De schaduw belicht

Photo by Matthew Ansley on Unsplash

Hij kwam al twee keer langs op één week.
Vrijdagochtend, toen ik hem op tafel bij mijn lichaamstherapeut voor het eerst in het vizier kreeg.
Hij danste, tot hij opgeslokt werd door een fel licht. Het was mijn schaduwkant, daaraan twijfelde ik geen moment.

Afgelopen zaterdag toen ik in een kasteel in de Ardennen onder zorgzame instructies een groot deel van mijn blad zwart bekliederde. Afgescheiden van het verbindende deel van mijn schilderij waar vrolijk blauw en ondeugend rood zich amuseerden.
Hij, mijn schaduwkant dus, trok ook de aandacht van twee mensen met wie ik samen onze drie schilderijen onder de loep nam.

Dat hij niet helemaal zwart was, die schaduwkant. Dat er kleur in zat en dat hij gerust ook in het licht mocht treden. Dat hij mocht meedoen. Ik goot hem in een intentie voor de nacht en zou hem onderzoeken en omarmen.
Die nacht werd ik rond kwart voor één wakker in angst. Er raasde stormweer en bracht tocht van raam tot raam via het dekbedovertrek van mijn kamergenote en dat van mij. Er kraakte vanalles in de kamer. Ik probeerde dingen te ondercheiden maar het was aardedonker.
Ik bracht de angst via mijn bewustzijn tot zwijgen en viel ergens onderweg terug in slaap.

Maar die ochtend was ik niet zo zeker meer of ik de intentie wilde aanhouden. Ik neem al zo grondig oude pijn onder de loep. Hoe ver moet ik gaan? Mag het ook eens wat luchtiger?!

Er leefde onrust en vage angst in mij toen we na het ontbijt incheckten in een kring. Maar toen later de opdracht kwam om een sprookje te schrijven op een half uur en het in groepjes van vijf te delen, kwam mevrouwtje goesting al snel op de proppen. Mijn pen raasde over het papier met het verhaal dat ik hier gisteren postte op de blog als resultaat. Bijna niets geschrapt tussen mijn eerste pennenstreek en het laatste punt op mijn klavier.

En toen het besef.
Alweer.
Ja, ik schrijf verdomd graag. En ja, blijkbaar worden mijn teksten ook graag geconsumeerd.
Dan toch een valabel spoor richting ‘een boek’?
Een prentenboek…al zal dan iemand anders de prenten moeten uitwerken.
Of neem ik ook opnieuw het tekenen au sérieux en oefen ik tot er zich ook daar iets interessants aandient?

Alleszins is mijn dag vandaag anders verlopen dan gemiddeld en dat voelt goed.
Ik ben wat langer in bed gebleven, ben na de wasbeurt en het ontbijt te voet naar de bakker en naar mijn vrijwilligersstek gestapt. Een paar uurtjes gebrainstormd op workshops samen met mijn collega en vervolgens te voet weer naar huis.

Ik stap minder graag dan dat ik fiets, maar ik kies er nu bewust voor om te vertragen en mijn omgeving met aandacht in me op te nemen.
Mijn bewustzijn mag weer wat in conditie geraken. De laatste dagen en weken was ik behoorlijk oordelend en dat is dan misschien wel begrijpelijk gezien de omstandigheden, ik vind het geen fijne modus. ‘Te veel’ zegt mijn agenda waardoor ‘Te snel’ het overneemt van het bewustzijn. Misschien moet ik mijn agenda bemannen met ‘Is dit echt nodig, nu?’

Zijn en laten zijn. Loslaten en omarmen. Luisteren en verstillen.
En stoppen na elk punt.
Om in de leegte die volgt de essentie te vatten.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.