Vaarwel professor

Photo by Tra Nguyen on Unsplash

Het voelt een beetje dubbel om dit te schrijven.
Of beter, om dit NU te schrijven.
Maar ik zet door en zal ermee handelen op een manier die ik gepast vind, zodra dat ik het helemaal doorvoel.

Vandaag kreeg ik een berichtje van een vriendin. Haar broer, een partner, ouder en professor waar ik nog les van heb gekregen, is gisterenavond overleden.
Een plots overlijden, onaangekondigd.
Op leeftijd maar toch te jong om te sterven.

Vorige week was ik er nog over aan het denken eens op de dienst waar hij gisteren nog werkte langs te gaan. Omdat ik daar ook ooit zelf gewerkt heb in een eerste job, zowel mijn vriendin als haar broer er werken en de andere oude bekenden ook nog eens ontmoeten me wel fijn leek.
Dit idee was vrij hardnekkig aanwezig maar nog net niet in mijn agenda ingepland.
Misschien doe ik het nu alsnog één van de komende weken…

Hem zal ik nu niet meer kunnen spreken hoewel ik naar een kleine uitwisseling zoals de laatste keer had uitgekeken. Het academiejaar start nu zonder hem. Vreemd is dat.

Ik vond hem altijd grappig en vinnig. Hoe hij daar beneden in het leslokaal aan het bord stond met zijn niet zo grote gestalte. Hoe ik op een gegeven moment mijn vrouwelijke studiegenoten naast me er op attent maakte dat hij zo´n klein ‘poepke’ had en ik, toen hij zich prompt omdraaide en me recht aankeek, het akelige gevoel kreeg dat hij dat gehoord had. Focus terug op mijn blad. Verder schrijven en dimmen. Blozende wangen.

Hij was het ook die kennis uit me trok toen ik gegeneerd, met een rood en schilferig aangezicht van de stress in mijn laatste jaar het antwoord op zijn vraag poogde te formuleren op het bord en in woord. Het was op het krijtbord in het koffiekot. Met af en toe een medewerker die zijn bakje koffie kwam bijtanken, gelukkig geen praatje maakte. Toen nog niet…

Toen ik een dik jaar nadien op de dienst werkte en al enkele maanden zwanger was van mijn oudste dochter, kwam ik na de lunch verontwaardigd terug in datzelfde ‘koffiekot’ met de boodschap dat iemand me had gezegd dat ik een ‘kwakkelgangetje’ had. Ik zocht naar steun in mijn verontwaardiging. Onze professor zei boudweg ‘dat heb je altijd al gehad.’ Met een monkellachje.

Hij was een mooi mens. Mens onder de mensen, eenvoudig complex en rechtvaardig. Het was op zijn onderzoeksdomein dat ik mijn thesis maakte, met als voorbereidende opdracht een naslagwerk doornemen dat hij en enkele collega´s hadden geschreven.

Jaren later heb ik vaak nog gedroomd dat ik geen thesis vond die eenvoudig genoeg was voor me. Dan werd ik angstig wakker en daalde langzaam het besef in dat ik al een tijdje was afgestudeerd. Ook al had ik mogelijk nog steeds mijn thesis niet afgerond mocht mijn broer mij geen ‘sjot onder mijn kont’ zijn komen geven toen ik lag weg te kwijnen in de zetel bij mijn ouders thuis. Die zomer. Mijn ouders op reis en ik met het gevoel dat ik helemaal ‘niet voldoende was’ om dit diploma te halen.

Als mens heb je op je pad mensen nodig die (onvoorwaardelijk) in jou geloven en die geen moeite getroosten om je in je kracht te zetten.
Een leerkracht of professor kan die rol opnemen.

Aan R. houd ik bijzondere herinneringen over.
Ik wens zijn zus en familie veel sterkte toe.
Dat de mooie herinneringen zijn energie in leven mogen houden.  

Lieve groet aan hen, van mij.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.