In de naam van

Photo by Stéphane Juban on Unsplash

Hoe waardevol is een onderzoek als je onderzoeksobject ‘weet’ dat het onderzocht wordt?
Hoe betrouwbaar is je conclusie als je onderzoeksobject zich gaat gedragen zoals in jouw verwachtingen ligt? Of net niet. Of soms wel, soms niet. Soms snel, soms rietepetiet.
Hoe ver ga je in je onderzoek als je ziet dat je onderzoeksobject zwaar aan het lijden is? Waarbij jij misschien onderstelt dat het niet komt door jouw te gretig, intrusief onderzoekswerk dan wel door de context waarin je object zich beweegt?

Hoe ver ga je in niet-handelen?
Hoe humaan is mens-zijn?
Hoe artificieel wordt authenticiteit als je het naar ‘zachte’ hand kneedt?

Als ik vroeger naar mijn kinderen keek in hun acties, dan deed ik dat vanuit een ontvankelijke nieuwsgierigheid om te begrijpen hoe hun leefwereld in elkaar zat. Om te begrijpen waar ze plezier aan beleven. Zo zag ik hen op een bepaald moment dansen op hetzelfde muziekje, heel verschillend in hun bewegingen, maar op de één of andere manier zag ik harmonie in hun samen-apart-dans. Ik kon dan natuurlijk ingrijpen door te roepen dat het koekjestijd was. Om na te gaan hoe hun dans dan veranderde of te kunnen concluderen dat het instant genot van het eten van een koekje opwoog tegen het plezier van je over te geven aan muziek, wat natuurlijk mijn vooronderstelling was. Ook kon ik aansturen om hen opnieuw te laten dansen na het koekje om zo de impact van het gegeten koekje in danskaart te brengen.
Maar ik liet hen en genoot van hun plezier.

Op een ander niveau zou je kunnen het koekje vervangen door medicatie.
Of een welgemeende maar alsnog niet-authentieke knuffel, omwille van de onderzoekscontext.
Of je kan eens goed rek zetten op veerkracht tot de ‘e’ er uit is en het allemaal opnieuw zo overweldigend voelt als toen wellicht het geval moet zijn geweest. Voor je onderzoeksobject bedoel ik.
Wat wartaal is, uiteraard. Te schrappen uit de observaties.

Gisteren heb ik in een mooie juwelenzaak waar ik graag kom overduidelijk nep-oorbellen gekocht. Te duur voor de nep, maar ik vond ze mooi en ze hadden een symboliek voor me. Dus kan het mij allemaal begot niet schelen.
Zo word ik grijs en nep. Misschien de nieuwe trend van gisteren, als ik mag vooruitblikken?

Vandaag doet mijn lichaam opnieuw heel veel pijn en heb ik ook opnieuw op veel plaatsen blauwe vlekken.
Maar ik zal naar de huisarts gaan als ze weg zijn. Om te kunnen zeggen dat ‘niets’ helpt.

Misschien moeten we onze kinderen leren om te dissociëren op een veilige manier. Zodat, wanneer de wereld overweldigend wordt, ze een plek hebben om even naar te vluchten. Om dan terug te komen als de storm geluwd is. Misschien valt het te leren hoe dat veilig kan.

Heb immers ooit ergens gelezen dat je in overweldigende omstandigheden vooral niet moet gaan proberen eruit te geraken. Gewoon wat drijven op drijfzand. Stilzitten in het oog van de storm. Surfen op de golven van je kwetsbaarheid.
Of dissociëren dus, op gedachtenvlucht gaan in één of ander bewustzijnsniveau. En de storm laten overwaaien.

Ik zeg maar iets…

Warms, uitdehaard.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.