Hoedanook

Photo by Debby Hudson on Unsplash

ik schrijf je dat ik aan je denk
onwetend of je ´t fijn vindt

ook hoop ik dat het blij is
wat je voelt doorheen de dag

beklijven is een woord
dat aan mijn tongpunt plakt

ik schrijf je dat ik aan je denk
maar hoe dan ook verzwijg ik

Vaarwel professor

Photo by Tra Nguyen on Unsplash

Het voelt een beetje dubbel om dit te schrijven.
Of beter, om dit NU te schrijven.
Maar ik zet door en zal ermee handelen op een manier die ik gepast vind, zodra dat ik het helemaal doorvoel.

Vandaag kreeg ik een berichtje van een vriendin. Haar broer, een partner, ouder en professor waar ik nog les van heb gekregen, is gisterenavond overleden.
Een plots overlijden, onaangekondigd.
Op leeftijd maar toch te jong om te sterven.

Vorige week was ik er nog over aan het denken eens op de dienst waar hij gisteren nog werkte langs te gaan. Omdat ik daar ook ooit zelf gewerkt heb in een eerste job, zowel mijn vriendin als haar broer er werken en de andere oude bekenden ook nog eens ontmoeten me wel fijn leek.
Dit idee was vrij hardnekkig aanwezig maar nog net niet in mijn agenda ingepland.
Misschien doe ik het nu alsnog één van de komende weken…

Hem zal ik nu niet meer kunnen spreken hoewel ik naar een kleine uitwisseling zoals de laatste keer had uitgekeken. Het academiejaar start nu zonder hem. Vreemd is dat.

Ik vond hem altijd grappig en vinnig. Hoe hij daar beneden in het leslokaal aan het bord stond met zijn niet zo grote gestalte. Hoe ik op een gegeven moment mijn vrouwelijke studiegenoten naast me er op attent maakte dat hij zo´n klein ‘poepke’ had en ik, toen hij zich prompt omdraaide en me recht aankeek, het akelige gevoel kreeg dat hij dat gehoord had. Focus terug op mijn blad. Verder schrijven en dimmen. Blozende wangen.

Hij was het ook die kennis uit me trok toen ik gegeneerd, met een rood en schilferig aangezicht van de stress in mijn laatste jaar het antwoord op zijn vraag poogde te formuleren op het bord en in woord. Het was op het krijtbord in het koffiekot. Met af en toe een medewerker die zijn bakje koffie kwam bijtanken, gelukkig geen praatje maakte. Toen nog niet…

Toen ik een dik jaar nadien op de dienst werkte en al enkele maanden zwanger was van mijn oudste dochter, kwam ik na de lunch verontwaardigd terug in datzelfde ‘koffiekot’ met de boodschap dat iemand me had gezegd dat ik een ‘kwakkelgangetje’ had. Ik zocht naar steun in mijn verontwaardiging. Onze professor zei boudweg ‘dat heb je altijd al gehad.’ Met een monkellachje.

Hij was een mooi mens. Mens onder de mensen, eenvoudig complex en rechtvaardig. Het was op zijn onderzoeksdomein dat ik mijn thesis maakte, met als voorbereidende opdracht een naslagwerk doornemen dat hij en enkele collega´s hadden geschreven.

Jaren later heb ik vaak nog gedroomd dat ik geen thesis vond die eenvoudig genoeg was voor me. Dan werd ik angstig wakker en daalde langzaam het besef in dat ik al een tijdje was afgestudeerd. Ook al had ik mogelijk nog steeds mijn thesis niet afgerond mocht mijn broer mij geen ‘sjot onder mijn kont’ zijn komen geven toen ik lag weg te kwijnen in de zetel bij mijn ouders thuis. Die zomer. Mijn ouders op reis en ik met het gevoel dat ik helemaal ‘niet voldoende was’ om dit diploma te halen.

Als mens heb je op je pad mensen nodig die (onvoorwaardelijk) in jou geloven en die geen moeite getroosten om je in je kracht te zetten.
Een leerkracht of professor kan die rol opnemen.

Aan R. houd ik bijzondere herinneringen over.
Ik wens zijn zus en familie veel sterkte toe.
Dat de mooie herinneringen zijn energie in leven mogen houden.  

Lieve groet aan hen, van mij.

Mijn duifje

Photo by 卡晨 on Unsplash

Ze landde op nog geen meter van ons verwijderd. Wij zaten daar maar wat te keuvelen op mijn koertje. Een hernieuwde verbinding waar het lijntje al zo´n achtendertig jaar geleden werd gelegd.
‘Ze is op zoek naar water’, zei C. waarop hij prompt wat water uit zijn glas op de grond kapte en de reactie van de duif nauwlettend gadesloeg.

Mevrouw duif had het naar haar zin, liep heen en weer. Steeds dichter ook. Maar ze ging niet naar het water.
Ik besloot haar uit te dagen en posteerde mijn bijna volle glas water op de grond. Mevrouw duif liep heen en weer. Ze was van het soort wit dat ik nog niet eerder tegenkwam in duif op mijn koertje. Een kleine donkere waaier aan glanzende tinten in haar nek.
Ze liep heen en weer, steeds dichter naar het glas. Maar drinken deed ze niet. Durfde ze niet?!
Tot ze luttele tellen later stijl omhoog haar weg vervloog tot bovenop de aanpalende muur.

‘Een vredesduif’, zei ik.
Ze gaf ons een moment om ons te verwonderen.
Zij vormde de inspiratie tot dit schrijven. Dankbaar voor haar verschijning.

Danku, mijn duifje!
Ach kijk, nu klinkt ik zelf als een opa die zijn liefde voor mevrouw nog voelt borrelen.
Ook in het grappige en ontroerende prentenboek ‘mijn opa is een boom’ van Kim Crabeels en Ingrid Godon wordt ‘mijn duifje’ aangehaald, naast andere gekke vogels.

Al dat vreemde gevederte, een boeiende materie …

Ver-ant-woord

Photo by Mike Perrotta on Unsplash

Ze stonden aan de overkant van de straat. Klaprozen en wat leek op een grotere vorm van madeliefjes. Even overwoog ik om een foto te nemen met mijn smartphone, maar ik besloot het zo te laten. Het rood opgelichte fietsje aan mijn oversteekplaats stond immers al een tijdje alert zodat het prutsen met smartphone wellicht zou interveniëren met het groene fietsertje dat weldra kwam aandraven. De afstand was wellicht ook te groot om een degelijke foto te krijgen.

Ik kon natuurlijk ook het mooie bloemenveldje van naderbij gaan bekijken, van mijn route afwijken. Maar heb ook dat niet gedaan. De verwondering bleef in het moment. Zoals de meeste ervaringen, die her of der wel een opkikker krijgen via een associatie op een onbewaakt moment. Als vanuit het niets komt een beeld weer voor het geestesoog verschijnen. Eventueel vergezeld van een emotie.

Daarstraks heb ik wel een foto genomen van kleine paarse bloemetjes die zich uit een muur leken te murwen. Mijn zus vertelde me dat er een app bestaat die je zegt over welk bloemetje het gaat als je er de foto aan geeft. Ik weet niet hoe die app heet. En ik zoek het ook niet op. Niet alles hoeft een naam. Het bloemetje was niet symmetrisch. Het leek op een bepaalde manier op een konijntje met dikke wangen met de twee oortjes ferm de lucht in. Misschien heet het wel ‘konijnenkruid’.

Hoe zou het zijn om dingen opnieuw te gaan benoemen, los van de naam die ze al hebben? Eventueel om als pseudoniem te gebruiken tijdens het gevecht om weer de overhand te krijgen als natuur…Rainbow-Warrior-kruid, ik zeg maar wat.

Vergeet-me-nietjes. Wie heeft ooit dat bloemetje zo genoemd? Omdat ze in de schaduw te vinden/vergeten zijn? Laatst ging ik wandelen met een vriend en toen ik hem wees op vergeet-me-nietjes trok hij er prompt eentje uit en gaf het me. Ik pruttelde tegen. Dat is niet de bedoeling natuurlijk. Dat die bloempjes maar mooi blijven staan waar ze staan. Ze zijn nog zo schoon.
Van mij mogen ze ‘zie-me-hier-staantjes’ heten. Of ‘wij-wagen-ons-hier-stilletjes’.

Welaan, ziedaar komt ineens een associatie op mijn pad. Hoe ik als kind met mijn grootouders naar hun caravan in de Ardennen trok en samen met mijn grootmoeder in het bos op zoek ging naar meiklokjes. Ze bracht er ook geregeld mee na hun weekendjes Ardennen. Ze geuren zo lekker, …
Een bosje op tafel. En dan van de meiklokjes associeer ik naar de meikevers die langs het terras zoemden van het appartement waar ik als kind woonde. Ik zie ze niet meer.

Mijn pa had trouwens zowel als kind als op oudere leeftijd de gewoonte om insecten en kevers die hij ving in luciferdoosjes te stoppen. Waar mijn grootmoeder dan geregeld bijna een aanval kreeg als ze een lucifer wou nemen. Ik heb ooit een spreekbeurt gemaakt over spinnen. En mijn pa had een dikke huisspin voor me gevangen als didactisch materiaal. Ze zat in een plastic doosje, goed vastgeplakt om geen ongelukken te krijgen in mijn boekentas.

Ik ben na wat uitgestelde lessen aan mijn leerkracht Nederlands gaan vragen of ik ‘alsjeblieft nu’ mijn spreekbeurt mocht houden, ‘anders is mijn spin dood.’ Het mocht. Onverantwoord wat het beestje betreft, achteraf beschouwd. Ik heb wel goed gescoord. Zowel bij de medeleerlingen als in punten.

Wat is ver-ant-woord?

Voeding

Photo by Pushpak Dsilva on Unsplash

Liever nog was ik oogstaandeelhouder gebleven van een CSA boerderij (Community Supported Agriculture). Om zelf te oogsten wat ik wil eten aan biologisch geteelde groenten en fruit. Maar de afstand en mijn (vaak) beperkte fysieke energie doen me nu besluiten te kiezen voor een initiatief dat voor mij meer kans op duurzaamheid kent.

Zo heb ik me geabonneerd op een biologisch geteeld groenten- en fruitpakket dat ik op een bepaalde weekdag oppik in een afhaalpunt in de buurt. Ik weet niet vooraf wat er in het pakket zal zitten. Het aanbod volgt wat Moeder Natuur te bieden heeft op dat moment. Groenten die aangekondigd werden maar nog niet rijp zijn voor oogst worden niet alsnog geoogst maar vervangen door iets anders. Zo surf je mee op het ritme van de natuur.

Hier komt dan wel de tussenstap van het oogsten en in bakken aanbieden op een bepaald tijdstip bij in het takenpakket van de initiatiefnemer, waar deze tussenstap bij een CSA boerderij wordt overgeslagen.

Bovendien maakt ook het feit dat je ‘oogstaandeelhouder’ bent bij de zelfoogst-oplossing dat je een stem hebt in de coöperatie en verdere uitbouw ervan.

Maar goed. Dit systeem van groenten- en fruitpakket werkt nu voor me, ik ben er tevreden over.
Het is alleszins heel anders dan vooraf een gerechtenlijst uitvinden en naar de supermarkt gaan voor groenten en fruit. Al dan niet biologisch geteeld.
Wat zit er eigenlijk allemaal in een winkelprijs?
In een groentenpakket-prijs?
In de dagprijs voor zelfoogst?

Verduurzamen wil ik.
Eén stap per keer…
Een voor mij haalbare stap. Op maat dus van mijn mogelijkheden.

Zelf heb ik ook enkele zaailingen nu, die ik weldra zal uitplanten. Het leek erop dat de pompoen en rabarber geen zin hadden om te kiemen, de rucola was snel tevoorschijn gekomen. Maar intussen heb ik in elk turfpotje wat opbrengst die verdere zorg en aandacht en een volgende fase verdient.

Dit is nog een zoeken voor me. Ik zet slechts mijn eerste stappen op bet vlak van moestuinieren.
Jammer toch, dat dat soort kennis niet meer overal van generatie op generatie wordt doorgegeven.

Ook daarom was ik aangesloten bij een CSA boerderij, om zelf te leren van wat ik er allemaal tegenkwam aan niet-exotische groenten allerhande. Hoe ik precies moest oogsten ook, zonder schade aan te brengen.

Maar goed.

Misschien, als ik werk maak van mijn conditie, vind ik alsnog de weg naar de boerderij.
Al zou ik het naar de boerderij fietsen ook als werken aan mijn conditie kunnen zien, zo deed ik het tevoren eigenlijk, … maar het werkte niet.
Onvoldoende discipline in het inzetten op beweging die de conditie ten goede komt. Ik schreef er al eerder over en sindsdien is  beweging nog steeds niet systematisch in mijn wekelijkse planning opgenomen. Shame on me.

Tut -tut, niet te streng voor jezelf, Fiducia!
De afgelopen sombere periode was heel hardnekkig en die ben je pas te boven gekomen. Rome is ook niet in één dag gebouwd heb ik horen zeggen. Al hoor in het in Keulen ook niet altijd donderen, hoewel dat ook wordt verteld.

Wat moet je nog geloven vandaag?
Dat biologisch geteelde groenten en fruit veel rijker is aan smaak?
Dat er meer groenten kunnen aarden in ‘onze grond’ dan wat in de supermarkt te vinden is?

Ik zeg vaak, ik betaal liever wat meer voor een product en eet er minder van, dan me dagelijks te vullen met eten dat geen smaak heeft. Toch?!

Ik herinner me dat er in het ziekenhuis op de koelkast in de kamer een sticker plakte met de boodschap ‘geen bederfbare voeding’.
Een rare uitspraak vond ik dat. Tot wanneer is voeding nog voeding?

In datzelfde ziekenhuis heb ik ook een foto gemaakt van een heel omvangrijke brownie die ik op mijn plateau vond voor de avondmaaltijd. Ik stuurde de foto door naar een vriend met de boodschap: ‘klantenbinding in een universitair ziekenhuis: volgende afspraak op de diabetesafdeling…’

Wie geeft vandaag het voorbeeld op het vlak van voeding,
walks the talk
values (the) difference?

Wie definieert wat ‘voeding’ is?
Voor lichaam. Voor geest. Voor persoonlijke interacties.

EigenWijs

Photo by James Fuller on Unsplash
EigenWijs- ingesproken versie

Mijn intentie gisteren was om me te verontschuldigen omdat ik weer zo´n ochtend inging waarbij ik me niet stevig in mijn schoenen voelde. Maar ik schraapte mezelf bij elkaar en installeerde me op de plek waar ik rustig online in verbinding kon gaan voor een overleg. Een project en traject dat ik al van bij de start mee heb gelopen en waar ik in geloof. Dat uitbreidingen allerhande kent en kansen tot samenwerking biedt waardoor mijn voeling met activiteiten van andere actoren die op dit terrein actief zijn, toeneemt.

Nieuwsgierigheid gevoed? Yep!
Na de vergadering was ik dankbaar en geïnspireerd.
Een tikkeltje energetischer dan vóór het overleg.

Ik mis trajecten waarin ik een zinvolle bijdrage kan leveren. Trajecten waarbij mijn ‘aanwezig zijn’ genoeg is, omdat ik een schat aan ervaring meedraag en mijn ‘bewust-zijn’ en ‘alertheid’ actief onderhoud, bijvoorbeeld.
En gewoon een toffe madam ben om er bij te hebben ook. Woehaha!
Ervaring dus…die ik graag met participatie aan nieuwe projecten en trajecten aanvul om ‘mee’ te blijven en her of der te inspireren.

Neen, niet dat ik ‘passief’ wil deelnemen. Een spons wil zijn.
Het soort deelnemen waarin ik me het beste voel is waar ik het aanvoelen heb dat wat ik inbreng, van persoonlijke ervaring tot helikopterperspectief, in overweging genomen wordt. Ik niet de indruk heb dat ik er ‘voor het kunnen afvinken van’ het ‘cliëntperspectief’ bij zit.
Kortom, ernstig genomen word. Niet beluisterd maar gehoord…

Er zijn momenten geweest, ook in dit traject, waarbij ik voelde dat ik in een richting geduwd werd. Zoals op momenten dat een minister van Gezondheid in de media verschijnt om een project in de kijker te zetten waaraan ik meetrok en er vanuit allerhande kanalen druk werd gelegd om mijn ‘cliëntperspectief’ te verwoorden.
Dan pas ik. Ik ben iemand die het best werkt in de schaduw. Daar voluit mijn ding wil doen, zonder te moeten ‘geliked’ of ‘gedis-liked’ worden omdat dat nu eenmaal de manier van communiceren van vandaag is.
Overigens was ik in voornoemde gevallen een slechte keuze van ‘getuige’, omdat ik had meegewerkt aan de uitbouw van de projecten zonder er zelf gebruikerservaring mee te hebben. Getuigen over deelname aan een aanbod levert een ander verhaal dan mee bouwen aan de toekomst van een pilootproject. Enfin.
Ik hoop dat ik mijn perspectief en voorkeuren voldoende duidelijk heb gemaakt intussen.
En ik houd mijn sensoren scherp.

Ik hoef ook voor dit blog niet te weten hoeveel ‘hits’ ik heb. Dit blog is mijn manier om met de wereld te communiceren. Ik fluister mijn boodschap, wie goed kan luisteren pikt ze op. Ik heb lang alleen maar mijn pseudoniem gebruikt. Zodat ik in alle anonimiteit kon fluisteren en mijn gedachten kon ordenen. Intussen staat mijn naam in het groot bovenaan mijn ‘creatieve speelruimte’, ontdek ik her en der nog fijne nieuwe toeters en bellen die ik kan uitproberen en voel ik me goed als ik elke dag wat woorden kan publiek zetten. Al is het nonsens. Gedicht of geopend. Eenvoudig of meervoudig ver(ant)woord.

Mijn woorden zijn op elk moment een weerspiegeling van hoe ik me voel. Van wat me boeit of (ver)(ont)Waardigt. Van wat ik aan schoonheid zie.

Vandaag vraag ik me af hoe ik mezelf nog kan bijschaven om van mijn blogruimte nog iets mooiers te maken. Wat ik kan ondernemen om op meer terreinen gewoon te ‘zijn’ en te ‘geven’ om van daaruit inspiratie te putten voor nieuw te manifesteren sporen. Waar en hoe ik mijn leven en tijd verder kan en wil vormgeven. Onderzoeken waar ik echt ‘thuis’ kom.

Het zou mooi zijn om elke dag een sprankel te kunnen plukken die me tot een nieuw schrijven aanzet. Want ja, dat is mijn ding, schrijven. Al ben ik niet altijd helemaal zeker over spelling en consoorten…voor mijn speeltuin hoeft het allemaal niet te perfect te zijn.
Dan gaat de lol eraf. Al blijf ik alert en zoek ik vaak wel de correcte schrijfwijze op. En laat dat ook vaak weten, tja…

Ja, ik ben onverbeterlijk nieuwsgierig.
Ja, ik maak graag verschil door te ‘zijn’.
Neen, ik houd helemaal niet van financiële en administratieve beslommeringen.

Onverbeterlijk eigenwijs, dat ben ik ook…

van Dale zegt over ‘eigenwijs’:
1) niet luisterend naar goede raad
2) eigenaardig-grappig

Ik ga voor de tweede optie.
En introduceer bij deze ‘anderwijs’ = wel luisterend naar goede raad

Veranderwijs bestaat ook…zoek maar op. Heel interessante piste…
Maar ik wijk af…
Tsss…Fiducia, inderdaad, stop nu maar…

Omslag

Photo by Regös Környei on Unsplash
Omslag

ik zie het aan de ondeugd in je ogen
jij daagt intens plezier uit in ons zijn
twee woorden die mijn slotakkoord soms smoren
wat is intens, wat is plezier
als somberheid nog schijnt

wel, dat is kunnen zien hoe mensen stralen
dat is ervaren hoe een kind nog ongeremd
de pieren uit je neus wil ondervragen
om zonder omweg te vertellen
wie jij bent

ben jij een juf
jij bent toch psycholoog
of toch wel psychiater
maar welkom, hooggeacht en zacht
zo liefdevol woordloos gedacht

lijkt nu toch op een ommekeer naar later
de somberheid verlaat me en het dansen nodigt uit
na de komma toch een spatie met vers water
een nieuw ontstaan van nu
een beetje later dan voorzien

een tij dat keert
de rots begeert
de zee omarmt
ze lacht

ik zie je en ik hoor je
nu en later



Kantelpunt

Photo by Vitolda Klein on Unsplash

op wandel met de moed der wanhoop

zag ik hoe je stremde, stopte
niet geheel op je gemak
en vroeg of ik kon helpen

je knikte heel gedwee

voor jouw traject naar huis
was het verschil dat wij met twee
je fiets weer vleugels gaven

die ‘dank je’-mompel neem ik mee

Opkikker

Photo by Aziz Acharki on Unsplash

ik wil de stralen uit je ogen
zotte wriemels in je lijf
het ongeduld voor meer van wat
door passie zo beklijft

maar ik laat je
en ik kijk gewoon
wat ik van jou kan leren

op moeilijke momenten
neem ik jou in mijn bewustzijn op
dan kikker ik iets wakker
en gemoed laat zich wat keren

Een tint-eling

Photo by Al Yeacha Irfan on Unsplash

De douche heeft me deugd gedaan. De droge kleren ook. Normaal gesproken zou ik op dat uur van de dag gewoon gekozen hebben om mijn spullen een beetje nonchalant weg te leggen en aan het eten te beginnen, maar niet nu. Heb geluisterd naar wat ik nodig had. Vorige fase bewust afronden, volgende fase als herboren instappen.

Het is me nooit eerder overkomen. Het boek was trouwens ook bijna uit. En niet eens zo goed. Maar ik werd dus emotioneel bij een stuk dat ik inlas. Ik voelde mijn stem overslaan. De voorlaatste pagina. Waardoor ik moest stoppen, terugspoelen en opnieuw inhaken met dezelfde woorden, hopend dat de emotie bij deze herkansing niet te fel doorschemerde in de stem die ik activeerde om de woorden vleugels te geven.

Ik zou het immers de luisteraars niet aan willen doen, dat ze zich gaan afvragen of alles wel ok is met die inlezer…
Alhoewel, extra laagje op de ‘beleving’
Empathie trainen via een omweg…

Neen. Ik heb me herpakt en het boek is dus uit, of beter: ‘helemaal ingelezen’ nu. Klaar voor de Luisterpuntbibliotheek…misschien na nog een screening door de studiomeester. Volgende week vat ik een nieuw boek aan.
Ik was allang blij dat er deze week een exemplaar tussen de ‘voorraad’ lag dat ik wel zag zitten. Voor mij liever geen fantasy of thrillers. En graag zo nu en dan eens een pareltje dat één of andere prijs won of waardig is…

Misschien was het gewoon wat veel ineens vandaag…
De afgelopen dagen…weken…?!

Eerst een afspraak in het ziekenhuis voor een babbel met hoog ‘spuigatvermogen’ en nadien nog een tocht, een wacht en een onderdanig overgeven aan een prikje voor nader bloedonderzoek. En dan de uitgang niet meer vinden, en moeten vragen en me intussen bedenken dat ik niet graag rondloop in ziekenhuizen dezer dagen.
Fiets op en weer verder.

Maar dan thuisgekomen een tevreden huisgenoot aantreffen die nu helemaal overtuigd is dat een Waardevol cadeau anders binnenkomt bij een ontvanger dan wat centjes…
Omdat hij er zelf een voorbeeldje van toonde, inclusief verhaal bij vertelde.
Beetje voldoening toch.
Waar een ui als metafoor al niet goed voor is…

Dus…mijn doucheke…
Spoelde ik met de waterstraaltjes van de douche het laagje dat bleef plakken en zo fluïditeit afremde van me af, zeepte ik me in met mijn favoriete zeepke en liet verse watertintelingen me een streepje lichter toewerken naar het avondmaal.

En ja, dat is dus zo een truukje dat ik soms over het hoofd zie in mijn arsenaal truukjes: neem nu gewoon eens een goed doucheke…

Voilà. Bij deze even her-varen.
Heeft ook te maken met (W)aardigheid, toch? Cadeautje voor jezelf.

Jezelf een tinteling geborgenheid gunnen.