Ver-antwoord

Photo by Brooke Lark on Unsplash

‘Daar is nog een plek meneer’ sprak de vrouw die net op de bus was gestapt.
Op een boze manier reageerde de man vlak achter me ‘Waarom moet ik daar gaan zitten hé, ik moet er seffens af.’
‘Een andere toon graag meneer!’

‘Doe gij maar nen andere toon, ge hebt gedronken zeker?’
‘Neen meneer, hou u maar wat in. Ik zei alleen maar dat daar nog een plek is.’
‘Gij moet zwijgen gij, gij hebt aan mij niks te zeggen.’

De bus stopt aan de halte, de man heft zijn vuist naar de vrouw en stapt af.
‘Hola hola, hou u maar in’

De bus rijdt verder. Het gesprek continueert. Een Marokkaanse man met buggy en diens vrouw met dochter op schoot blijven rustig zitten en observeren.

De vrouw die eerder het woord voerde zegt nu ‘een man die een vrouw slaagt is een watje. Die mag thuis niks.’ De Marokkaanse vrouw knikt glimlachend en koestert verder haar dochtertje.
Wat ging er door dat kleine hoofdje zonet?

‘Hij zal zeker niet gemogen hebben van zijn vrouw.’ Die uitspraak is gericht aan de Marokkaanse vrouw. Ik weet niet of ze die uitdrukking kent en vraag me af wat ook zij over het verdere ontvouwen en dit gesprek denkt.

Ik sta op van mijn zitje en geef de woordvoerster ruimte om op mijn plek te gaan zitten.
‘Ja, wij konden niet door hé, daarmee wees ik hem op de stoel.’

Ik heb mijn halte bereikt en stap af.

Even verderop druk ik op de knop van de voetgangerszijde om toegang aan te vragen tot het zebrapad. Meerdere mensen sluiten aan en staan te wachten. Er verandert niets. Eén man steekt de straat over ondanks het rode voetgangerslicht en drukt op de middenberm opnieuw om een aanvraag te lanceren. Het licht springt nu op groen.

Ik heb het er wat moeilijk mee dat mensen dingen doen die opvoedkundig niet zo ok zijn als er kinderen in de buurt zijn. Hoe leer je je kinderen te wachten tot het licht groen is als een volwassene zomaar de straat oversteekt? Hoe leer je het dat roepen op de bus zelden goed overkomt?

Laatst ging ik op wandel met een vriend en hoewel een fietser met een kleine meisje ook stond te wachten, stak mijn vriend toch snel de straat over. Ik heb hem nageroepen dat ik dat niet ok vond, dat hij moest wachten tot het licht op groen sprong. Luid genoeg zodat de papa en dochter wat verderop op hun fiets het konden horen.

Tja…Fiducia stapt in haar rol als Tata. Tata, die de grote dingen vertaalt op kindermaat.
De papa fietste langs en gooide een ferme ‘FOEI-FOEI-FOEI!’ naar mijn vriend.
Een medestander, altijd fijn.

Mijn vriend voelde zich wat schuldig en repliceerde dat hij niet had gezien dat er een kind op haar fietsje stond te wachten om over te steken. Maar vulde aan dat hij het dom vindt om te wachten als er geen gevaar is. En zei tenslotte dat hij niet zou zijn overgestoken mocht hij het kind opgemerkt hebben.

Of het waar is? Geen idee.

Het is een uitleg als een andere.
Zou de man op de bus anders gereageerd hebben mocht de vrouw haar boodschap anders hebben geformuleerd, met een iets minder dwingende toon misschien?
Ook geen idee. Mogelijk had hij zelf al wat verdovende middelen binnen, of kwam hij van een plek waar hij geërgerd was vertrokken en leefde dit nog een beetje door? Of gewoon last met autoriteit misschien.

Moeten we ons op het openbaar vervoer beter gedragen met matu-riteit in plaats van auto-riteit. Om de busrit-tijd wat aangenamer te maken voor iedereen en in het bijzonder voor kinderen…
Onze kinderen…

Versluiering

Photo by David Kiriakidis on Unsplash

Het is opmerkelijk hoe de kleur van een bericht een donkere sluier krijgt als ik in een sombere bui ben.

Dan geeft meteen herlezen geen andere interpretatie dan deze die net binnenkwam als waarheid en pijn deed. Dan lijkt het of er maar één betekenis aan de andere kant wordt ingelegd. Eén die me neer wil sabelen. Dan kan je verstandelijk wel zeggen: ‘een uitspraak zegt meer over de zender dan over de ontvanger.’ Maar aan hoe de woorden binnenkomen en pijn triggeren, kan ik niets veranderen op dat moment. Dan wordt het voor dat moment de opdracht om gewoon de lading te doorvoelen, trachten te verteren en iets anders te gaan doen.

Maar als ik de volgende dag een beter humeur heb en ik bij wijze van dubbele check het betreffende bericht herlees met een nieuwe bril, dan klinkt het ineens frisser.
Niet meer als een persoonlijke aanval. Zelfs warmhartig, in uitzonderlijke gevallen.
Zo vreemd vind ik dat. Hoe mijn eigen gemoed mijn waarnemingen kleurt.

Ik weet hoe dat komt.
En dit schrijven gaat op dit moment weer vergezeld van tranen. Een inzicht, welaan.
Ik weet dat het komt doordat ik in se nog steeds niet op een duurzame manier geloof dat ik van waarde ben. Dat ik vind dat ik ‘iets moet betekenen’ of ‘ondernemen’ om menswaardig te zijn.
Elke boodschap die dan neigt mijn eigen overtuiging kracht bij te zetten, komt dan stevig binnen.

Als ik me goed voel, waan ik me waardig en onderneem ik ook allerlei acties.
Zit ik als het ware in een virtuose opwaartse spiraal.
Als ik me klein en kwetsbaar voel, vertoef ik vaak in een ‘lege ruimte’. En gedachten kronkelen zich in een vicieuze cirkel. Wat op zich wel maakt dat nederigheid gevoed wordt. Dat is dan weer een goede zaak voor intermenselijke contacten.

Ik merk het bij het schrijven van affirmaties in het kader van mijn traject met het  boek van Julia Cameron, ‘The Artist´s Way’. Dan schrijf ik zelfbevestigende uitspraken als ‘ik mag mijn creativiteit voeden’ een aantal keer onder elkaar en komt er doorheen het geschrijf een censor die soms de wreedste verwensingen naar mijn kop gooit. Het boek adviseert die zogenaamde ‘censoruitbarstingen’ ook op te schrijven, om ze nadien te transformeren tot uitspraken die als affirmatie kunnen dienen.

Waar de voorbeelden van affirmatieve zinnen in het boek over creativiteit gaan, zijn de nieuwe affirmaties die op bovenstaande manier gecreëerd worden nog belangrijker om te herhalen.
In het kader van je algehele welbevinden als mens. Om gaandeweg de weerstand voor de weg die je bewandelt en waard bent wat minder groot te maken. Jezelf wat liever te gaan zien. Stel u voor…

Ik weet niet waar die wrede uitspraken vandaan komen. Ik herinner me geen dergelijke uitvallen verbonden aan een persoon uit mijn jeugd. Ik heb er alleszins geen levendige herinneringen aan, hoewel ik wel een vermoeden heb waar ze vandaan komen.

Bij andere mensen merk ik die sluier ook op.
Ik durf al eens complimenten geven aan mensen en niet zelden geven die emotie of zelfs tranen bij de ander. Omdat ze iets raken waar kwetsbaarheid op zit.
Soms omdat er ongeloof bij de ander zit dat wat hij of zij hoort wel eens zou kunnen kloppen.

Ondertussen heb ik een idee voor een nieuw projectje.
Een kunstig experiment dat ik nog wat moet uitwerken. Kleinschalig maar denkelijk wel amusant.
Iets met toevallige ontmoetingen, luisteren en katalyserend vermogen.

Dit schrijven heeft me alvast deugd gedaan.
Mmmh. Voelt fijn.

Artificial Intelligence v16.3.21

Photo by Markus Winkler on Unsplash

Ik vroeg het me al eerder af. Hoe dat zit met artificiële intelligentie (AI) en of dat allemaal wel goedkomt als voortschrijdend inzicht de intelligentie doet toenemen.

AI is immers geprogrammeerd door mensen en als de onderliggende waarden van die mensen niet ‘oer-degelijk’ of ‘universeel’ zijn, is wat op de voorgrond treedt bij opeenvolgende iteraties van de intelligentie misschien helemaal niet zo proper meer.
Mijn waarden zijn niet noodzakelijk uw waarden, die van uw ziekenhuis/high-tech bedrijf of die van een superdiverse samenleving.

Maar nog…stel dat het brein van een mens kan worden in kaart gebracht en dat men ontdekt waar zogenaamde ‘fouten’ zitten in de constructie. Op het systeem ‘mens’ zit dus een fout. Ik zeg maar wat, bijvoorbeeld een persoon met de ziekte van Parkinson. Dan kan misschien met een beetje programmatuur aan energiefrequenties op de juiste plek in de hersenen gezorgd worden dat die Parkinson niet zoveel impact meer heeft in het leven van de zieke.
Misschien moet je daarvoor ‘als patiënt’ zelfs niet uit je douche komen.
Gewoon een beetje geduld oefenen en goed afdrogen.

Mooie intentie.
Vanaf dan wordt de persoon een beetje een cyborg, denk ik dan.
Een Natuurlijk Object met een vleugje Artificialiteit.
Maar zeker ben ik niet…

Maar met de Natuur van een mens weet je nooit wat er vanaf dan gebeurt.
Wat als die codering gaat interageren met andere ‘Natuurlijke’ onderdelen in het lichaam en bijvoorbeeld de tremor van de Parkinson overgaat in verstarring van ledematen.
Of zintuiglijke ervaringen veranderen en je bijvoorbeeld niet meer kan ruiken.
Hoe los je dat dan op?

Ga je dan nieuwe programmatuur loslaten op het brein of het geheel formatteren of een upgrade ‘installeren’ van de oude programmatie?
Als een middel om de nevenwerkingen van een eerder middel teniet te doen.
(Waar heb ik dat nog gehoord?)
En hoeveel iteraties zijn hiervoor dan nodig en hoeveel ‘mens’ is onze ‘cyborg’ dan nog?

Stel dat die cyborg dan, ik zeg maar wat, de autostrade oversteekt en een ongeluk veroorzaakt.
Welke verzekering moet hij/zij/het dan aanspreken?
En wie is aansprakelijk voor het ongeval?
Het object of de installateur van de programmatuur of de overhead?

En zijn mensenrechten trouwens ook toepasbaar op cyborgs?

En tenslotte, hoeveel ‘foefkes’ moet je nog bovenhalen om te zeggen dat je toch liever terug de parkinson zou dragen, liever Natuur bent dan Artificieel?
Meer nog, kan je dan nog terug?
Zoja naar welke leef-tijd?
En hoe is je verhouding tot het klimaat dan?
En valt je spirituele ontwikkeling dan ook weg?

#dathetallemaalnisimpelis

Een waarheid

Photo by Markus Winkler on Unsplash

Toch altijd spannend. Een gansch nieuw schoon en maagdelijk versch bericht initiëren, en dan hopen dat er een interessante energie zich aandient om te transformeren naar informatie. Zodat de Big Data nog wat dikker worden, zij het dan met nonsensch in haar mondhoek.

‘Om met Ulrich Libbrecht te praten heb je wel een medium nodig.’ schreef hij.
Je hebt het misschien ook gelezen.
En er stond nog een omgekeerde lach achter. Hebt ge die ook gezien?

Nu ja, het is natuurlijk maar hoe je het bekijkt. Met realiteit heb je dat ook: kijk je vanuit een rationeel oogpunt naar de dingen of voel je wat het met je doet? Beide tegelijk is moeilijk. Maar als teen tander aanvult kunt ge uw nonsensch misschien ver-ijken.

Ik heb het natuurlijk niet letterlijk over u.
Ik bedoel, wie ben ik om te beweren dat wat u ‘uit’ nonsens is.
Toch?!
Over wat u ‘slikt’ dan nog gezwegen.

Neen, een medium dan maar. Ik ga me afstemmen op het sterretje dat Ulrich Libbrecht wellicht geworden is. Of één van zijn andere staten. Ik zal moeten ondervinden of ik hem gemakkelijker kan bereiken op een analoge dan wel een digitale manier.
Duikt ge in de data, de informatie, Big or Small, of houdt ge u bij zijn energie?
Wat is het properst?
En welke strategie bevuilt onze @most-sphere het minst:

Twitter of de intentie om een medium te ontwikkelen waarlangs wijsheid in spreukvorm beschikbaar wordt? En wie is dan in staat om zijn wijsheid in minder dan of gelijk aan, hoeveel zijn het er, 144 karakters(?!) te formuleren?
Ik zoek het niet op, doe het zelf als het u interesseert en uw ‘ervan’ bewust-zijn even stokt.

Neen, een medium dus om wijsheden uit te wisselen.
Mooi toch!

Beter vogelgeluiden thuisbrengen dan getjilp van een zotte mus te analyseren als ornitoloog. Al kan van dat soort mensen mogelijk wel beweerd worden dat ze ‘een’ waarheid spreken. Dan moeten ze dus een opwaardering krijgen naar ornito-sprakeenwaarheid. Maar dan komen al die mensen die hun eigen waarheid op de voorgrond zetten wellicht in opstand.
Of in de bijstand, als ze zich omscholen tot wijsheid-quote-teraars onder de 145.
Stel u toch eens achter!
Neen, dat mag niet ‘geburen’.

Zucht. Zal maar even herlezen of dit bericht tot hiertoe steek houdt of dat haar intentioneel vermogen weer een steek laat vallen en daardoor manifestatie weer stokt. Al is dat ook nog geen zwaar probleem want hier vlakbij heb ik breinaalden en een haakpen liggen.
Om de steek op te rapen, bedoel ik.
Eerste hulp bij omgevallen, noem ik het.

Thuis is waar de TV nu opstaat.
Of is ook dat al gedaan?

Zucht…waarom is alles toch zo tijdelijk…

Onderscheiding

Photo by Wolfgang Hasselmann on Unsplash

Wat een vreemd gesprek.

De slimste mens van het land heeft gesproken‘, zei hij.
Ik fronste mijn wenkbrauwen, vooral omdat ik daarmee de plooi tussen mijn ogen wat wou verdiepen. Altijd handig.
Een diepe groef tussen de ogen doet mensen denken dat je veel nadenkt.
Ja, mensen trekken nogal eens conclusies bij eenvoudige waarnemingen.
Maken er interpretaties van.
En gaan verder van daaruit handelen. Naar waarheid, zeggen ze dan…

Maar waar was ik.

Hoezo?‘ vraag ik.
De minister Vanonder Wijs heeft gezegd dat in januari de scholen weer openen.
Ah…’ zei ik.
Niet helemaal zeker of ik de clou van zijn boodschap goed begreep.

Is de minister Vanonder Wijs dan de slimste mens van het land?‘ vroeg ik als in een reflex.
Een kort en krachtig ‘ja‘, bevestigde wat hij eerder had gezegd.
Aangezien ik Licht Gelovig ben, concludeerde ik dat een engel tot de minister Vanonder Wijs was gekomen om hem te ….ja, hoe heet je dat…te bewijzelen.
Zoiets.

Adres: Vanonder
Bestemming: Wijs
Huidig level: NVT (?)

Maar mijn gedachten meanderden verder.
Dat moet wel fijn zijn, bedacht ik me. Bewijzeld worden voor een doel groter dan jezelf.

In eerste instantie liet ik het gezegde varen, … liet ik het onderwerp los, wil ik daarmee zeggen. Enerzijds omdat ik geen twee dingen tegelijk kan. Het was boterhammen-smeertijd en het is voor mijn VerstandHouding het beste dat ik maar met één ding tegelijk bezig ben. Anders ga ik wankelen.

Ja, helemaal…niet alleen mijn hoofd.
Ik vind het ook raar.
Heb het al tegen de dokter gezegd maar die antwoordt standvastig (ja, hij wel!):
‘één lepel olijfolie op een nuchtere maag.’

‘En hou de achterpoort open en laat je zorgen naar de duivel lopen.’

Dat zegt hij er trouwens niet bij.
Dat is een weishijt van …hoe heet hij ook alweer…ik schreef over deze dokter een paar blogberichten geleden…

Effe opgezocht, ik introduceerde hem in dit blog:
https://fiduciacaro.be/2020-12-09/tijd-en-grenzeloos-zorgzaam-zijn/
Herman Boerhaave dus.

Volgens betrouwbare bron zouden de twee regels die de achterpoort en de duivel voorafgaan de volgende zijn:
Hou je voeten warm
Stop niet te vol je dikke darm

en dan dus
Hou je achterpoort open
En laat je zorgen naar de duivel lopen

Op 9/12 durfde ik dat nog niet posten.
Maar intussen is er veel verandert.
Ja, ook de regels voor dt-twijfels.

Later, toen ik helemaal alleen op mezelf was, wat overigens ook een vreemde uitdrukking is in een wereld van verbondenheid….
Wel, toen begon ik het gezegde te herkauwen en stelde ik mezelf de vraag:

Hoe onderschijt een minister Vanonder Wijs zich van een
Staatssecretaris Vanboven Wijs?’

Geen eenvoudige vraag vond ik, zeker gezien de spelling.

Maar misschien moet ik me daar niet echt mee bezighouden.
Waar heb ik trouwens mijn smeerkaas gelegd?

La vache qui rit:
Elle dit: ‘hihi hihi!’

Inhoud

Wat een vreemde avond. Krijg ik ineens in mijn mailbox een taalgerelateerd bericht en valt mijn oog op het woord ‘knaldrang’. Ik denk ‘dat moet ik nader onderzoeken’. Ik bedoel, zo een drang kan je toch niet toelaten? Daar moeten toch regels voor opgesteld worden?

Om zeker te zijn dat ik het allemaal goed begrijp, kijk ik verder dan de inhoud van mijn schuif met standaard antwoorden, helemaal uitgevonden en al.
Woordenloos werd ik. Daar niet van.

Maar ik ga verder.
Zo vind ik ‘Als de fuifhonger te hevig wordt, krijg je knaldrang.’

Ik laat mijn ogen nog een beetje over de rest van de uitleg dwalen, maar besluit gewoon boudweg de link hier te plaatsen. Beetje lui zijn af en toe is goed voor de energiehuishouding. Hij zit daar ergens beneden. Je komt er wel als je verder leest.

Ik laat intussen Mariah Carey en Whitney Houston even hun ding doen en geniet van de energie tussen die dames. Daarna besluit ik eens de slimmerik uit te hangen en een woord te typen dat volgens mij onmogelijk een zinnige opbrengst kan geven. Ik typ: ‘skaramousj’. Mijn schrijfwijze niet te na gesproken blijkt er muziek te zitten in dat woord.
Ik heb de mannen laten uitspelen en ben blijven zitten tot het einde. Heb genoten van hun virtuositeit.

Wat ik echter als laatste tegenkwam, tart alle verbeelding. Een mevrouw die duidelijk wil dat ik meedoe. Maar als ze naar mij wijzen dan haak ik af. Dan komt de rebel in mij naar boven. Meedoen als je met de vinger gewezen wordt? Jamehoela!

Ik wil het u echter niet onthouden. Voor elk wat wils.
https://www.youtube.com/watch?v=Tb3SaTv4clM

Retteketet.

PS: En dat blokje hieronder heb ik dus verschoven en nu krijg ik dat langs geen kanten weg. Tenzij ik opnieuw begin misschien. Maar heb ik geen zin in.
En ach, die rode schoentjes zijn wel schattig.



Onomkeerbaar

Photo by Avis Indica on Unsplash

Te laat. Ja, ik was dus te laat.

Ik had nochtans mijn wekker gezet, het alarm gehoord en snel gereageerd. Maar mijn wekker bleek een beetje vooruit te lopen. Of was het achteruit.
Verdorie, ik ook altijd met driehoeksmeting…

Bovendien had mijn tipi zichzelf wijsgemaakt dat ze dringend behoefte had aan wat ruimte voor zichzelf.
Kreeg haar voor de donder niet open en mijn intentie was nochtans me in haar geborgenheid lekker te installeren bij een soepkom.

Niks aan te doen.
In zo´n gevallen is ‘loslaten’ het enige wat snel ruimte geeft voor iets anders.

Toch voor de zekerheid maar een vuurpijl gestuurd naar het stamhoofd om mijn toestand door te geven. Te wijzen op de eigenwijsheid van de laatste lichting tipi´s, dat ook.
Het kan een productiefout betreffen natuurlijk. Maar dan zou hij wel naar de leverancier doe-kwapperen om dit te laten rechtzetten. Hem kennende zou hij dan zeker ook een schadevergoeding kunnen losweken. Of losdagen zelfs, met wat geluk.

Het is vreemd, maar zelfs met onze reorganisatie naar zelforiënterende ecosystemen heb ik toch nog het meest vertrouwen in mijn stamhoofd.
Ach,…vertrouwen.

Maar ik vind het dus belangrijk te blijven wijzen op hardnekkige Indianenkuren.
Ugh nog aan toe. Vlugh ook wat.
Ik tel tot drie.

En dat niet alleen in verband met het regenwoud trouwens.

Vorige keer hadden ze gesjipoteerd met de kleuren van de tipi´s. De levering was niet in onze doordachte want duurzame Indianenstijl. Ze hadden het groen een tint lichter gemaakt dan we gevraagd hadden. Probleem is dat als we dan de goden aanroepen vanuit onze tent, om hen te helpen onze moeder aarde en haar inhabitantes te redden, er miscommunicatie ontstaat. En dat vertraagt de hele boel.

Dan moeten we weer elke avond het gedichtje opzeggen van janneke maan vooraleer het groen weer wat kleur begint te krijgen, en de goden ons zonnestelselmatig terugvinden.

Ik kan hier trouwens ook met mijn wekker toeren uithalen om de tijd terug te draaien, ik bedoel om weer naar een leefbare situatie terug te gaan waar wekkers nog niet nodig waren omdat je aan je kleine teen kunt voelen hoe laat het is.
Neen, al lang geen vijf voor twaalf meer. Haal maar een nieuwe batterij legkippen. Het zal niet helpen.

En dan nog…dat wil dan ook nog niet noodzakelijk zeggen dat mijn tipi meer respect toont vanaf dat moment.

Ach wat. Zolang er soep is hoeft de wereld niet veel soeps te zijn.
´t Is maar hoe je het beklijft.

Zught.

Artificial Intelligence

Photo by Franki Chamaki on Unsplash

Ik vind dat altijd interessant, een online gesprek met een chatbot.
De meeste vind ik dom. En daar zit dan wellicht AI (Artificiële Intelligentie) achter.
Je moet niet vragen hoe die geprogrammeerd is…

Als ik om mijn gesprekspartner op zijn ‘botgehalte’ te testen, een grap maak, begrijpen ze me meestal niet en vragen ze of mijn vraag voorkomt in een aantal opties die me dan getoond worden. En dan zeg ik naar waarheid ‘neen’, verzoeken ze me de vraag anders te formuleren en lopen ze na een paar nieuwe pogingen soms helemaal in de soep.

Daarnet zat er echter een alerte bot achter de chat.
Of het was wel degelijk een mens van vlees en bloed natuurlijk. ‘Een snelle.’

Ik weet niet meer hoe ‘ze’ heette. Heb het venster van onze conversatie inmiddels al gesloten. Ook dat is dom als je erover wil schrijven. Vertrouwen op geheugen, altijd een risico. Maar soit. Een poging om te reconstrueren…

Ik had zeer snel duidelijkheid gekregen over een vraag waar ik mee zat en ‘ze’ vroeg me ‘Is there anything else i can do for you?’
Ik antwoordde met ‘A bit of fresh air, please.’
En prompt las ik haar woorden ‘Yeah, i would love that too!’

Dat vond ik cool! Leek op menselijke humor…
Ik heb nog een duim opgestoken en als toevoeging geschreven ‘thanks for my smile’ en toen de conversatie beëindigd.

Toen ik een tiental minuten later opgelost had waar ik mee zat, wou ik ‘haar’ dat even laten weten…met een ‘My problem is solved now’.
Ze vroeg me prompt naar een referentie van ons gesprek waardoor ik weer ging twijfelen aan haar mensgehalte. Hoe kan je nu zo snel een ‘fijne’ conversatie vergeten…
Zeg nu zelf 😉

Alleszins…is het ook een beetje akelig. Want door elke interactie leert die chatbot bij en wordt toekomstige communicatie gesofisticeerder. Wordt het steeds moeilijker om fouten te ontdekken. En door wie is de software geschreven en welke onderliggende waarden speelden bij de informaticus bij het configureren van de algoritmes?

Hoe zat dat ook alweer met Artificiële Intelligentie die ontwikkeld was om te leren onderhandelen? Onderhandelen is in se proberen te krijgen wat je wil…maar tegen welke kost? Hoe stuur je dat bij onderweg? Dan maar eens een random gegenereerde grap ertussen om de lading uit de ‘gesprekken’ te halen? Want loopt het anders niet uit op horror?
Een beetje achtergrond

Dat het allemaal niet simpel is.
Zelfs ‘a bit of fresh air’ niet, dezer dagen.
Vandaar mijn open vraag, losgelaten in de Big Data-wolken:

Geacht klimaat,
Waarmee kunnen we u van dienst zijn?
Hartegroet, Fiducia

Een fractaal verhaal

Photo by Dani Aláez on Unsplash

Amai, ik heb al wel goed gelachen met mijn eigen grappen op deze vroege avond. Altijd plezant zo, als ik goed in mijn vel zit en de grappen en beelden eruit floepen. Dan ben ik wel extra voorzichtig als ik van de keuken naar de living dans of vice versa. Dat ik niet struikel over één of andere rollende grap die zich nog niet helemaal heeft ontvouwd.

Zodra ik in het vizier van het raam aan mijn voorgevel kom, houd ik me ook in. Ik zou niet willen dat de buren gaan roddelen dat ik vreemd dans in huis. Nu ja, vreemd. Geen gedrag is vreemd als je de context in rekening brengt, zeg ik altijd. Wat uiteraard ook wel wat vervelend is voor degene die dat dan altijd moet aanhoren. Misschien heb ik daarom geen partner…ik krijg die uitspraak gewoon niet verkocht 😉

Daarstraks heb ik wel bijna gedanst in de living van en tussen mensen die ik niet ken. Er waren kinderen en hun ouders. Her en der een verdwaalde volwassene die zich in zijn uppie aandiende om te luisteren naar verhalen op een muziekbedje.
Ik voelde op een muzieksolo heel erg de neiging om recht te springen en daarmee de kinderen te prikkelen mee te doen.
Maar ik deed het niet. Mijn billen bleven aan de stoel gekleefd. (Figuurlijk natuurlijk)
De rest van mijn lichaam heeft zich aan die billen vastgehouden. (Met heel veel handjes)

Blijkbaar heb ik daar geluisterd naar een verhaal dat Koningin Fabiola nog geschreven heeft.
Straf is dat.

Maar er was ook die vrouw op de stoel rechts naast me. Ik had al gezien dat ze met haar smartphone een foto maakte van een vitrinekast. Ik moest me heel erg inhouden om haar niet mee te delen dat ik dat heel erg ongepast vond. Maar het verhaal was in volle ontwikkeling met ondersteuning van de muziek dus zweeg ik om de aandacht niet naar ons toe te trekken.

Een poos later schoof ze met haar stoel luidruchtig een meter van me vandaan. Ik herinnerde me niet een vieze lucht verspreid te hebben, heb even heel discreet – mijn neus onder mijn sjaal manoeuvrerend – mijn okselgeur ingesnoven maar neen, geen iets te pittige odeurtjes.

Toen ze naar rechts leunde, haar smartphone weer omhoog hield en achter de performers door een andere kast in haar focus nam, moest ik mijn rechterhand tegenhouden om haar geen – hoe heet je dat ook weer – een pedagogische rechtse uppercut, onder haar eigenwijze kin neer te planten.
De arrogantie! Toch?!

Toen ik zag dat ze na de voorstelling ook achter zich even inspecteerde – of er iets interessants vast te leggen was wellicht – lag op het puntje van mijn tong de vraag: ‘zullen we anders eens in de schuiven snuffelen mevrouw?’

Nu nog voel ik hoe dat wringt.

Ik kan er niet tegen dat mensen in andermans privacy zitten snuisteren voor eigen genot terwijl hen al dan niet stilzwijgend toelating tot hun privacy is gegeven vanuit vertrouwen. Voor een hoger doel dan het hebberige, stiekeme, perverte verzamelen van openbaringen in een context waarvan alleen te genieten valt als je hun tijdelijkheid respecteert.
Je zintuigen gebruikt om je ervaring te inneren.

‘Zijn er uitzonderingen?’ vraag ik me dan af.
Maar aangezien dat een vraag is en geen grap, onderzoek ik mijn kleine ik niet om een antwoord te vinden.

Misschien ooit, als het varkentje verschijnt en zijn krulstaart kwijnt.

En ach, het zou zomaar kunnen dat die vrouw er in het kader van een politieonderzoek aan de slag is. Even mee binnensluipen en bewijsmateriaal verzamelen.
Al vond ik dat ze wel een heel egocentrisch hoofd had, op haar eerste gezicht.

Soit.

Vacuüm

Photo by Aziz Acharki on Unsplash

ik dicht het gat in mijn verbeelding
leeg de leegte tot een enkele zin
voorzie me van een kanten kraag
en braak wat woorden uit

de muze zingt niet mee
zij stelt zichzelf in

Vraag

Eerste versie vond zichzelf op 22 oktober 2014