Fijn moment gewenst

writing

‘Vind je dat dan niet erg, dat bijna niemand je blogberichten leest? Ik bedoel, je steekt er toch moeite in om ze te schrijven.’

Ik glimlachte naar haar. Neen, ik vind dat dus niet erg.
Meer nog, wellicht is het strategisch gezien wel heel dom om hier zo open en bloot te verkondigen dat bijna niemand mijn schrijfsels leest. Vermindert het lezerspubliek daardoor, omdat de toevallige passant hier dan eens door mijn eigen woorden bevestigd krijgt ‘Oei, normaal volk passeert hier niet. Ik zal ook maar wegblijven.’

Waarom ik dat dan allemaal schrijf?

Wel, beste zeldzame lezer, omdat schrijven voor mij een manier is om mijn leven even te vertragen. Als ik neerleg wat er allemaal in mijn hoofd langskomt, hoef ik het niet meer rond te dragen, het kreeg immers al een plekje. Net als al die ‘to do´s’ die mijn hoofd bevolken. Gewoon, bij de afwas, die ik overigens met de hand doe, een blocnote en pen neerleggen op het aanrecht. En even handen afdrogen om een opborrelende ‘to do’ te noteren. En mijn gedachten kunnen weer vrijelijk vloeien langs schoon geschrobde borden en kookpotten. Niet zelden gevolgd door een zelf gefabriceerde aria trouwens.

Mijn eigen voornemen in mijn vorige blogbericht om dagelijks te schrijven lukt aardig. Al willen die dertig minuten ochtendpagina´s in plaats van vóór dag en dauw al wel eens na het avondeten geschreven worden.

Dagelijks mijn dankbaarheid uiten werkt ook heel krachtig.
Vandaag zal ik mijn schriftje wellicht met een glimlach ter hand nemen, schreef ze in ietwat omfloerste bewoordingen.
Klopt dat? Of is het ‘omfloersde’?
Neen, ‘omfloerste’ blijkbaar, want mijn tekst editor geeft een ‘fout-want-rood-onderlijnd’ bij de ‘d’-versie. Wat dit allemaal voor onzin is?
Taal, lieve mensen en een uiting van mijn liefde daarvoor. Ik kan het niet helpen…

Ik herinner me de laatste tijd vaker gemoedstoestanden uit mijn kindertijd. Hoe ik van opstellen hield, maar niet van de tekening die we er aan moesten toevoegen op de laatste bladzijde van het dubbele blaadje. En ook niet helemaal of misschien toch maar dan een heel klein beetje van het voorlezen ervan voor heel de klas.
Met of zonder idiote feedback van de leerkracht.

‘Mijn moeder was een druk bezette vrouw’.
Gelach van de leerkracht.
Alsof wij in het eerste middelbaar moeten weten waar hij met zijn gedachten rondwaart.
Wel 9,5/10 en voor de klas brengen.
Misschien net omdat hij dan de ruimte kon nemen me en plein public uit te lachen om mijn formulering.

Overigens, die 9,5/10 op de spreekbeurt die ik hield over spinnen datzelfde jaar was wellicht ook wat overdreven. Ik bedoel, waar haal je het (als zelfverklaarde mini-bioloog) om op de vraag uit de klas hoe lang het duurt voor een spin om een web te maken te antwoorden ‘soms wel een jaar’.
En niemand die reageert, terwijl jij ietwat onzeker de klas overschouwt.
De vraagsteller keek wel dromerig uit het raam na mijn antwoord.
Overtuigend juffrouw! Goed didactisch onderbouwd ook met uw bordtekening over de creatie van het spinnenweb.
Met een half dode spin – wegens de weken uitstel – in een stevig afgeplakt doorzichtig plastic doosje als studiemateriaal voor de klasgenoten.

Zalig. Me zo´n dingen herinneren.
Vermoeide zucht.

Even stilte.

Tevreden.
Dat is het woord dat nu het meest mijn gemoedsgesteldheid weergeeft.

Dankbaar ook. Voor die zeldzame mensen die wel mijn blogberichten lezen en me even laten weten dat ze er inspiratie uit halen. Het is overigens ook fijn om af en toe zelf één of ander bericht te herlezen. Dat roept herinneringen op. Dan sta ik opnieuw even stil.

En is het niet door even stil te staan dat vooruit gaan dat ietsje soepeler verloopt?

Fijn moment gewenst.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.