Leer-kracht

Photo by Omotayo Tajudeen on Unsplash

Ik weet niet meer waar ik het model voor de eerste keer onder ogen zag, maar het is me bijgebleven. Hoe ik daarbij hoop dat ook andere concepten me bijblijven…kennis tout court echt blijft plakken…

Van onbewust incompetent naar onbewust competent. Kennis, vaardigheden, attitudes,…
Je doorloopt vier fasen van vervolmaking in een leerproces.

Neem autorijden. Je rijdt als uk op de achterbank mee met je ouders en bent je er niet van bewust dat jij nog niet kan autorijden. Je bent onbewust incompetent.
Tegen de leeftijd van 15 jaar ben je je je ervan bewust dat je niet kan autorijden, maar heb je de rijvaardigheden nog niet geoefend. Je bent bewust incompetent. Tenzij je een durver bent en heel goed elke bestuurder gadesloeg om te kijken wat er allemaal van handelingen komt kijken bij autorijden. Misschien heb je zelfs eens op een stiekem moment de auto ‘geleend’ en het samenspel aan acties geheel zelfstandig uitgeprobeerd. Zonder voluit te beseffen dat je nog bewust incompetent bent en nog menig uurtje te oefenen hebt richting competentie.
Met een beetje veel geluk hebben je ouders je uitstap niet gemerkt…

Dan starten je rijlessen officieel en leer je de pedalen kennen, de koppeling, de richtingaanwijzers…het samenspel, en mag je intussen niet vergeten dat er buiten je vehikel ook nog van alles gebeurt dat je best in de gaten houdt. Oefenen en oefenen tot je bewust competent wordt. En je uiteindelijk, jaren later, beseft dat je de auto nam en je niet meer herinnert hoe je ineens op je bestemming bent geraakt.
Je bent onbewust competent geworden.

Dan is het zaak nog wel opmerkzaam te blijven omdat het gevaar nu eenmaal van alle kanten kan komen. De handelingen gebeuren echter heel natuurlijk, alsof de auto een verlenging werd van jezelf.

Zo had ik net mijn rijbewijs en reed op een middag naar huis na het thuisbrengen van een vriendin waarmee ik een dansles had bijgewoond. Ik kende de autoradio nog niet goed en zat er al rijdend aan te prutsen tot ik opmerkte dat ik op de rijbaan van de tegenliggers reed.
Even bijgestuurd, niets gebeurd, maar elke seconde telt. Ik had geluk…

Als je geluk hebt, ben je omringd door mensen die je met nieuwe dingen laten kennismaken. Die je aansporen je grenzen te verruimen en te onderzoeken of een bepaalde competentie voor jou is weggelegd. En vervolgens met je op zoek willen gaan naar een goede leerschool.

De school is weer gestart. Binnenkort starten ook de hogescholen en aan het einde van de maand de universiteiten.

Mijn loopbaan speelde zich af op de rode lijn van vorming en opleiding.
Inmiddels ben ik nog steeds behoorlijk nieuwsgierig, maar onthouden is en was nooit mijn sterkste kant. Aan de universiteit moest ik soms wiskundige formules gebruiken om vraagstukken op te lossen. Ik kende meestal wel de basisformule en kon zo de lange formules die ik nodig had er wel uit afleiden, maar dat kostte me natuurlijk tijd die ik beter voor de essentie van het vraagstuk kon gebruiken.

Daarstraks heb ik een geleide wandeling gevolgd in de natuur. De gids vertelde ons allerlei weetjes onderweg. Ook daar merk ik dan op hoe weinig blijft hangen. Ik moet het me maar niet aantrekken.

Intussen lees ik na de laatste opleiding die ik volgde gedichten op een andere manier. Met meer ‘goesting’ om te begrijpen in plaats van de bladzijde om te slaan na een eerste lezing zonder inzicht. Ik lees ze een paar keer nu, vooral ook als ik ze niet meteen begrijp. En ik bereid me voor om ze te delen zodat ik het er samen met anderen over kan hebben.
Wellicht kijken we met veel brillen op een rijkere manier naar dezelfde woorden.

En ach, zolang ik bewust incompetent ben, valt er bij te leren.
En te ont-dekken wat ik fijn vind.

Misschien is dat wel de opdracht van een leer-kracht:
de verwondering helpen ont-dekken…zodat nieuwsgierigheid het leerpad verder vormgeeft.

Voorschrijvend Inzicht

Photo by Alexandre Brondino on Unsplash

Zeker ben ik niet dat het daaraan ligt. Maar ik ben nu eenmaal altijd een beetje nieuwsgierig naar dingen die ik in mijn leven tegenkom en niet meteen kan verklaren. Zoals daarstraks. Er sluimerde een inzicht doorheen mijn avond gisteren en toen ik dat vandaag een beetje grondiger onderzocht voelde ik een ‘zucht’...het inzicht landde en werd een ‘weten’.

Maar toen ik er dus daarnet even tussenuit trok op mijn trapmachien, om wat lucht te happen, gehuld in een andere jas dan doorgaans wat een herschikking van spullen allerhande noodzaakte…

(beetje te lange aanloop dit, zal dit seffens even herlezen…want ik heb gehoord dat schrijven schappen is…al heb ik die uitspraak ook nooit echt goed begrepen…
Is schrappen dan ook schrijven?
Of is het een logica van de orde “een vogel is geen mus”
…al volgt daarop: “en een stamp is gene kus”
Maar dat laatste is tenminste wel goed invoelbaar.)

En dat een mus wel degelijk een vogel is, is niet meer dan het gevolg van voortschrijdend inzicht…En nu schreef ik net ‘voorschrijVend inzicht’…vind ik ook wel iets hebben…een blogtitel werd geboren…

Dus…ondervond ik daar op trektocht dat ik teen en tander niet terugvond. Dus placeerde ik telkens (met engelengeduld) mijn rugzak op de grond, binnen zowel als buiten al naargelang wat ik koortsig zocht…want intussen blokkeerde ik wel de weg van de mensen die exact op de plek wilden zijn van ik en mijn rugzak. Dus gehurkt en rustend, bracht ik de inhoud tot uithoudens toe naar buiten. Al bij al vond ik dan telkens terug waar mijn onderbewustzijn mee gaan lopen was. Enfin, bij wijze van spreken dan.

Maar dat brengt me op het volgende: als ik me de dingen waarvan ik me bewust ben als het topje van de ijsberg voorstel, dan heet het hele deel onder de waterlijn, dat dus veel groter is dan dat wat vanop ons dobberende bootje of schoonschip zichtbaar is, het onderbewuste. Of onbewuste…heb ook nooit het verschil daartussen begrepen, hoewel ik me een vrouw herinner die zeer duidelijk stelde…dat ze kriebels kreeg van één van beide woorden. Ik weet dus niet meer welk van de twee…de indruk zal niet stevig genoeg gemaakt zijn.
Of ik was niet klaar voor het inzicht, dat kan ook.

Zucht…waar leidt dit naartoe, Fiducia?

Sssst!
Waar was ik: ah ja!
Al die wezens die onder de waterlijn kunnen kijken, die hebben dan toch een veel groter bewustzijn dan wij mensachtigen? Bovenwaterigen? En al die ruime bewustzijnswezens, die zijn zich dan wellicht niet bewust van wat er boven water allemaal gebeurt? Tenzij ze af en toe dolfijngewijs komen piepen of walvissproeien.

Zou er een taal bestaan die zowel zij, de onderwaterigen als wij, de bovenwaterigen ons kunnen eigen maken, zodat we van elkaar kunnen horen welke wijsheid ons zal vooruit helpen in datgene waar we nu mee worstelen?

Wellicht is niet alle wijsheid die we hebben even interessant of bruikbaar voor het deel van ons dat we ‘zij’ noemen. Maar had ik niet ergens gelezen dat ons bewustzijnscapaciteit voor 5% gebruiken om ons leven vorm te geven. En dat we 95% dus niet benutten?! Terwijl we dat ding dat we bewustzijn noemen kunnen inzetten voor groei in menselijkheid.
Neen, ruimer dan dat.
Groei in Levensenergie.

Wat als we daar eens op inzetten?

Omslag

Photo by Regös Környei on Unsplash
Omslag

ik zie het aan de ondeugd in je ogen
jij daagt intens plezier uit in ons zijn
twee woorden die mijn slotakkoord soms smoren
wat is intens, wat is plezier
als somberheid nog schijnt

wel, dat is kunnen zien hoe mensen stralen
dat is ervaren hoe een kind nog ongeremd
de pieren uit je neus wil ondervragen
om zonder omweg te vertellen
wie jij bent

ben jij een juf
jij bent toch psycholoog
of toch wel psychiater
maar welkom, hooggeacht en zacht
zo liefdevol woordloos gedacht

lijkt nu toch op een ommekeer naar later
de somberheid verlaat me en het dansen nodigt uit
na de komma toch een spatie met vers water
een nieuw ontstaan van nu
een beetje later dan voorzien

een tij dat keert
de rots begeert
de zee omarmt
ze lacht

ik zie je en ik hoor je
nu en later



What does KIWI stand for?

Photo by Esther Wechsler on Unsplash

Hij weefde het letterwoord ergens vlotjes doorheen zijn verhaal.
Dat ze daarmee via mail geantwoord had toen hij een technische vraag had gesteld.
“LMGTFY”
Ik vroeg hem even opnieuw dat letterwoord te articuleren, omdat het me niet bekend in de oren klonk. Blijkbaar betekent het “Let Me Google This For You.”

En zo leer ik dagelijks bij.
Het vier-letterwoord RTFM kende ik al langer. “Read The Fucking Manual.”
Die manual, die tussen het tijdstip dat dit acroniem voor het eerst mijn oren bezocht en De Dag Van Vandaag (DDVV) wellicht ook te vinden is op het Internet.
Waar je online bovendien niet doorheen de inhoudstafel moet navigeren omdat je kan zoeken op woorden, stel u eens achter.
Als je al het exacte (technische) woord kent in die taal, want dat is ook nog geen evidentie.

Gisteren heb ik trouwens nog geleerd hoe ik online betere resultaten kan bekomen voor vertalingen. Vaak vulde ik alleen het woord in waarvan ik de vertaling zocht. Wat vaak een vreemde combinatie opleverde in de context van de tekst die ik onder de loep nam. Nu geef ik de context mee, door een paar relevante woorden extra mee te geven, een zinnetje, bij wijze van spreken.
In mijn geval, gisteren, gaf dat alleszins een vreugdedansje omdat ik ineens het licht zag in de tekst.
Ik heb er dan maar meteen een regenboog van geplooid.

En volledig los daarvan kreeg ik een Russisch zinnetje door met één Vlaamsch woordje ertussen…omdat ik nu eenmaal nieuwsgierig ben, heb ik dat door de vertaalsleutel gehaald en patat, dat was gewoon een perfect te begrijpen Vlaamse friet geworden!
Vlaamse friet…alsof friet Vlaams is…maar goed, dat gaat buiten mijn beentje.

En zo vul ik mijn arsenaal aan wetenswaardigheden.
En als ik ze hier niet altegader zou neerpennen in blogberichten, zou ik volgend jaar op hetzelfde tijdstip wellicht al niet meer weten welke inzichten ik gegenereerd heb, terugkijkend op mijn vorig jaar.

En ik die zo graag verlicht wil worden…of is het zijn als het tegenwoordig was?!

Daarom heb ik me ingeschreven voor een sport-challenge van een maand.
Ook omdat ik al een hele tijd het voornemen heb om mijn sportbroek aan te trekken, sportschoenen eronder te hangen en uit lopen te gaan. Richting park, omdat daar recent zo van die ‘barren’(?!) geplaatst zijn.
En daar vond ik het woord dat ik ook nooit eerder ontmoette: ‘calisthenics’.
Omdat je dus die ‘sport’ kunt beoefenen aan die ‘barren’.

Ik zie me er al, met bijgetrainde buikspieren, inzetten om weer eens heel-lang-geleden-gekunde oefeningen te doen. Net zoals ik een tijd geleden mezelf ook had voorgenomen om vóór mijn vijftigste opnieuw radslag zonder handen te draaien. Dat heb ik geoefend in datzelfde park. Zonder barren, met handen maar doendst alsof het zonder was.

De beweging is nog gekend in mijn lichaam, maar mijn handen heb ik niet durven wegtrekken.
Ook omdat er geen hulp stond om me dat extra zetje te geven mocht het nodig zijn en omdat ik eigenlijk ook niet onnozel moet doen. Wie wil er nu op zijn vijftigste per sé zotte kuren uithalen?

Hoewel. Je bent een kiwi op de schaal van fruit of je bent een klokhuis.

Omdat een vriend van me, mijn co-creatiemaatje voor mijn favoriete gedichtje dat ik bij wijze van vulling eindelijk eens heb ingelezen tussen wat vernieuwende djingles door.
Of zijn het jingles, zoals diezelfde laatstgenoemde vriend ze verwoordde?
Rara, waar staat het rode wiebelstreepje onder in mijn word-bestand…?

Dus, ik had me één der afgelopen dagen ingeschreven voor een sport-challenge, maar ik krijg de info niet door. Tenzij ik ze pas door krijg op de dag dat het start, maar dan mogen ze me dat op zijn minst laten weten, toch?!

Dus ben ik nu in afwachting.
En als er niets komt, dan trek ik bij wijze van protest alsnog gewoon mijn sportbroek aan, loop-wandel-puf-herbegin-loop-rood-aan en mompel tot aan het park en zoek de barren op om een beknopte reuzendraai te maken. Mét handen.

En als ook dat niet lukt tegen mijn zestigste, dan zal ik me moeten herschikken op de schaal van fruit denk ik.
Dan moet ik mijn goede vriend  weer even lijnen voor een co-creatie-uurtje of -kwartiertje of sms.
Of zo.

Verbinding

Photo by Shane Rounce on Unsplash

Welke dag het was, weet ik niet meer. Maar ik had de bus richting station genomen en de chauffeur draaide muziek. Het was een fijne rit, de zon scheen en ik genoot van de muziek en de ontspannen sfeer op de bus. Er waren maar een drietal andere reizigers die meereden en ik hoorde niemand klagen over de muziekkeuze. Het waren trouwens wat ‘oudjes’ die gedraaid werden, maar net zo fijn.

Aan het station moest ik een andere bus nemen.
Een vrouw stapte enkele haltes verder op en ze stond wat te wiebelen op de middengang.
“Kan ik helpen?”, vroeg ik.
Ze draaide zich om, ik nam mijn rugzak van de zitting naast me en ze nam plaats op die plek.
Gezellig zo met zijn twee.

Aan de volgende halte waar de bus stopte, stond ik even op en vroeg ik aan de chauffeur of hij muziek wilde opzetten.
“Er staat muziek op” antwoordde hij, “maar die is enkel hier vooraan te horen.”
Nu was het ook een oud type van bus die al wat meer lawaai maakt dan de nieuwere versies, zoals degene die ik eerder had genomen.

De bus vertrok weer en de chauffeur was blijkbaar sowieso niet van plan zijn muziek door heel de bus te laten klinken.
De vrouw naast me raakte mijn arm aan en sprak “talk to me.” Geheel spontaan.
Dus dat deden we. En ik kwam een glimp van haar leven te weten. Dat ze een vriendin ging opzoeken in de stad waar ook ik naartoe reed. Dat ze ernaar uitkeek en die verbinding eens per week maakte. Ofwel kwam de vriendin tot bij haar.

Ze was voornamelijk alleen, hoewel ze kinderen had en een man. Maar niet in dit land.
Bij de voorlaatste halte stapten we beiden af en groetten we elkaar.
We wisselden geen gegevens uit. Ze drong er ook niet op aan dat ik later nog een keer met haar zou spreken, wat anders soms wel gebeurt.

Maar dit gesprek, deze toevallige ontmoeting, deed me wel denken aan het project dat Arsenaal/Lazarus in Mechelen opzette in samenwerking met het lokale museum Hof van Busleyden: ‘De grond der dingen’.

Ik heb het initiatief al een poos niet meer opgevolgd, maar aan het begin van het traject mochten Mechelaars ideeën insturen die de stad en/of haar bewoners ten goede komen. Later werden alle ideeën voorgesteld in een aparte ruimte in het museum en het traject leidde naar een voorstel aan de stad om de, via participatieve besluitvorming steunend op technieken van deep-democracy, geselecteerde projecten ruimte te geven om zich te ontvouwen.
Het opzet was niet dat de stad geld aan de ideeën zou toekennen om de realisatie mogelijk te maken, dan wel fysieke ruimte te voorzien om de ideeën te ontplooien.

Ook ik stuurde bij de eerste oproep een idee in, dat later in het beslissingstraject aan enkele andere ideeën werd gekoppeld.
Mijn voorstel was om de perronbanken in de stations in de Mechelse regio alsook de banken aan de bushaltes een herbestemming te geven als ontmoetingsplaats.
Ik heb geen idee hoeveel vierkante meter dit in beslag neemt, al die bushaltes en perrons waar banken ter beschikking staan. De intentie voor mijn idee was om de barrière om een gesprek aan te vatten te doorbreken. De barrière die vaak gevormd wordt door…scherm-kijken-in-de-eigen-bubbel.
Met ‘bubbel’ nog zonder connotatie met het Corona-virus…

De vrouw die ik in de bus ontmoette had geen ‘opstapje’ nodig om een gesprek aan te knopen. Een jongeman die op een keer naast me kwam zitten aan de bushalte ook niet. Hij wou weten hoe oud ik ben. Ik heb het hem met wat omwegen verteld. Hij is niet lang blijven zitten. Al was ik toen, geef ik toe, ook net in mijn bubbel op mijn GSM aan het tokkelen herinner ik me. Dat getuigt niet van veel openheid…

Fiducia reflecteert over verbinding…

Mist-ici

Photo by Ante Hamersmit on Unsplash

Tot daar zit ik:

“De beschaving is manipulatie, maar hoe ver mag ze gaan?
Het motto moet zijn: “voorzichtigheid en nederigheid”.
Wetenschappers zijn niet altijd nederig.”

Ik leer zijn ‘geschriften’ nog maar net kennen, maar had nu al graag een gelegenheid gevonden om met deze man in gesprek te gaan: Ulrich Libbrecht.

Eerst nog maar Wat Wijzer Worden…

Nederig Mistig Wuifje.

Geweldloze Communicatie

Photo by Nick Fewings on Unsplash

Het is al een tijdje dat ik bij deze zoomsessies aansluit. Mijn dierbare vriend GGG tipte me dit initiatief. En aangezien ik nogal van de nieuwsgierige kant ben…af en toe…(eufemisme), ben ik gaan kijken.

En wat me beviel, bevalt, heeft mijn trouw 🙂

Vandaag plakte de Duitstalige initiatiefneemster het woord ‘Treue’ op mij van zodra ik de zoomsessie betrad, weer bijna als eerste van het gezelschap.
‘Treue‘, zei ze, omdat ik zo trouw elke dag present geef.
‘Behalve afgelopen zondag dan’, meldde ik…toen kwamen dierbare vrienden op bezoek en maakten we na de wandeling ruimte voor een babbel met koffie.
Ter ‘deugd‘ van mijn huisgenoot ook, merkte ik op.
Maar ik verwittigde mijn vriend GGG en vroeg om de groetjes over te maken aan de ‘crew’.

Omdat dit soort initiatieven een band schept…snel diep gaat…warm voelt.
Verhaaltjestijd voor grote mensen…

De sessies draaien om het boekje ‘Mr. Rosenberg and the coffee cup
Met ondertitel ‘Touching experiences with Nonviolent Communication‘.
Geschreven en in de zoomsessies gebracht door Gundi Gaschler en reeds in diverse talen vertaald door warmhartige aanhangers van Geweldloze Communicatie.

Hoe het werkt?
Dagelijks gedurende drie kwartier maakt Gundi op de zoom ruimte voor een verhaal uit het boekje. ‘Aanwezigen’ worden uitgenodigd te delen hoe ze erbij zitten, het verhaal wordt voorgelezen en na ruimte voor stilte en ‘landen’ van de woorden, mogen de ‘aanwezigen‘ dan delen wat het verhaal met hen deed of wat het oproept.
Met hun volle aanwezigheid en stem of in de chat.

De eerste keer was ik verbaasd dat het een internationaal gezelschap betrof. En geraakt door de warmhartigheid die opborrelde door al deze mensen die elkaar niet noodzakelijk kennen. Nu ja, verbaasd is een groot woord. Als het bad waarin ik al hupsend en huppelend terechtkom aangenaam warm aanvoelt, dein ik meteen mee op de energie van de groep.

Ik heb bij reacties die ik gaf, gehuild. Ik ben bij reacties die werden gegeven gesmolten en elke keer heb ik de sessie zien afsluiten terwijl een glimlach mijn aangezicht bemande terwijl ik met mijn handen de anderen uitwuifde.
Net zoals zij.
Zo´n dingen leer ik snel…en weinig gedrag is tenslotte ook ongepast als het hart van je gezelschap op de juiste plaats zit. Toch?!

Ikzelf heb ooit één workshop Geweldloze Communicatie gevolgd in, ik dacht een vrijwilligershuis vlakbij Brussel Centraal… Ik herinner me dat ik een eigen voorbeeld aanhaalde en iedereen zag waar de knoop zat en ik zag hem niet…
De docente wilde niet dat de anderen hun ‘inzicht’ deelden met me.
Juiste aanpak, wat mij betreft.
But I can see clearly now…

Bij Geweldloze Communicatie komt het erop aan te werken met behoeftes.
Als iemand iets doet of zegt waar je het moeilijk mee hebt, benoem je het gedrag, zeg je wat het met je doet, voeg je toe wat je behoefte is en vraag je of de ander daar rekening mee wil houden.
Al is het vaak niet zo rechtlijnig als dat…woorden laten zich wel eens zoeken…
Het vergt oefening uiteraard, al is het alleen al maar om je aan je eigen pure observaties te houden in plaats van er een interpretatie op te plakken.

Mijn vriend GGG blijft er zich in verdiepen omdat het hem zo verrijkt, verkondigt hij.
Van Geweldloos naar Geheel Geweldloos naar Godzijdank Geheel Geweldloos.

GGG dus… 🙂

Hij noemt mij soms TGV.
Maar dat heb ik nooit gesnapt. En ik durf het zogezegd niet vragen.

Alleszins, tijd voor vertraging. Potje koken.
Warms.

Inhoud

Wat een vreemde avond. Krijg ik ineens in mijn mailbox een taalgerelateerd bericht en valt mijn oog op het woord ‘knaldrang’. Ik denk ‘dat moet ik nader onderzoeken’. Ik bedoel, zo een drang kan je toch niet toelaten? Daar moeten toch regels voor opgesteld worden?

Om zeker te zijn dat ik het allemaal goed begrijp, kijk ik verder dan de inhoud van mijn schuif met standaard antwoorden, helemaal uitgevonden en al.
Woordenloos werd ik. Daar niet van.

Maar ik ga verder.
Zo vind ik ‘Als de fuifhonger te hevig wordt, krijg je knaldrang.’

Ik laat mijn ogen nog een beetje over de rest van de uitleg dwalen, maar besluit gewoon boudweg de link hier te plaatsen. Beetje lui zijn af en toe is goed voor de energiehuishouding. Hij zit daar ergens beneden. Je komt er wel als je verder leest.

Ik laat intussen Mariah Carey en Whitney Houston even hun ding doen en geniet van de energie tussen die dames. Daarna besluit ik eens de slimmerik uit te hangen en een woord te typen dat volgens mij onmogelijk een zinnige opbrengst kan geven. Ik typ: ‘skaramousj’. Mijn schrijfwijze niet te na gesproken blijkt er muziek te zitten in dat woord.
Ik heb de mannen laten uitspelen en ben blijven zitten tot het einde. Heb genoten van hun virtuositeit.

Wat ik echter als laatste tegenkwam, tart alle verbeelding. Een mevrouw die duidelijk wil dat ik meedoe. Maar als ze naar mij wijzen dan haak ik af. Dan komt de rebel in mij naar boven. Meedoen als je met de vinger gewezen wordt? Jamehoela!

Ik wil het u echter niet onthouden. Voor elk wat wils.
https://www.youtube.com/watch?v=Tb3SaTv4clM

Retteketet.

PS: En dat blokje hieronder heb ik dus verschoven en nu krijg ik dat langs geen kanten weg. Tenzij ik opnieuw begin misschien. Maar heb ik geen zin in.
En ach, die rode schoentjes zijn wel schattig.



Energie

Photo by Constantine Fountos on Unsplash

Energie. Er valt wel wat over te vertellen.

Het heeft me een dag gekost om mijn eigen energie terug in beweging te krijgen. Ik deed het dan ook op de verkeerde manier. Zoals we zo vaak doen als we moe zijn. Beetje rusten…mag toch op een zondag. Met de gedachte dat we dan wat later wel weer opgeladen zullen zijn.

Niet dus.

Tot ik wat actie bracht in mijn lichaam en ik één en ander weer voelde stromen. Met kippenvel all over the surface op sommige momenten.
Dan maar een fleece aan en de dag ietwat actiever afronden.

Hopelijk vindt de rust me vannacht nog voldoende, nu ze vandaag al zo lang in mijn gezelschap verbleef…En sta ik morgen wat fitter op. Of volg ik mijn hernieuwbaar inzicht en breng ik meteen met het juiste been uit bed wat beweging in lijf en leden.

Meestal sta ik ´s ochtends op met rugpijn. Omdat ik op mijn buik slaap. Niet slim. De huisarts die ik laatst bezocht was er erg duidelijk over: ‘dat ga je echt moeten afleren!´
Ik ben er hardleers in. Het ligt ook zo lekker om te beginnen snoezelen…

Nochtans heb ik al wel geleerd hoe ik mijn energie moet sturen. Als het denken vastloopt, kan beweging in het lichaam helpen. Als het denken te snel gaat, helpt het me om bewust heel traag te gaan stappen. Als het hart op hol slaat, kan bewust erin ademen haar tot rust brengen. En als een brok energie klaar zit, dan dans ik die los. Van subtiel tot wild. Uit het zicht, dat wel 😉

En als ik voor de verandering eens niets te vertellen heb, dan begin ik met schrijven en maak er een freewriting van. Schrijven zonder censuur en zonder stoppen. Als je even aan niets denkt, schrijven dat je aan niets denkt en uitkijken naar de volgende gedachte die zich aandient.
Tot ik leeg geschreven ben. Voor dat moment weliswaar.

Ik mis wel de tijd dat ik dagelijks gedichten schreef. Of neen, ik mis niet de tijd maar het schrijven van gedichten. Het was vaak een fijne flow waar het leek alsof ik gewoon neerpende welke inspiratie mijn systeem opving. Er zaten er best leuke tussen. Niet allemaal.
Als ik sommige gedichten teruglees vraag ik me af wat me bezielde… Of wat de inspiratie bezielde, want het enige dat ik deed was de woorden opvangen en neerpennen. 😉
Teruggeven via geëigende kanalen. Met en zonder lezers die feedback gaven. Enkele fans zelfs.

Ach ach. Ik vraag me soms af hoe het moet zijn om één passie te hebben. Om je te verdiepen in één activiteit of onderwerp en daar dan je leven aan te wijden. Waarom moet ik toch zonodig in zoveel verschillende dingen geïnteresseerd zijn en kan ik me niet focussen op één domein?

Het zal wel te wijten zijn aan mijn energiespectrum. En is het een kwestie van de juiste filter erop te zetten. Een chebishev-filter bijvoorbeeld. Filtert de hoge frequenties vrij scherp weg…als ik me goed herinner…
Ik schreef ooit een programma in Matlab om dit soort filter te berekenen…
Een gedicht heb ik er nooit over gemaakt.

Maar morgen is een nieuwe dag. Met verse energie en lonkende frequenties om op in te tunen.