan mij, in een samen zijn.
Voor aandacht die niet in zijn volledige energie, zijnde onverdeeld, mijn richting uitkomt als ik wil verbinden.

Omdat de voorkeursbezigheid van de gesprekspartner een andere is dan samen een moment delen.
Omdat de preoccupatie met eigen besoignes verlangt naar het moment dat mijn aandacht ontvangen mag worden en eigen aandacht zich inwaarts keert om het effect van zich gehoord te weten voluit te capteren.
Omdat wat ik te vertellen heb geen meerwaarde heeft voor de ontvanger, misschien.

Mijn tranen rollen wel onverdeeld nu.
Maar aangezien ik mijn volledige aandacht bij mezelf en mijn typen houd, weet ik dat we er samen doorheen zullen spartelen, de pijn, mijn behoefte en mijn schrijven.
Dat doen wij immers elke keer als ik beslis woorden te geven aan wat zich binnenin afspeelt.
Geen beter medicijn dan schrijven.
Althans voor mij.

Met onverdeelde aandacht bij eigen verdriet blijven.
Er woorden voor vinden die de energie waardig zijn.
Misschien moet ik niet meer verlangen.

Voor onverdeelde aandacht moet je meestal betalen.
Hoe zot is dat?!
En dan nog is ze niet altijd onverdeeld…heb ik al opgemerkt.

Ik prijs mezelf gelukkig dat ik vrienden heb die gezegend zijn met de kunst van het onverdeeld aandacht geven. Maar ik bel ze niet in momenten als deze. Wel van zodra ik mijn eigen muizenissen overwonnen heb en kan vertellen vanuit een moment na de pijn.
Met een terugblik. Met een reflectie over een moment ‘klein zijn’.

Misschien rijmt mijn gevoeligheid voor afdwalend bewustzijn in mijn aanwezigheid wel met mijn wens om overbodig te zijn.
Is mijn aanwezigheid niet meer dan een katalysator voor het doen opborrelen van eigen inzicht.
Wordt iemand claimen niet meer dan een ultieme poging zichzelf te begrijpen, omdat dat zelfstandig nog niet lukt.

Toch heeft het met elkaar te maken, het claimen en het niet in staat zijn onverdeelde aandacht kunnen geven.

Misschien is ‘EGO’ wel het woord dat hier behoeften heeft.
En is Verlangen naar Verbinding wel Voldaan als het Tegen-Woordig is.
Mmmh…een vlammetje of zo in plaats van een verzameling letters…

Maak het Ge-zellig straks.
Of We-zellig…




Obsolete

Photo by Mika Baumeister on Unsplash

“Jij begint onmisbaar te worden,” zei hij.
“Neen, dat wil ik niet. Ik wil overbodig zijn,” reageerde ik meteen.
“Overbodig? Maar dat is het tegenovergestelde van onmisbaar!?” gaf hij als reactie.

“Precies” zei ik.

Waarschijnlijk is er iets in mijn gedrag dat mensen doet denken dat ik onmisbaar ben.
Dat ze me nodig hebben.
Soms,…vaak…claimen ze me…

Noemen ze me “mijn Fiducia.”
Dan frons ik mijn wenkbrauwen en neem resoluut afstand.

Ja, zo gaat dat bij mij…
Fiducia bezit je immers niet.
Fiducia is vertrouwen, dat moet je verdienen…elke dag opnieuw.
Geen mooier geschenk dan me niet nodig hebben…maar wel graag zien…

Overbodig mogen zijn.
Obsolete.

Maar liefst wel zien dat er iets veranderd is waar ik passeerde…
Al is het een beetje…

Fiducia droomt nog…


About presents and gifts

Photo by Annie Spratt on Unsplash

“The most beautiful presents
cannot be bought…
only gifted”

PS: ik plukte deze woorden net uit een online zoomsessie
en deel ze omdat ik ze zo mooi vind…
Dankjewel aan de ‘verzinners‘…

**********************

“If time is your gift
I can be your present”

PS: deze woorden bedacht ik wel net helemaal zelf …
Maar je mag ze helemaal gratis gebruiken als je ze fijn vindt…ssst…