Een nieuw begin

Photo by Gayatri Malhotra on Unsplash

‘Een nieuw begin.’

Dat zou de titel moeten worden van mijn nieuwe blogbericht, zo vond hij.
Ik deed er lang over. Ik hoop dat hij er niet op zat te wachten…af en toe kijkend of ik intussen woorden had gebreid over dat thema. Tot zijn geduld het opgaf.

De eerste letter liet op zich wachten omdat er zoveel ‘moetens‘ waren, de laatste tijd. Tot ik gisteren volledig uitgeteld steeds weer in bed kroop tussen de gezamenlijke maaltijden door, omwille van de slapeloze en schrijnend huilerige nacht. Koude liet zich voelen tot in mijn ruggengraat. Het was pas in de ochtend dat ik me realiseerde dat ik mijn medicatie was vergeten innemen de avond tevoren. Getuige de pillen die nog steeds op mijn nachtkastje lagen te wachten.

Het was duidelijk te zien in de ochtend dat ik een hele nacht had gewoeld en gehuild. Zwaar opgezette ogen. Vochtkussentjes. Maar ja, ik zou tijdig opstaan…een eerste been uit bed zetten en het tweede erop laten volgen. Op een degelijk uur.
Mijn spiegelbeeld trotseren, dat ook. Ik zou mijn huisgenoot onder ogen komen.
Hij zei er niets over. Maar toen ik in de namiddag aangaf dat ik het moeilijk had gehad, vooral in de ochtend, had hij beaamd dat hij dat duidelijk had waargenomen.

En toch. Hij had diezelfde ochtend met schitterende ogen gezegd dat hij mijn woorden van de dag tevoren die nacht in overweging had genomen. En hij zou inderdaad mijn raad opvolgen en het pianospelen niet zomaar opgeven omdat het te moeilijk werd, op zijn leeftijd. Traagheid en coördinatieproblemen, waardoor hij geen plezier meer had in het spelen. Het spelen van moeilijke stukken, waar hij zo hard voor had gewerkt en zo bekwaam in was geweest.
Maar hij zou nu, zoals ik had gesuggereerd, andere partituren ter hand nemen, van stukken die eenvoudiger waren, van stukken die hij veel vroeger in de vingers had gekregen. En ja, hij had het al ondervonden, daar vond hij inderdaad nog steeds plezier in.

Ik luisterde naar zijn relaas, was dankbaar dat hij mijn woorden in overweging had genomen, sloot na het ontbijt de keukendeur achter me. En bij de eerste treden naar mijn kamer kwamen weer de tranen tevoorschijn. Tranen die me bevestigen dat ik niet ‘genoeg’ ben. Tranen die me steeds weer vertellen dat de ziekte die ik te dragen heb zwaar weegt. Inspanning vraagt. Tranen die cumuleren omdat zo weinig mensen lijken te begrijpen dat mijn leven niet zo evident te noemen is als blijkt uit mijn handelen.

En daar zijn ze weer, die tranen van me. Dat fabriekje lijkt nooit te stoppen met werken. Overuren worden daar gedraaid, op onmogelijke uren.

Maar kijk. Waar ik toe wou komen is dat vandaag mijn weg een bochtje maakte. Neen, niet mijn weg, de ‘ik’ die ik gisteren nog was besloot een andere richting uit te gaan. Weg van de ‘moetens’. Weg van de ulteame oplossing van vannacht die in Wemmel ligt, naar de ultieme oplossing die in ‘zijn’ ligt.
Mijn soort van zijn. Met pijn, daar kan ik niet onderuit. Maar met een andere invulling van tijd. Tijd om zelf in te vullen in overeenstemming met de energie die leeft. Tijd om te zijn, luisteren, observeren, verbinden, proeven, ontdekken…een nieuwe richting uit te gaan.

En bij mijn ‘tijd‘, mijn ‘zijn‘, hoort ‘schrijven’.

Ik ben een dik kwartier geleden ‘thuisgekomen’. Mijn huisgenoot zei zodra ik een voet binnenzette dat het fragment dat ik hem vanmiddag doorstuurde, een fragment dat ik vond in het dagboek van Wannes van de Velde, ‘interessant’ was.

‘Onder de woorden blijft het wit bestaan en maakt de woorden mogelijk.’ Dat waren de woorden die ik uit de dikke bundel oppikte. Die me deden besluiten de bundel aan te schaffen. Tja, sommige dingen veranderen niet…
En ik voelde dat ik het schrijven miste. Het niet moeten, maar willen schrijven van woorden die me deugd doen.

En hoe ik intussen ook heb besloten vanaf nu mijn schuilgaan achter een pseudoniem open te stellen voor nader onderzoek.

Als ik de les van vanavond goed begrepen heb, draait voor Pierre Hadot de filosofie rond ‘de manier om in het leven te staan.’
Ik heb vandaag een manier gevonden die me deugd deed. Ik heb daarbij niemand kwaad gedaan. De wereld geen onrecht aangedaan. Mezelf troost gegeven. Geborgenheid. Ik ben recent vijftig geworden. Een kind nog…

Misschien bestaat mijn levensKunst erin om steeds weer woorden te vinden die mijn pijn verzachten. Dat lotgenoten in die woorden troost vinden, is een mooie surplus.

Ik hoop dat hij dit leest. Hij is één van de mooiste, puurste mensen die ik ooit heb ontmoet. Hij deelde zijn intense pijn. Zijn angst. Ik probeerde beide wat te verzachten. Hij had me graag. Ik hem ook.
We deelden geen gegevens. Omdat hij slechte ervaring had met het delen van gegevens en het opnemen voor lotgenoten.
Ik begreep dat. Ik respecteerde dat. Maar ik draag hem in mijn hart.

Ik wens hem toe dat hij mooie woorden vindt, als hij er het meest nood aan heeft.

Ultieme woorden, die zacht zalven.
De ultiemste woorden zullen diegene zijn, die hij zelf schrijft, denk ik.
Hij is de zachtste woorden waard!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.