Belevenissen

Photo by Jr Korpa on Unsplash

Vandaag was ik in de Opvoedingstraat in Gent om met een arbeidsgeneesheer te gaan spreken.
Ik was een tijdje later op de Korenmarkt in Gent op een bankje aldaar de gefilmde onwetende in een sociaal experiment. En daarbovenop was ik vandaag ook de klant in de onmogelijkheid om de klantendienst van de NMBS te bereiken via een contactformulier.
Technisch probleem. Technisch probleem. Technisch probleem…give me a clue please…
Overigens kon de bereidwillige conducteur me niet verder helpen en me ook geen e-mailadres van de klantendienst bezorgen.

Misschien moet ik de indrukken van vandaag maar eerst verwerken vooraleer ik erover schrijf…
Tot later dus! En geniet nog van de open hemel tussen de wolken door.

Voorschrijvend Inzicht

Photo by Alexandre Brondino on Unsplash

Zeker ben ik niet dat het daaraan ligt. Maar ik ben nu eenmaal altijd een beetje nieuwsgierig naar dingen die ik in mijn leven tegenkom en niet meteen kan verklaren. Zoals daarstraks. Er sluimerde een inzicht doorheen mijn avond gisteren en toen ik dat vandaag een beetje grondiger onderzocht voelde ik een ‘zucht’...het inzicht landde en werd een ‘weten’.

Maar toen ik er dus daarnet even tussenuit trok op mijn trapmachien, om wat lucht te happen, gehuld in een andere jas dan doorgaans wat een herschikking van spullen allerhande noodzaakte…

(beetje te lange aanloop dit, zal dit seffens even herlezen…want ik heb gehoord dat schrijven schappen is…al heb ik die uitspraak ook nooit echt goed begrepen…
Is schrappen dan ook schrijven?
Of is het een logica van de orde “een vogel is geen mus”
…al volgt daarop: “en een stamp is gene kus”
Maar dat laatste is tenminste wel goed invoelbaar.)

En dat een mus wel degelijk een vogel is, is niet meer dan het gevolg van voortschrijdend inzicht…En nu schreef ik net ‘voorschrijVend inzicht’…vind ik ook wel iets hebben…een blogtitel werd geboren…

Dus…ondervond ik daar op trektocht dat ik teen en tander niet terugvond. Dus placeerde ik telkens (met engelengeduld) mijn rugzak op de grond, binnen zowel als buiten al naargelang wat ik koortsig zocht…want intussen blokkeerde ik wel de weg van de mensen die exact op de plek wilden zijn van ik en mijn rugzak. Dus gehurkt en rustend, bracht ik de inhoud tot uithoudens toe naar buiten. Al bij al vond ik dan telkens terug waar mijn onderbewustzijn mee gaan lopen was. Enfin, bij wijze van spreken dan.

Maar dat brengt me op het volgende: als ik me de dingen waarvan ik me bewust ben als het topje van de ijsberg voorstel, dan heet het hele deel onder de waterlijn, dat dus veel groter is dan dat wat vanop ons dobberende bootje of schoonschip zichtbaar is, het onderbewuste. Of onbewuste…heb ook nooit het verschil daartussen begrepen, hoewel ik me een vrouw herinner die zeer duidelijk stelde…dat ze kriebels kreeg van één van beide woorden. Ik weet dus niet meer welk van de twee…de indruk zal niet stevig genoeg gemaakt zijn.
Of ik was niet klaar voor het inzicht, dat kan ook.

Zucht…waar leidt dit naartoe, Fiducia?

Sssst!
Waar was ik: ah ja!
Al die wezens die onder de waterlijn kunnen kijken, die hebben dan toch een veel groter bewustzijn dan wij mensachtigen? Bovenwaterigen? En al die ruime bewustzijnswezens, die zijn zich dan wellicht niet bewust van wat er boven water allemaal gebeurt? Tenzij ze af en toe dolfijngewijs komen piepen of walvissproeien.

Zou er een taal bestaan die zowel zij, de onderwaterigen als wij, de bovenwaterigen ons kunnen eigen maken, zodat we van elkaar kunnen horen welke wijsheid ons zal vooruit helpen in datgene waar we nu mee worstelen?

Wellicht is niet alle wijsheid die we hebben even interessant of bruikbaar voor het deel van ons dat we ‘zij’ noemen. Maar had ik niet ergens gelezen dat ons bewustzijnscapaciteit voor 5% gebruiken om ons leven vorm te geven. En dat we 95% dus niet benutten?! Terwijl we dat ding dat we bewustzijn noemen kunnen inzetten voor groei in menselijkheid.
Neen, ruimer dan dat.
Groei in Levensenergie.

Wat als we daar eens op inzetten?

Herstel

Photo by Dan Meyers on Unsplash

Als ik mensen zie die plezier maken, ben ik niet jaloers. Ik geniet van hun energie. Al sta ik er nu zelf zover vanaf en … toch ook weer niet.

Je mag dan wel deskundig zijn in het herstellen, als het leven je telkens weer nieuwe obstakels voorlegt zonder dat je voldoende kracht hebt opgebouwd uit vorige herstelperiodes, geraakt de rek er uit. Schreef ze in tranen…

Dan lukken alledaagse dingen steeds moeilijker. Wat ronduit pijnlijk is.

Het helpt om mensen rondom je te weten. Een menselijk woord doet deugd, toch een woord dat getuigt van invoelingsvermogen en begrip. Of een invoelende stilte. Dan doet zelfs kijken naar dollende mensen deugd. Kriebelt dit een potentie die aangeboord mag worden… ooit, als de tijd voor jou ook weer rijp is.

Humor helpt ook. Je obstakel vanuit een ander perspectief bekijken. Al rolt er nu weer een traan langs mijn rechterwang, toch schuilt er ergens nog een sprankel hoop in mijn duisternis.

Maar intens moe ben ik wel, mentaal vooral. Al erg lang. Mijn lichaam voelt ook uitgeput aan. Ik voel het aan de neiging om door mijn rug te zakken. Ik voel het aan mijn benen als ik de voorlaatste oefening doe van mijn TRE (Trauma Releasing Exercises). Hoe ik mezelf bijna niet meer weet te dragen in een zithouding met mijn rug tegen de muur. Slechts enkele seconden en ik voel de pijn.

Ik hoor Wim Hof (The Ice Man) net in zijn speedcursus zeggen ‘a cold shower a day keeps the doctor away’ en dat doet me glimlachen. Dat ga ik seffens even doen, want mij doet het inderdaad ook deugd, een koude douche nemen. Al heb ik recent ook mijn haar gewassen met ijskoud water, dat is toch wel een pittige…vooral omdat de koude dan voluit over je rug spartelt.

Ik zie hem een dansje doen onder de douche. Grappig is dat. Misschien moet ik dat seffens ook maar doen onder de douche. Al dansend mijn rug aan het water reiken om de koude haar werk te laten doen. Met de songtekst van die ronduit chronisch grappige zanger in mijn hoofd.
Zijn glimlach werkt gewoon aanstekelijk.

Kleine stapjes. En elk stapje telt. Het zal niet altijd vooruitgaan, soms ook terugvallen, maar gestaag moet ik voortschrijden. Naar voortschrijdend inzicht. Naar een nieuwe staat van zijn. Dit wordt geen lange tekst. Wel een eerlijke.
Van een vechter tussen de partijen door.

In beweging zetten

Photo by Dev Benjamin on Unsplash

Gisteren stond ik te trekken aan een koelkastdeur op mijn vrijwilligerswerk en ik kreeg ze niet open. Mompelde dat ook, me afvragend wat er schortte. Een collega komt bij me en doet de deur gewoon aan de andere kant open. Verbouwereerd was ik, dat ik die optie niet tussen één van mijn eigen oplossingsmogelijkheden had gevonden.

Toegegeven, ik zat wel met mijn hoofd bij de tekst die ik beloofd had te schrijven. Ik had me maar even naar de keuken begeven om een vers kopje koffie in te schenken. Een nieuwe fles melk zocht ik in de bewuste koelkast in de berging, waar ik eigenlijk slechts uiterst zelden kom.
Overigens stonden de melkflessen ook niet koud maar nog met de zussen en broers in plastic verpakt onder de kast naast de frigo. Ook dat had mijn blik gemist.

Akelig vind ik dat, dat ik opties, en dan zeker de meest logische opties, over het hoofd zie.
Ik die anders zoveel verbindingen leg…zaken uit onverwachte hoek bekijk…

Mijn wandelmaatje aan wie ik het voorval vertelde vanochtend zei dat zo´n dingen haar ook vaak overkomen. Omdat haar hoofd met andere dingen bezig is. Ze zou me er een boek over kunnen schrijven 😊

Ik heb ooit ook een gedichtje geschreven over een analoog voorval, toen ik op mijn smartphone had vertrouwd om me een oplossing te bieden en het slimme ding me niet kon helpen. Ikzelf zag ook geen andere opties. Zoek maar even op het woord ‘lacune’ in mijn blogruimte, dan vind je het gedichtje.
Weet je wat, ik maak er een audioversie van en plaats het hieronder. Met een toepasselijke jingle.

Maar goed. Misschien moet ik me maar geen zorgen maken. Hoort dat bij de leeftijd. Of wie weet, bij het trainen van mijn creatieve geest…

En hoewel ik gisteren had verwacht dat ik de tekst niet zou klaar krijgen, stuurde ik hem toch door naar een collega ter kritische blik. Het was geen tekst die helemaal uit het niets moest geschreven worden. Er bestond al een uitgebreider artikel waaruit ik inspiratie en zinsneden kon putten. Maar toch. Ik zie wel wat er moet gewijzigd en/of toegevoegd worden. Vaak is het moeilijker om van een bestaande tekst te vertrekken, vind ik. Dan heb ik de neiging me teveel aan die stijl te houden terwijl het leespubliek niet noodzakelijk dezelfde is. De moeilijke balans tussen vasthouden en loslaten.

Intussen ben ik wat mezelf betreft met een aantal nieuw geïnstalleerde gewoontes bezig.
Mijn traject met het boek van Julia Cameron vermeldde ik al in eerdere schrijfsels. Ik zit inmiddels aan week vijf van de twaalf. Mijn kunstenaarsafspraakje, twee uur op pad met mezelf en mijn sensoren open, is vaak nog een moeilijke.

Eergisteren ben ik ook begonnen met gerichte beweging in mijn dagelijkse bezigheden te integreren. Kracht, soepel houden van gewrichten en stretchen van spiergroepen. Ongeveer een half uurtje.
De conditie vat ik dan later wel aan.
En ik sluit mijn oefeningen af met TRE (Trauma Releasing Exercises) om dan in platte rust van een kwartiertje of zo alles even te laten integreren. Het voelt fijn om daarmee bezig te zijn, wat subtiele verschuiving te mogen ervaren ook.

Ik volgde immers recent ook een Webinar omtrent de menopauze en daar werd ook benadrukt hoe belangrijk beweging is. Door een licht programma te starten en de oefeningen gradueel uit te breiden en intenser te maken, hoop ik het vol te houden.
Het is vaak gewoon een kwestie van de tijd ervoor vrij te maken.

Een aantal mensen op mijn vrijwilligerswerk is de uitdaging aangegaan om te (her)beginnen met joggen. Ikzelf zou liever dansen. Groot lokaal, muziek op en halfuurtje dansen.
En omdat ik mezelf heb getrakteerd op een danscursus deze zomer, hoop ik met mijn voorbereidingen al wat voorsprong en ‘veiligheid’ op te bouwen.
Zodat mijn lichaam straks hopelijk mag gespaard blijven van blessures of overbelasting.

Goe bezig.
Nu me alleen opnieuw bekwamen in ‘koelkastdeuren in beweging zetten’ …

Gedicht ‘Lacune’ tussen jingles

Voeding

Photo by Pushpak Dsilva on Unsplash

Liever nog was ik oogstaandeelhouder gebleven van een CSA boerderij (Community Supported Agriculture). Om zelf te oogsten wat ik wil eten aan biologisch geteelde groenten en fruit. Maar de afstand en mijn (vaak) beperkte fysieke energie doen me nu besluiten te kiezen voor een initiatief dat voor mij meer kans op duurzaamheid kent.

Zo heb ik me geabonneerd op een biologisch geteeld groenten- en fruitpakket dat ik op een bepaalde weekdag oppik in een afhaalpunt in de buurt. Ik weet niet vooraf wat er in het pakket zal zitten. Het aanbod volgt wat Moeder Natuur te bieden heeft op dat moment. Groenten die aangekondigd werden maar nog niet rijp zijn voor oogst worden niet alsnog geoogst maar vervangen door iets anders. Zo surf je mee op het ritme van de natuur.

Hier komt dan wel de tussenstap van het oogsten en in bakken aanbieden op een bepaald tijdstip bij in het takenpakket van de initiatiefnemer, waar deze tussenstap bij een CSA boerderij wordt overgeslagen.

Bovendien maakt ook het feit dat je ‘oogstaandeelhouder’ bent bij de zelfoogst-oplossing dat je een stem hebt in de coöperatie en verdere uitbouw ervan.

Maar goed. Dit systeem van groenten- en fruitpakket werkt nu voor me, ik ben er tevreden over.
Het is alleszins heel anders dan vooraf een gerechtenlijst uitvinden en naar de supermarkt gaan voor groenten en fruit. Al dan niet biologisch geteeld.
Wat zit er eigenlijk allemaal in een winkelprijs?
In een groentenpakket-prijs?
In de dagprijs voor zelfoogst?

Verduurzamen wil ik.
Eén stap per keer…
Een voor mij haalbare stap. Op maat dus van mijn mogelijkheden.

Zelf heb ik ook enkele zaailingen nu, die ik weldra zal uitplanten. Het leek erop dat de pompoen en rabarber geen zin hadden om te kiemen, de rucola was snel tevoorschijn gekomen. Maar intussen heb ik in elk turfpotje wat opbrengst die verdere zorg en aandacht en een volgende fase verdient.

Dit is nog een zoeken voor me. Ik zet slechts mijn eerste stappen op bet vlak van moestuinieren.
Jammer toch, dat dat soort kennis niet meer overal van generatie op generatie wordt doorgegeven.

Ook daarom was ik aangesloten bij een CSA boerderij, om zelf te leren van wat ik er allemaal tegenkwam aan niet-exotische groenten allerhande. Hoe ik precies moest oogsten ook, zonder schade aan te brengen.

Maar goed.

Misschien, als ik werk maak van mijn conditie, vind ik alsnog de weg naar de boerderij.
Al zou ik het naar de boerderij fietsen ook als werken aan mijn conditie kunnen zien, zo deed ik het tevoren eigenlijk, … maar het werkte niet.
Onvoldoende discipline in het inzetten op beweging die de conditie ten goede komt. Ik schreef er al eerder over en sindsdien is  beweging nog steeds niet systematisch in mijn wekelijkse planning opgenomen. Shame on me.

Tut -tut, niet te streng voor jezelf, Fiducia!
De afgelopen sombere periode was heel hardnekkig en die ben je pas te boven gekomen. Rome is ook niet in één dag gebouwd heb ik horen zeggen. Al hoor in het in Keulen ook niet altijd donderen, hoewel dat ook wordt verteld.

Wat moet je nog geloven vandaag?
Dat biologisch geteelde groenten en fruit veel rijker is aan smaak?
Dat er meer groenten kunnen aarden in ‘onze grond’ dan wat in de supermarkt te vinden is?

Ik zeg vaak, ik betaal liever wat meer voor een product en eet er minder van, dan me dagelijks te vullen met eten dat geen smaak heeft. Toch?!

Ik herinner me dat er in het ziekenhuis op de koelkast in de kamer een sticker plakte met de boodschap ‘geen bederfbare voeding’.
Een rare uitspraak vond ik dat. Tot wanneer is voeding nog voeding?

In datzelfde ziekenhuis heb ik ook een foto gemaakt van een heel omvangrijke brownie die ik op mijn plateau vond voor de avondmaaltijd. Ik stuurde de foto door naar een vriend met de boodschap: ‘klantenbinding in een universitair ziekenhuis: volgende afspraak op de diabetesafdeling…’

Wie geeft vandaag het voorbeeld op het vlak van voeding,
walks the talk
values (the) difference?

Wie definieert wat ‘voeding’ is?
Voor lichaam. Voor geest. Voor persoonlijke interacties.

Door de kier

Photo by Abhishek Pawar on Unsplash

het is zalig te zien hoe jouw jeugd
regelrecht uit je buik lijkt te stomen
je dansende ogen omschrijven met goud
de kier in mijn huilende hart

het turven van keren de grenzen betast
hoe ik merk dat ik schrijf en mijn pen me verrast
alleen door jouw gloed te omschrijven

kon ik maar zingen, je trilling weerkaatsen
zal ik dansen of beter nog, schaatsen?
vloeiend en vlotjes in rondjes gedraaid
blote tenen en sporen in ´t strand losgehaaid

was jij het paard in de sportzaal ik zou je bespringen
een overslag, twist met een vrolijke graai
een vreugdekreet, hoog en met heel veel lawaai

maar ik hou het bij schrijven en in stilte verwoorden
wat er met me gebeurt als ik kijk
tot blozende wangen me dwingen naar hier
wat een wervelwind was dat nu weer door die kier

in mijn ogen van beeld naar verbeelding alom
de rots en de zee in verlangen naar meer
dedju toch, dedju. toch die zorgen, … waarom?

Draken

Photo by Vlad Zaytsev on Unsplash

ik wil dat je weet dat ik in je geloof
tot je eigen geloof overtuigd is

ik hoop dat je voelt hoe je passie niet dooft
als één enkele taak niet volmaakt is

ga door en vrees geen donkere dagen
doorvoel wat zich aandient, heel zacht

vraag het beest dat je dooft wat het vreest
laat het vrij en ga door

kijk, je lacht

Om-doen

Photo by Rafaela Biazi on Unsplash

Vandaag heb ik me voorgenomen elke dag iets op een andere manier te doen.
Gewoon, om mezelf open te stellen voor verwondering en zo mijn creativiteit te voeden.

Eergisteren nam ik trouwens al een omweg om naar de supermarkt te rijden.
Het leverde me een gedicht op.

Een tijdje geleden besliste ik ook om mijn afwas op een andere manier te doen. Dat klinkt wellicht gek. Maar daar waar ik eerder eerst alles afwaste en op mijn kleine aanrecht ‘installeerde’ voor de afdroog, doe ik nu de afwas in porties. Alsof ik de afwas niet alleen doe maar opsplits in afwasser en afdroger die meer op elkaar zijn afgestemd. En op de grootte van mijn aanrecht.

Op één of andere manier geeft die manier van werken me meer rust.
Het is als aan de lopende band staan en sneller kunnen switchen tussen taken.
Zo heb ik minder het gevoel dat wat ik doe ‘saai’ is.

Daarstraks heb ik dan beslist welke bestemming ik mijn aanrecht geef, weg van ‘parkeerruimte’.
Dat voelt echt veel ruimer, een ‘zo-goed-als-leeg’ aanrecht.

Gisteren heb ik ook het boek ‘The Artist´s Way’ van Julia Cameron opnieuw vastgenomen.
Meteen ook een eerste planning gemaakt van wanneer ik welke opdrachten ga maken deze week.
Ik had blijkbaar de vorige datum dat ik met hoofdstuk één begon genoteerd in het boek.
Dat was september tweeduizenddertien. We zijn een dikke zeven jaar verder.
Benieuwd van waar dit nieuwe traject van twaalf weken me brengt.

Hopelijk zal de inspiratie daardoor ook weer soepeler haar weg tot me vinden.
De criticus is dezer dagen zeer sterk aanwezig en mezelf afbreken hoort daar iets te stellig bij om nog aangenaam te zijn. Daar omschrijft ze weer haar gemoedstoestand op een eufemistische manier.

Ik kan ook eens op zoek gaan naar het doosje dat ik ooit kreeg aan het einde van een cursus improvisatie gecombineerd met meditatie. Het stak vol met opgerolde oranje papiertjes met suggesties om dingen op een andere manier te doen. Suggesties die even doen stil staan.

Omdenken.nl geeft ook inspiratie op dat vlak. Je kan je er bijvoorbeeld inschrijven om dagelijks ‘omdenk’spreuken in je mailbox te ontvangen.

En verder wil ik eindelijk stellig werk maken van ontspullen. Op een duurzame manier.
Dus niet van ‘iets aanschaffen dus eerst iets wegdoen’, maar ‘wegdoen’ tout court, omdat ik het nu eenmaal niet vastneem laat staan echt nodig heb.
Wegdoen omdat het mijn ruimte bezet.
Ontspullen om naast fysieke ook mentale ruimte vrij te maken, die dan mag gevuld worden met nieuwe ervaringen.

Overigens zijn in het boek van Julia Cameron de ochtendpagina´s en het kunstenaarsafspraakje de belangrijkste instrumenten om de creativiteit weer te doen stromen. En, heel confronterend, opschrijven wat de criticaster in mezelf allemaal aan ‘waarheden’ spuit.
Om er dan een weerwoord bij te verzinnen en dat weerwoord in affirmaties te gieten die de eigen energie hopelijk wat meer met positiviteit voedt.

Waar ik straks zal uitkomen weet ik niet.

Ik heb me gerealiseerd dat ik een zevental jaren verder ben in mijn relatie met schrijven en dat ik nu wellicht andere dingen oppik uit het boek. Ook mijn blog dateert van zesentwintig maart tweeduizendveertien. Ook een zevental jaar geleden.
Ik heb voor maandag een brief klaar die ik vorig jaar schreef als reactie op een opdracht in een schrijfcursus. Een brief gerelateerd aan het allereerste blogbericht dat ik publiceerde.

Ik begreep uit een webinar die ik onlangs volgde dat een volwaardig leerproces zowat zeven jaar in beslag neemt. En dat er daarna een nieuwe periode van zeven jaar start waar de relatie met het geleerde een andere vorm aanneemt.

Benieuwd wat zich aandient en waar ik binnen zeven jaar sta in mijn relatie tot schrijven…

Emoties

Photo by Senjuti Kundu on Unsplash

Ik herinner me niet dat dat in mijn jeugd bestond, prentenboeken die specifiek over emoties gingen.
Mijn favoriete lectuur als jong kind waren de prentenboeken van ‘Tiny’, met al haar avonturen.
Ik vond vooral de tekeningen zo mooi.
Soms durf ik in een boekhandel nog even de ‘Tiny‘-boeken doorbladeren, gewoon omwille van de nostalgie.

Vandaag zijn er wel prentenboeken met als onderwerp één of andere emotie, zelfs met (ademhalings) oefeningen erbij. Zoals de reeks ‘Wat Victor voelt’ met tekst en illustraties van Aurélie Chien Chow Chine met titels als ‘Ik ben verlegen’, ‘Ik ben boos’ en ‘Ik ben bang’.

Of ‘Waar geluk begint’ en ‘Als verdriet op bezoek komt’ van Eva Eland.

Vaker nog vind je natuurlijk de prentenboeken waar de emoties doorheen het verhaal weven. Zoals in de reeks met ‘Kikker’ van Max Velthuijs, zoals het heerlijke ‘Kikker is Kikker’ bijvoorbeeld of ‘Rood, of waarom pesten niet grappig is’ van Jan de Kinder. Waar ook de kleuren heel erg spreken. Er is ook een theatervoorstelling van dit boek gemaakt.
Deze laatste auteur/illustrator, Jan de Kinder, heeft trouwens net een nieuw prentenboek uit, het staat op mijn ‘to do’-lijstje om dat even nader te bekijken…

Onlangs kwam ik voor het eerst in een stripwinkel in Leuven. Op één of andere manier werd ik er naartoe getrokken.
Er lagen twee hoopjes postkaarten naast elkaar vlakbij de ingang. Eentje van het prentenboek ‘Mare en de dingen’ met illustraties van Kaatje Vermeire en tekst van Tine Mortier. Een heel mooi verhaal over een meisje en de relatie met haar oma.

De andere postkaart betrof het boek ‘nooit meer alleen’ van ephameron. Een beeldverhaal dat werd ontwikkeld in het kader van een doctoraatstraject in de kunsten.
Een heel bijzonder boek, lijvig ook, dat ik al een aantal keer met volle aandacht heb doorbladerd.
Het wekt enorme emoties op bij mij. Het is alleszins van een andere orde dan de boeken die ik bovenaan in dit blogbericht aanhaalde.
Geen echt voorleesboek, eerder een ‘kijk, voel en doorvoel’-boek.
Een zet-even-weg-, heropen- en herbegin- en herontdek-boek.

Ik ben ook niet te verlegen om prentenboeken aan volwassenen te schenken. Om nog maar verder te gaan in de opsomming en u daarbij eventueel te inspireren om ook eens te gaan snuisteren in prentenboeken…
Zo gaf ik nog niet zo lang geleden een vriend ter ere van zijn verjaardag het boek ‘Het meisje dat nevel weefde’ met tekst van Agnès de Lestrade en illustraties van Valeria Docampo.
Ook ‘De omhelzing’  met illustraties van Michal Rovner en tekst van David Grossman gaf ik ooit cadeau aan een lotgenote op haar verjaardag. Dat was zelfs in het ziekenhuis, ik kende haar amper.

Ik had het boek bij, omdat ik van plan was maar één nacht te blijven en de volgende ochtend te gaan voorlezen in de jeugdbibliotheek…tja…
De lotgenote gaf aan dat ze jarig was en dat het zo zielig was dat ze op dat moment in het ziekenhuis verbleef op zo een heuglijke dag. Ik aarzelde niet en gaf het boek aan haar. Volgens mij heb ik er zelfs een geïmproviseerd kaartje bij geschreven.

Ze toonde het blijkbaar aan haar therapeut met de mededeling dat ze het van mij cadeau had gekregen. Hij was verwonderd en best onder de indruk…althans, dat vertelde ze me nadien.

En zo vind ik troost en vreugde in mijn boekenarsenaal.

Het blaadje van 11 april in mijn scheurkalender vind ik wat tekst van schrijfster Andrea Owen. Ik zal die even inlezen bij wijze van audio-aanvulling.

Hou het gezond daar!
En kies een goed boek 😉

Een essentie

Photo by Minnie Zhou on Unsplash
Essentie door Fiducia Caro

Die taal toch.
Vaak kom ik in teksten twee termen in een opsomming tegen waarvan ik denk “is dat nu niet net hetzelfde?”
Zo spotte ik recent ‘duidelijk en helder’, ‘voeding en voedsel’ en eentje waar ik me wel vaker bij afvroeg waar het verschil schuilt en er nog geen zoekactie over ondernam: ‘psychisch en mentaal’.

Dus ga ik er nu maar eens werk van maken en bekijken waar, alvast in deze opsommingen, het verschil schuilt.
Als ik het al vind. Ik ga voor de online zoektocht in de wetenschap dat daar een foutmarge op kan zitten. Ik zal zien waar ik land of strand. (is dat ook niet net hetzelfde? 😊)

Een poging via vandale.be
Eerste duo:
Duidelijk: gemakkelijk te begrijpen; helder, goed te onderscheiden
Helder: optie 3 geeft ‘duidelijk’

Wat mij betreft is er dus geen meerwaarde om die twee termen te gebruiken.
Misschien nog wel naargelang de context…heb zo meteen geen voorbeeld.

Volgende duo:
Voeding: 1 – het voeden; 2 – voedsel…
ja, lap…toch nog even dubbel checken:
Voedsel: alles wat kan worden gegeten; = eten

Ook hier zie ik weinig meerwaarde om beide termen te gebruiken.
Al voel ik intuïtief wel aan dat niet alle voedsel voeding is – al was het maar wat de ziel betreft…

Derde duo:
Psychisch: geestelijk, niet lichamelijk (tegenstellingen: fysiek of somatisch)
Mentaal: in (of van) de geest: mentaal opgewassen zijn tegen iemand of iets

Welaan, veel wijzer word ik niet van deze zoektocht.

Maar een woord dat ik daarstraks tegenkwam, al ken ik het al wel langer dan vandaag maar was het me nog niet eerder opgevallen:
‘een kind ont-wikkelt zich…’ en ‘de ont-wikkeling van het kind.’

Wat ik als herkomst vond voor ‘ontwikkelen’ op ivdnt.org (van het instituut voor Nederlandse taal):

Het hoogduitse ‘entwickeln’ en het franse ‘développer’ zouden aan de basis liggen van dit woord.
Als alternatief woord staat er ‘ontvouwen’ en ‘doen ontstaan’.
Al zou een platte ‘ontvouwing’ ook tot ‘uit de doeken doen’ kunnen leiden.
Heeft wel net een andere betekenis.

Beide vind ik een beetje vreemd in de context van de uitdrukking die ik aanhaalde:
‘het kind ontwikkelt zich.’

Eerlijk gezegd vind ik dat een kind meer van zijn aangeboren talenten en gevoeligheden verliest doorheen de jaren, de opvoeding en de scholing, dan dat hij zich ontvouwt. Doordat hij bij wijze van spreken woorden aanleert die een ‘wonder’ in zijn of haar nieuwsgierige beleving reduceren tot ‘citroen’. Bumba wordt wellicht nooit eerst ‘citroen’ genoemd omdat je je over Bumba kan blijven verwonderen. Of niet? Een mooie ‘ontwikkeling’ van een peuter betreft het laten ervaren wat de smaak van een citroen is. Ik zie het zo voor mij…
Eén en al rimpelsnoet.

Toen ik een tijd geleden de vraag kreeg in lichtjes bevreemdende zinsopbouw “wat is dat voor een boom?”, toen zei ik “dat is een mooie boom”. Omdat ik wist dat de vraagsteller het antwoord wist en ik hem wou aangeven dat ik de essentie van die boom nog vat en hem niet ‘ontwikkel’ tot ‘berk’.

Misschien wil die boom zich anders noemen. ‘Boompa’ misschien. En zou hij niet liever willen dan zich kunnen ontwikkelen als verspreider van meer van dat moois op andere plekken waar kinderen dan nog kunnen klimmen zonder zich af te vragen of de boom dat fijn vindt.
En zonder breuk van tak of arm. Beide kan ook nog…
Ik ga het mij maar niet achterstellen.

Ach,ik zie al vanop een afstand dat ik me teveel vragen stel.

Toch ten laatste nog even benadrukken dat de authenticiteit, nieuwsgierigheid en flexibiliteit van kleine ukjes en peuters zich wat mij betreft niet moeten ontvouwen, maar gekoesterd weten.
Omdat die kwaliteiten het leven op latere leeftijd zoveel mooier maken omdat het wat mij betreft duidelijk voeding betreft voor de mentale veerkracht.

Daar wordt wel meer over verteld vandaag, heb ik horen proeven.

Laat die maskers maar af.
Leer gewoon nog wat meer smoelen trekken in alle spontane eenvoud…camera aan en al…

PS: is dat laatste nu een pleonasme?