Uitrusting

Photo by Matteo Catanese on Unsplash

“Ben je met de fiets?” vroeg hij.
Ik keek de man die me net met zijn winkelkar was gepasseerd wat verwonderd aan.
“Ja, hoezo?”
“Omdat je een regenbroek aan hebt.”
“Ah ja” zei ik, “dat heb je goed gezien.”
“Waar koop je dat?”
“In de fietswinkel” antwoordde ik een tikkeltje verbaasd.
“Kruipen die pijpen dan niet tussen uw ketting of uw trappers?”
“Neen, aan deze broek zijn velcro´s om aan te spannen en alles wat bij elkaar te houden aan mijn enkels.”

Vreemd gesprek vond ik dit.
Maar hij leek tevreden over de interactie want hij wandelde alweer door zonder verdere begroeting. “Succes ermee”, stuurde ik hem nog na.

Ik vervolgde mijn weg, stond daarna even aan te schuiven aan de kassa waarbij ik me plots realiseerde dat ik iets vergat. Ik keerde dus via een omweg terug op mijn passen en zag dezelfde man met een jonge Aziatische vrouw staan praten ter hoogte van de vleesproducten.

Aan haar gezicht af te lezen leek ze zich niet helemaal open te stellen voor de man.
Maar ik haalde mijn vergeten boodschap op, betaalde aan de kassa en stapte op mijn fiets af om mijn draagtassen ‘vloeiend’ in de fietszakken te schuiven.

“Ah, die schoenen ken ik” hoorde ik toen ik voorovergebukt een beetje stond te sukkelen.

Het was een vriend van me die ik de afgelopen dagen en weken al een paar keer ben tegengekomen in de stad. Soms omdat we afspraken, vaak ook toevallig, als hij ergens stond te praten en ik voorbijfietste of wandelde.

Los van mijn schoenen die hij de dag tevoren ook al had aanschouwd omdat ik er iets had over gezegd in de trant van “het zijn niet echt wandelschoenen maar mijn broek is te kort dus doe ik deze korte laarzen aan zodat het niet echt opvalt.”
Omdat we gingen wandelen was het wel een gedurfde keuze om een korte laars met hak te dragen natuurlijk, maar het wandelen lukte wonderwel.
We overschreden dan ook de 10km niet, misschien geen detail.

Ik begeef me vaak op straat om dan te vergeten hoe ik eruit zie. Met een regenbroek onder een regenjas, een muts over twee oren waaraan een mondmasker is gehaakt.
Een mondmasker dat ik al fietsend meestal gewoon onder mijn kin span om het aandampen van mijn bril te slim af te zijn.

Meestal consulteer ik ook het weerbericht niet.
Wat al eens tot verrassingen leidt al dan niet resulterend in een verkoudheid her of der.

Vroeger -en misschien moet ik ‘haar’ nog ergens hebben liggen – droeg ik bij regenweer op de fiets een cape. Maar als er dan een weerscombinatie was van regen én wind, kreeg ik vaak dat bodempje water in mijn gezicht gezwiept bij een windvlaag.

Als kind droeg ik dat niet graag om naar school te gaan. En de kansen om in de regen te rijden waren voor mij dubbel zo groot, omdat ik vele jaren thuis ben gaan middageten.
Zo heb ik ook ooit een broek verbrand door ze na de lunch snel even met de haardroger droog te blazen. Van iets te dichtbij.
Opbrengst: een zwarte schroeivlek en een gaatje. Het was een beige broek, dat herinner ik me nog. Eentje die ik graag droeg. Maar mijn ma heeft er een, hoe heet je dat, ‘applique’ op genaaid waarna ik ze nog heb gedragen.

Bijna net als die knielappen en ellebooglappen van (vooral) de jongenskledij in mijn kinderjaren.
Met die corona-proof ellebooggroeten moet dat misschien opnieuw een trend worden, zo van die zachte ellebooglappen die een beetje meeveren…

Soit. Genoeg geleuterd vandaag.

PS: Hieronder nog een geluidsopname die ik gisteren ‘inblikte’, naar aanleiding van het filmpje over de Vink dat ik er bij plaatste.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.