Balletje opgooien

Photo by Tienda Bandera on Unsplash

Zoals elke ochtend kwam ik beneden in de keuken, zette water op voor de koffie en schoof vervolgens het schuifraam naar mijn koertje open. Even diep in- en uitademen, naar de hemel kijken en van de bloesems genieten.

De felgekleurde zachte bal op het klaptafeltje lonkte me en ik nam hem mee onder mijn arm toen ik buitenstapte. Nog onwetend wat ik ermee zou aanvangen. Ik kocht hem als surrogaat voor de ballon die me kon helpen bij een eutonie-oefening die ik net aangeleerd kreeg.
Dan zou ik de bal tussen schouders en muur moeten stoppen en langzaam, aandachtig voelend, het contact en de interactie waarnemen.

Mijn ondeugende glimlach kondigde echter een ander plan aan.
Ik nam de bal in mijn rechterhand en gooide hem pittig verticaal omhoog.
Ving hem gezwind weer op.
Tweede keer. Iets minder hoog.
Derde keer, oeps beetje schuin, beetje hard…oeps, bal weg…

Ik strompel terug naar binnen in een lachbui.
Ja Fiducia, ga nu maar bij je buren bedelen om je bal terug te krijgen. Wat ga je hen zeggen he, dat het ‘onze’ bal is? Dat ‘wij’ hem per ongeluk over het tuinhuis van de buren hebben gekeild? Kan je dat, Fiducia?

Neen, Fiducia kan dat niet. Als Fiducia iets zots doet neemt ze daar de volledige verantwoordelijkheid voor op en doet ze wat ze moet doen. Niet erg zwaarwichtig in dit geval, maar wel met een beetje onbehaaglijk doemdenken dat als de bal lang zou moeten blijven liggen, de regen er wel eens een compleet andere bal van zou kunnen maken.

Ik schreef een briefje, nog steeds schuldbewust binnenprettig:
Beste, mijn bal is vermoedelijkin uw tuintje beland. Kan ik die komen oppikken? Dank. Ik, en mijn GSM-nummer
Ik schreef dit briefje alvast zodat ik de boodschap kon achterlaten mocht er niemand thuis zijn.

Dus ik in mijn kleren geschoten en met GSM, briefje en sleutel richting buren.
Aangebeld.
Even later opent een oudere dame de deur.
Luistert met een frons naar mijn verhaal, waar ik blijkbaar toch een beetje struikel tussen we en ik, maar ze concludeert dat ze meteen gaat kijken. Ik mag even binnenkomen maar doe het niet.
Even later zie ik mijn bal flirtend in haar rechterhand op me toekomen.

‘Zo leer ik mijn achterburen ook eens kennen’ zegt ze nog.
Nu kennen we alvast elkaars naam.
Ik bedank haar en blijf mezelf op de terugweg heel erg ondeugend voelen.

Zie die vrouw daar lopen met die bal in haar handen…hoor ik mijn fantasieburen denken.

U moest eens weten mensen, zo zot als een deur is die.
Dat zetten we er in de kranten bij als ze nog eens een balletje opgooit zo vroeg in de ochtend.
Wat denkt ze wel, dat de wereld een speeltuin is?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.