Present

Photo by Jon Tyson on Unsplash

“Mag ik je een tip geven?”

De ober leek gejaagd maar zei toch ja.

“Als je zegt “sorry voor het wachten”, dan leg je de nadruk op een tekortkoming. Als je zegt “bedankt voor jullie geduld”, dan geef je de mensen een compliment.

De ober leek nog steeds gejaagd en ging snel door naar een andere tafel. Maar blijkbaar was de boodschap wel ietwat fijn binnengekomen want een tijdje later bracht hij een koekje naar mijn vriend en zei “hier, voor je geduld.”

Mooi vond ik dat. Dat koekje heb ik trouwens opgegeten.

Vaak zijn mensen geneigd koekjes van eigen deeg te geven. Handelt iemand op een manier die je stoort, om welke reden dan ook, dan is de ‘gedupeerde’ geneigd dat storende gedrag er even lekker in te wrijven bij de ander. Door net op dezelfde manier te reageren, een schepje bovenop te doen eventueel. We reageren dus op een manier die we zelf niet goedkeuren maar gezien de omstandigheden wel gepast vinden. ‘Omdat de ander er hopelijk uit leert.’

Mijn vriend verdiept zich in geweldloze communicatie. Ik volgde er ooit een halve dag vorming over en dacht dat ik het begreep. Het gaat erom je behoeften duidelijk te krijgen en van daaruit te handelen. Als de ander iets doet dat indruist tegen je behoeften, is het een kwestie van dat gedrag te benoemen, op een niet verwijtende manier duidelijk te maken wat het effect op je is, je behoefte aan te geven en de ander te vragen of hij/zij daar in de toekomst rekening mee wil houden.

Kort door de bocht wellicht, aangezien mijn vriend er al jaren mee bezig is…

Ik had trouwens de anekdote tussen hem en de ober verteld tegen mijn zus. Ze kopieerde de uitdrukking op een iets andere manier: ‘Dankjewel dat je daarstraks hebt gewacht’ schreef ze, en ze voegde er een smiley aan toe. Die uitdrukking is nog net iets anders dan ‘bedankt voor je geduld’ maar haar woorden kwamen toch wat tegemoet aan mijn pseudo-behoefte aan stiptheid. Al zal het wel altijd tussen ons zo blijven dat zij degene is die te laat komt op een afspraak en ik te vroeg.

Sommige patronen moet je in stand houden…

Nu voel ik de behoefte wat poëtische woorden neer te pennen:

the meaning of life
is to be (a) present
in time and beyond

Moed

Photo by Armand Khoury on Unsplash
Audioversie ‘Moed’

als je moet maar de moed je ontbreekt
je wel wil maar gemoed je bezeert
zit er niets anders op dan te doen wat je kan
zodat moed zich beweegt naar je doel

gevoel zich verroert in gemoed

je moet tot je wil
dat heet moed

Hou het leuk

Photo by Courtney Cook on Unsplash

We staken de straat net over toen ik zei: ‘Als ik goed in mijn vel zit ben ik best een toffe madam hé.’
Ze moest lachen, mijn zus, maar beaamde dat we tijdens ons traject vandaag al goed gelachen hadden.

Toen ze daarstraks naast me kwam zitten – ze kwam van de andere kant van waar ik haar verwachtte – ze was er dus al, wat bij de meeste van onze afspraakjes niet het geval is… Zij komt immers ‘altijd’ een vijftal minuten te laat en ik een vijftal minuten te vroeg op onze afspraken.
Maar we waren daarstraks dus op elkaar afgestemd en waar ik toe wou komen is dat ze me meteen vroeg hoe het ging.

Naar waarheid zei ik dat het opnieuw niet zo goed ging. De ochtend was heel zwaar geweest. Ik had een poging gedaan op een andere plek dan naar mijn gewoonte het freewriting op te nemen, maar heel mijn lichaam was een dik half uur in protest mijn schrijven aan het manipuleren en beoordelen.
Tranen rolden. Woede sluimerde. Toch zette ik door.
De oefeningen van week twee in het boek heb ik vandaag niet bekeken, maar dat kan alsnog. De ‘Julia-Cameron’-week loopt tot en met zondag. Daarna wordt het evalueren hoe de week verlopen is en het aanvatten van een nieuwe opdrachtenweek.
Hopelijk met een positieve switch één van de komende dagen. Van bij het opstaan al bijvoorbeeld. Zo vanuit het niets eens kiplekker uit bed kakelen met mijn juiste been.

Maar goed. Mijn zus en ik moesten een halfuurtje wachten vooraleer we de tentoonstelling van de eindwerken van de lokale academie konden bezoeken. Zij was de gratis toegangskaarten al gaan oppikken toen ik nog niet gearriveerd was.
Omwille van Corona-maatregelen mochten er maar een beperkt aantal mensen tegelijk binnen.

Wat bizarre maar ook zeer mooie werken zag ik. Geen idee hoe je dat allemaal maakt. Ook beneden hingen tekeningen waarvan ik dacht ‘mij lukt het nooit om zoiets te creëren’. Al heb ik nog geen traject gevolgd dat mijn tekenvaardigheden aanscherpt. Er liggen wel een aantal boeken klaar om in te duiken. Zoals één van Betty Edwards, met een aanpak waarvan ik me door een tekenaar heb laten wijsmaken dat hij haar veel vroeger in zijn professionaliseringstraject had willen leren kennen.

Vandaag twijfelde ik wel in de boekhandel of ik een tekenboekje zou aanschaffen om het maken van een dagelijkse schets te stimuleren. De juiste intentie in combinatie met een mooi schriftje. Het boekje had een mooie vormgeving.
Ik was altijd al dol op papierwerk en pennetjes allerhande. Als kind kon je me meestal in de papierwarenafdeling vinden in de supermarkt waar mijn ouders elke week naartoe gingen. Mijn ma deed dan de boodschappen, ik stond aan de papierwarenafdeling te genieten en mijn vader en broer snuisterden rond bij de tijdschriften.

In de boekhandel waar we na de tentoonstelling belandden, was ik mijn zus aan het plagen en de verkoper die haar aankoop afhandelde deed met me mee.
Ik nam een flyer bij de hand waarop stond:
Omdat spelen leuk moet blijven – ken uw limieten.’
‘Gok je nog zoveel?’
vroeg ik. ‘En hoe gaat het nu met je alcoholverslaving?’
‘Hier staat dat je je limieten moet kennen.’

Zus lachte.

De verkoper zei: ‘ja, gooi het in de groep.’
Voor de zekerheid en het imago van mijn zus voegde ik toe dat ik een grapje maakte.
De verkoper antwoordde dat hij dat doorhad. Wat ik eigenlijk wel besefte. Vanwaar dan toch al die woorden…

Ik nam de flyer mee en ga meteen even analyseren of mijn gewoonte om mezelf af te breken als ik me niet goed voel een goede raad mag horen van een foldertje dat gokverslaving wil aanpakken of vóór zijn.
Al vind ik het ook een beetje dubbel…dat foldertje lag bij loten van de Nationale Loterij…dan is het van ‘koop ze, speel mee, maar zeg niet dat we u niet verwittigd hebben.’
Dat lijkt in mijn ogen veel op ‘koop maar en rook ze, maar kijk hier alvast wat je te wachten staat.’

Wie is dan verantwoordelijk voor wat?
De koper of de verkoper, of de goede intentionalistenaar?

Ik lees verder op de flyer: ‘(…) Toch heeft 1 tot 2% van de westerse volwassenen een gokprobleem. Bij jongeren loopt dat zelfs op tot 5%. (…)

Dus voeg ik meteen ook maar de regel toe die past bij dit soort mededelingen:
Doe de test via www.ken-uw-limieten.be om te kijken of u een gokprobleem heeft.

En voor mezelf zal ik dan morgen op zoek gaan naar wat mensen die me willen laten weten of ik een toffe madam ben of niet. En dan eventueel verwijzen naar https://www.fiduciacaro.be

Verleg uw grenzen, Fiducia, maar let erop. 😉

Gegronde punten

Photo by Ava Sol on Unsplash

Puntje

jij bent de hij niet
die ik mis
in alles
wat ik zie

maar soms

als zout
mijn wangen wast
snakt puntje
naar de i

Ge-dicht op 14 januari 2013
Vandaag weer ge-opend, omdat…

… ik op sommige plekken waar ik ooit ben gepasseerd een puntje zie, heb zien verschijnen. Dat een beetje van haar i verwijderd is. Alsof het puntje toont waar de rest van de i naartoe ‘moet’ om gezond te blijven of worden, of om haar intentie zuiver voor ogen te houden.

Verbeelding brengt je overal. Wie zei dit ook alweer?

Vandaag heb ik een audiocursus van Peter E. Levine afgerond. Zijn naam is gelinkt aan een webstek: https://traumahealing.org
Ik consumeerde hem in partjes, omdat mijn systeem nogal heftig reageerde bij bepaalde fragmenten. Zelfzorg. Je grenzen aanvoelen. En leren respecteren.

De aangereikte oefeningen zijn heel helder en krachtig. Klinken heel logisch en eenvoudig ook. Ze zijn gericht op het leren aanvoelen van sensaties in het lichaam die erop wijzen dat je grenzen bewandeld of overschreden worden. Of die je door trauma gefragmenteerde energie, de ‘bevroren stukken’, leren lokaliseren en zachtjesaan, door zogenaamd ‘pendelen’ tussen veilige en minder veilige stukken, helen. Wat een mooi woord is dat je helpt groeien naar meer ‘heelheid’, ‘wholeness’. Ook in deze cursus, net als bij TRE (Trauma Releasing Exercises) waarover je meer vindt op https://traumaprevention.com, wordt het lichaam als de belangrijkste partner beschouwd om trauma te helen.

Omdat, inderdaad ja, woorden vaak niet toereikend zijn.
De wonde te diep zit en zich niet laat verwoorden en bovenal omdat we wat betreft onze reactie op bedreigende situaties meer gelijken op dieren dan op bewust denkende en handelende mensachtigen. Dieren trillen de ‘frozen energy’ los, die is vastgelopen als reactie op een (levens)bedreigende situatie. Bij TRE ervaar je dat hetzelfde met jou gebeurt als je de oefeningen ernstig neemt die je systeem klaarmaken om wat vastzit los te maken. Je trilt.

Dat het hoofd daarbij rust kent is een aangename surplus.
Hoe kan je immers al denkend oplossen wat je bewustzijn (nog) niet heeft bereikt, omdat je lichaam je wil beschermen tegen een nieuwe overweldigende ervaring.

Als ik het puntje ben.
En de rest van de i me volgt.
Dan zou ik nu graag een prentenboek zien ontstaan dat kinderen leert hoe ze hun grenzen kunnen leren voelen en aangeven en bij wie ze hulp moeten vragen als ze niet ‘gehoord’ worden. Het mag in partjes.

Elk kind dat gisteren leerde dat hij of zij als puntje bij de i hoort
en dat alleen hij of zij mag aangeven hoe groot de afstand tot die i moet of mag zijn.
Zal groeien in het Zijn.
Verbonden.
Met een veilig gevoel.

Dat is wat ik hoop.

En als mijn puntje haar i blijft voelen,
zal kleine ik zich veilig weten
en grote Ik zich durven binden.



Begrip

Photo by Alistair MacRobert on Unsplash

Elif Şafak schreef het neer in haar boek en mijn stem gaf zonet vleugels aan haar woorden:
Dat wat niet in woorden valt uit te drukken, kan alleen worden begrepen door stilte.’

Sedert ik hier woon, zit ik vaak in mijn eentje in mijn eigen vertrek. In stilte.
Ik krijg zelden telefoon of berichtjes her of der, maar op de één of andere manier heb ik het daar niet moeilijk mee. Nier hier, niet nu.
Misschien omdat ik weet dat ik niet alleen ben in het huis. Omdat ik via een ander mens en alle hulp en bezoek dat hier over de vloer komt, de verbinding blijf voelen met het grotere geheel.

Stilte heeft me al veel licht gegeven.
Inspiratie. Inzicht.
En ruimte om woorden, beelden en muziek te vinden die me voeden.

Ik ben intussen begonnen met dansen.
We zijn al 2021, nietwaar.
Ik moet mijn eigen voornemen en bijpassend verzoek uit mijn ‘nieuwjaarsbrief’ waarmaken. Toch?!

Soms voel ik toch een zware energie in mijn lichaam dalen en weet ik niet goed op welke manier ik daar beweging in wil of kan in brengen. En het mag vreemd klinken, maar hoewel het winter is, zet ik hier vaak mijn ramen wagenwijd open en voel me door de stroom zuurstof ‘herbronnen’. Dan kriebelt al eens een dans-intentie.
Meestal dans ik dan achter de toegeschoven gordijnen, maar als die te beweeglijk zijn omwille van de wind of gewoon, als ik overdag geen zin heb om de gordijnen toe te schuiven, dan dans ik zo.
Zichtbaar voor al wie mijn richting uit kijkt.

Laatst stond de kleine jongen van het huis dat met zijn achterkant op de tuin uitgeeft, door het raam te kijken. Ik wist niet of hij de dansende ik in het oog had, dan wel of hij andere ontdekkingen op het oog had. Alleszins, toen ik zwaaide, draaide hij zich prompt om en liep het huis in. Even later kwam een volwassene aan het achterraam staan.

Dansen?
Dat is toch niet normaal in deze tijd?
Denken ze dat?

De stilte laat me ook toe om zachtjes liedjes aan te heffen die in mijn bewustzijn opdagen. Dan zit ik te neuriën en merk ik vaak dat ik de tekst niet ken. Soms zoek ik de lyrics dan op, maar niet altijd. Een beetje ongedefinieerd mee-melodiëren, meer moet dat niet zijn. Soms.
Ik merk het ook op als ik fiets. En het helpt me om steviger mijn trappers rond te duwen als de lichte hellingen of afstand me verzoeken op te geven…
Neuriënd doorzetten.

Overigens heb ik dat advies ook al met succes doorgegeven aan mijn huisgenoot. Soms heeft hij het echt moeilijk als we een ommetje maken. Dan geef ik hem de opdracht een liedje in zijn hoofd te neuriën, waarop hij kan doorgaan. En als hij vervolgens de drempel van het huis toch weer overbrugd heeft, sta ik aan de deur klaar met een opgestoken duim.
Soms met woorden die dat gebaar ondersteunen. Vaak zonder. Stilte spreekt.
Maar elke keer tot hiertoe krijg ik dan wel een tevreden glimlach terug.

Meer moet dat niet zijn.
Een kinderhand is gauw gevuld.

Tijd- en grenzeloos zorgzaam zijn

Gevonden op historiek.net

“He who doth with the greatest exactness imaginable, weigh every individual thing that shall or hath hapned to his Patient, and may be known from the Observations of his own, or of others, and who afterwards compareth all these with one another, and puts them in an opposite view to such Things as happen in a healthy State; and lastly, from all this with the nicest and severest bridle upon his reasoning faculty riseth to the knowledge of the very first Cause of the Disease, and of the Remedies fit to remove them; He, and only He deserveth the Name of a true Physician. ”

“The great seal of truth is simplicity.”

Meer historische info:
https://historiek.net/herman-boerhaave-arts-botanicus-biografie/126895/

PS: “The surest method against scandal is to live it down by perseverance in well-doing, and by prayer to God that He would cure the distempered mind of those who traduce and injure us.”

Energie

Photo by Constantine Fountos on Unsplash

Energie. Er valt wel wat over te vertellen.

Het heeft me een dag gekost om mijn eigen energie terug in beweging te krijgen. Ik deed het dan ook op de verkeerde manier. Zoals we zo vaak doen als we moe zijn. Beetje rusten…mag toch op een zondag. Met de gedachte dat we dan wat later wel weer opgeladen zullen zijn.

Niet dus.

Tot ik wat actie bracht in mijn lichaam en ik één en ander weer voelde stromen. Met kippenvel all over the surface op sommige momenten.
Dan maar een fleece aan en de dag ietwat actiever afronden.

Hopelijk vindt de rust me vannacht nog voldoende, nu ze vandaag al zo lang in mijn gezelschap verbleef…En sta ik morgen wat fitter op. Of volg ik mijn hernieuwbaar inzicht en breng ik meteen met het juiste been uit bed wat beweging in lijf en leden.

Meestal sta ik ´s ochtends op met rugpijn. Omdat ik op mijn buik slaap. Niet slim. De huisarts die ik laatst bezocht was er erg duidelijk over: ‘dat ga je echt moeten afleren!´
Ik ben er hardleers in. Het ligt ook zo lekker om te beginnen snoezelen…

Nochtans heb ik al wel geleerd hoe ik mijn energie moet sturen. Als het denken vastloopt, kan beweging in het lichaam helpen. Als het denken te snel gaat, helpt het me om bewust heel traag te gaan stappen. Als het hart op hol slaat, kan bewust erin ademen haar tot rust brengen. En als een brok energie klaar zit, dan dans ik die los. Van subtiel tot wild. Uit het zicht, dat wel 😉

En als ik voor de verandering eens niets te vertellen heb, dan begin ik met schrijven en maak er een freewriting van. Schrijven zonder censuur en zonder stoppen. Als je even aan niets denkt, schrijven dat je aan niets denkt en uitkijken naar de volgende gedachte die zich aandient.
Tot ik leeg geschreven ben. Voor dat moment weliswaar.

Ik mis wel de tijd dat ik dagelijks gedichten schreef. Of neen, ik mis niet de tijd maar het schrijven van gedichten. Het was vaak een fijne flow waar het leek alsof ik gewoon neerpende welke inspiratie mijn systeem opving. Er zaten er best leuke tussen. Niet allemaal.
Als ik sommige gedichten teruglees vraag ik me af wat me bezielde… Of wat de inspiratie bezielde, want het enige dat ik deed was de woorden opvangen en neerpennen. 😉
Teruggeven via geëigende kanalen. Met en zonder lezers die feedback gaven. Enkele fans zelfs.

Ach ach. Ik vraag me soms af hoe het moet zijn om één passie te hebben. Om je te verdiepen in één activiteit of onderwerp en daar dan je leven aan te wijden. Waarom moet ik toch zonodig in zoveel verschillende dingen geïnteresseerd zijn en kan ik me niet focussen op één domein?

Het zal wel te wijten zijn aan mijn energiespectrum. En is het een kwestie van de juiste filter erop te zetten. Een chebishev-filter bijvoorbeeld. Filtert de hoge frequenties vrij scherp weg…als ik me goed herinner…
Ik schreef ooit een programma in Matlab om dit soort filter te berekenen…
Een gedicht heb ik er nooit over gemaakt.

Maar morgen is een nieuwe dag. Met verse energie en lonkende frequenties om op in te tunen.

Artificial Intelligence

Photo by Franki Chamaki on Unsplash

Ik vind dat altijd interessant, een online gesprek met een chatbot.
De meeste vind ik dom. En daar zit dan wellicht AI (Artificiële Intelligentie) achter.
Je moet niet vragen hoe die geprogrammeerd is…

Als ik om mijn gesprekspartner op zijn ‘botgehalte’ te testen, een grap maak, begrijpen ze me meestal niet en vragen ze of mijn vraag voorkomt in een aantal opties die me dan getoond worden. En dan zeg ik naar waarheid ‘neen’, verzoeken ze me de vraag anders te formuleren en lopen ze na een paar nieuwe pogingen soms helemaal in de soep.

Daarnet zat er echter een alerte bot achter de chat.
Of het was wel degelijk een mens van vlees en bloed natuurlijk. ‘Een snelle.’

Ik weet niet meer hoe ‘ze’ heette. Heb het venster van onze conversatie inmiddels al gesloten. Ook dat is dom als je erover wil schrijven. Vertrouwen op geheugen, altijd een risico. Maar soit. Een poging om te reconstrueren…

Ik had zeer snel duidelijkheid gekregen over een vraag waar ik mee zat en ‘ze’ vroeg me ‘Is there anything else i can do for you?’
Ik antwoordde met ‘A bit of fresh air, please.’
En prompt las ik haar woorden ‘Yeah, i would love that too!’

Dat vond ik cool! Leek op menselijke humor…
Ik heb nog een duim opgestoken en als toevoeging geschreven ‘thanks for my smile’ en toen de conversatie beëindigd.

Toen ik een tiental minuten later opgelost had waar ik mee zat, wou ik ‘haar’ dat even laten weten…met een ‘My problem is solved now’.
Ze vroeg me prompt naar een referentie van ons gesprek waardoor ik weer ging twijfelen aan haar mensgehalte. Hoe kan je nu zo snel een ‘fijne’ conversatie vergeten…
Zeg nu zelf 😉

Alleszins…is het ook een beetje akelig. Want door elke interactie leert die chatbot bij en wordt toekomstige communicatie gesofisticeerder. Wordt het steeds moeilijker om fouten te ontdekken. En door wie is de software geschreven en welke onderliggende waarden speelden bij de informaticus bij het configureren van de algoritmes?

Hoe zat dat ook alweer met Artificiële Intelligentie die ontwikkeld was om te leren onderhandelen? Onderhandelen is in se proberen te krijgen wat je wil…maar tegen welke kost? Hoe stuur je dat bij onderweg? Dan maar eens een random gegenereerde grap ertussen om de lading uit de ‘gesprekken’ te halen? Want loopt het anders niet uit op horror?
Een beetje achtergrond

Dat het allemaal niet simpel is.
Zelfs ‘a bit of fresh air’ niet, dezer dagen.
Vandaar mijn open vraag, losgelaten in de Big Data-wolken:

Geacht klimaat,
Waarmee kunnen we u van dienst zijn?
Hartegroet, Fiducia

Wolven

Photo by Marc-Olivier Jodoin on Unsplash

Het is me al opgevallen dat veel mensen tegenwoordig een tatoeage hebben. De ene al kunstiger dan de andere.

Een week geleden zat ik op het binnenterras van een taverne toen de serveuse mijn drankje kwam brengen. Haar linker onderarm viel me meteen op. Er stond een kop van een wolf op, zo mooi en fijn getatoeëerd dat de ogen leken te spreken. De woorden vielen dan ook uit mijn mond:
‘Wat een mooie wolf staat er op je arm getatoeëerd.’
‘Dankjewel’ zei ze.

Over het algemeen vind ik tatoeages maar niks.
Alsof ons vlees en bloed an sich niet voldoende is om een identiteit te vormen.
Deze wolf vond ik bijzonder.
Misschien omdat ik ook zopas voor de tweede maal in mijn leven het boek ‘De wolvenlus’ van Nicholas Evans heb gelezen. Met plezier en leeshonger.
Ik heb het boek thuis. Ik las het jaren geleden omdat ik dat andere boek ‘De paardenfluisteraar’ zo mooi vond en wou exploreren wat de schrijver nog meer had neergepend.
‘De rookspringer’
heb ik ook thuis. Ook gelezen, maar wel jaren geleden.

Wolven. Ze spreken wel tot de verbeelding. Hoe ze huilen. Hun relatie met de maan. Met indianen.

Wolven duiken hier weer op en boezemen zowel angst als ontzag in.

In roedels heeft het alfapaar de leiding. Ik lees op www.zoogdiervereniging.nl: ‘De leider van de roedel is het alfamannetje. Daarna is het alfavrouwtje het belangrijkst. Meestal zijn zij ook de enige in de roedel die jongen krijgen.’

En kijk…zit ik wat te surfen en kom ik op de site van jobat.be terecht. Een artikel met de titel: ‘Wanneer ben je een alfaman/-vrouw?‘  Want precies zij zouden eerder leidinggevende types zijn. Een lijst van dertig uitspraken moet uitsluitsel geven.

‘Wolven huilen om met elkaar te communiceren over lange afstanden. Het oergeluid kan je tot kilometers ver horen! Een andere reden waarom wolven het wel eens op een huilen zetten, is het informeren van nabije roedels over de territoriumgrenzen.’
Die wijsheid las ik op www.onzenatuur.be

En dan heb je dat mooie verhaal over die twee wolven.
Ik verwijs je hiervoor door naar de site met duiding:
http://www.gestolengrootmoeder.nl/wordpress/twee-wolven-wonen-in-mijn-hart/

Een snoepje voor wie ook van verhalen in/en hun oorsprong houdt…
Enjoy!

Partisympathicatie.

Photo by John Reign Abarintos on Unsplash

In navolging van mijn bericht van gisteren, dat zou kunnen suggereren dat ik niet geef om wat er in de wereld gebeurt, wil ik mijn woorden even nuanceren via dit nieuwe bericht.

Neen, ik lees of bekijk geen gangbare media of sociale media-berichten. Of neen, ‘geen’ klopt niet. Ik scan ze slechts sporadisch en lees her en der een flard. Daartegenover investeer ik wel al een tijdje geld en leestijd in kwaliteitsvolle onderzoeksjournalistiek als van decorrespondent.nl, recenter ook thecorrespondent.com en in zwijgenisgeenoptie.be

Ook daar lees, bekijk en beluister ik zeker niet alles, maar het voedt me alleszins meer dan de hap-slik-weg-woorden die ik elders vind. Overigens vaak met titels die de lading niet dekken.

Waarom lees ik onderzoeksjournalistiek wel? Omdat ik op bovengenoemde platformen informatie krijg die dieper graaft dan de oppervlakkige en polariserende woorden die ik elders lees, als ik er toevallig terechtkom. Omdat die platformen mij voeden in mijn mens zijn en me inspireren om mijn ‘levenskunst’ te stretchen. Nieuwe terreinen te exploreren.

Waitbutwhy.com vind ik ook een fijne site. Het vergt soms wat moeite om helemaal mee te zijn in de lange artikels, maar ze verfrissen mijn geest en inspireren me. Wat me eraan herinnert dat ik nog even één artikel wil afronden. Daar maak ik straks werk van.

Wellicht is dit genoeg aan nieuw te exploreren sporen voor één blog, bedenk ik me.
Nog even iets klein, alledaags en flinterdun, om af te ronden dan?

Ik zat daarstraks in de wachtzaal bij de tandarts. Een vrouw met een hoofddoek kwam naar me toe en zei dat ze al een half uur aan het wachten was, dat ze een afspraak had om half drie en dat het al bijna drie uur was.

‘Neen’, gaf ik aan...’het is bijna twee uur’. Ze realiseerde zich dat ze het klokje in de auto nog niet had verzet naar winteruur, dat ze wellicht daardoor helemaal de kluts kwijt was. Maar nu kwam ze in de problemen met de einde-schooltijd van haar jongste spruit, die geen sleutel had. Ook met de boodschappen die ze eigenlijk nog gepland had. Ze zocht trouwens werk als poetsdame. Of ik niemand nodig had of mijn buren. Dat haar man zei dat ze gewoon moest thuisblijven maar dat vond ze maar niks. Ze schatte me zesendertig of zo. Zij was ouder dan mijn geschatte leeftijd maar jonger dan ik. Ein -Zwei-Spielerei 🙂

En zo herinnerde ik me de uitspraak die een Vlaams gezondheidsminister ooit van me aanhoorde: ‘er schuilt talent in een patiënt, laat het niet ondersneeuwen’.
Al vraagt ook dit aspect enige kadering vooraleer activering zo ver gedreven wordt dat alle goesting en energie uit een mens ‘geperst-eert‘ wordt. Participatie, met zorg.

Partisympathicatie.
Mmmh, …hoe zou ik dat omschrijven?

Hoewel ik haar naam niet kan herhalen, wens ik deze warme vrouw voldoening in de dingen die ze onderneemt, omringd door mensen die begrip tonen en haar steunen.

En mezelf wens ik mildheid. Zomaar. Omdat dat het woord was dat nu in me opkwam 🙂